Invloed beleggers blijft zeer beperkt

De zeggenschap van aandeelhouders in Nederland blijft ondermaats. Nederlandse bedrijven geven aandeelhouders weinig rechten, handhaven hoge beschermingswallen en benoemen bestuurders in eigen kring. Alleen met de openheid gaat het beter.

Dit blijkt uit het jaarlijkse onderzoek van het Belgische adviesbureau Déminor naar corporate governance, het bestuur van ondernemingen. Déminor bekeek de situatie in negen landen en gaf rapportcijfers van 1 tot 5. Alleen Zwitserland, dit jaar voor het eerst onderzocht, scoort slechter dan Nederland, dat vorig op de laatste plaats stond.

De `doorzichtigheid' en `verantwoordingsplicht' van ondernemingen werd in Nederland een thema na de verschijning van het rapport van de commissie-Peters. Peters deed veertig aanbevelingen om het ondernemingsbestuur te verbeteren. Verschillende beursgenoteerde bedrijven gaven aan wat zij gingen doen met `Peters'. Nu constateert Déminor: ,,Nederlandse bedrijven hebben duidelijk hun belangstelling voor deze code verloren.''

Aandeelhouders zijn liefhebbers van het één-aandeel-één-stem-principe, maar komen in Nederland (score: 1) niet aan hun trekken. Hun rechten worden bij 80 procent van de ondernemingen beperkt door tal van constructies zoals certificaten zonder stemrecht en gouden aandelen. Heineken doet het in Nederland volgens Déminor nog het best. De macht van beleggers wordt verder beperkt door een wal van beschermingsconstructies (score: 1) tegen `vijandige' overnames. Reed Elsevier is in Nederland een witte raaf.

De wijze waarop op het bestuur wordt samengesteld vindt weinig genade (score: 2). Nederlandse bedrijven zijn wel opener geworden (score: 3) in vergelijking met vorig jaar (score: 2). Vooral Unilever geldt als een open bedrijf.