Bladeren

Wirtschaftswoche

,,De mensen maken geschiedenis, maar ze weten niet welke.'' Met dit citaat van Friedrich Hegel karakteriseert het Duitse zakenblad Wirtschaftswoche de onenigheid tussen de lidstaten van de Europese Unie over hun gezamenlijke toekomst.

Duitsland zet de hakken in het zand bij het sociaal-economische beleid. Engeland, Ierland, en Luxemburg blokkeren de belastingpolitiek. En Frankrijk vindt dat Europa niks te maken heeft met binnenlandse politiek en met justitie. Dat betekent volgens het blad dat de uitbreiding van Europa naar het Oosten nog lang niet aan de orde is.

Fortune

Hoe langer de Oost-Europese landen buiten de Europese Unie blijven hoe groter de kans wordt dat ze zullen afzien van volledige lidmaatschap. Want, meent het Amerikaanse zakenblad Fortune, naarmate de aspirant-lidstaten rijker worden zullen ze minder belang hebben bij het EU-lidmaatschap. Tenslotte vinden Noorwegen en Zwitserland, twee van de rijkste Europese landen, het niet eens de moeite waard om lid te worden van de Europese Unie.

En rijker worden doen ze, de vijf Oost-Europese aspirant-lidstaten. Van 1995 tot 1999 kreeg Hongarije directe buitenlandse investeringen ter waarde van een kwart van het bruto binnenlands product. Tsjechië blijft daar niet ver bij achter. In beide landen is het bruto binnenlands product per hoofd van de bevolking al meer dan de helft van het EU-gemiddelde. Polen en Estland hebben dat niveau bijna bereikt. Ook in Rusland groeit de economie, met 7 procent, terwijl de industriële productie 10 procent groeit.

De belangrijkste reden waarom de uitbreiding van de EU naar het Oosten op zich laat wachten is volgens Fortune dat de Unie het zich niet kan permitteren de boeren in Oost Europa net zo te verwennen als hun West-Europese collega's.

The Economist

De Russische economie mag er dan op het eerste gezicht goed voor staan, de rijken hebben er nog steeds weinig vertrouwen in. Ze weten niet hoe gauw ze hun geld in het buitenland moeten krijgen. Het Britse weekblad The Economist rekent voor dat Rusland dit jaar een handelsoverschot heeft van 60 miljoen dollar, dat de reserves van de centrale bank met 16 miljard groeien, en dat het land 11 miljard dollar aan schulden heeft afbetaald. Waar is dan de resterende 33 miljard dollar?

Een klein deel ervan heeft volgens het blad een legale bestemming maar het meeste geld verdwijnt illegaal, of half illegaal, want de Russische wetgeving is erg tegenstrijdig. Dat is op zich zelf niet zo erg, maar het gekke is dat de kapitaalvlucht doorgaat onder omstandigheden die nog nooit zo gunstig zijn geweest voor investeren in eigen land als nu.

Die Woche

Wladimir Potanin verbaast zich in Die Woche niet over de kapitaalvlucht uit zijn land. Als eigenaar van Norilskij Nickel, een mijnbouwcomglomeraat dat goed is voor 1,8 procent van van het Russische bruto binnenlands produkt, ziet hij het zo: ,,Zo lang we de kapitaalstromen met administratieve methoden regelen wil niemand hier investeren. Want als je officieel geen dividend mag ontvangen, verdwijnt het geld in het grijze circuit.'' Het klimaat voor ondernemen en investeren laat nog veel te wensen over. Zo wijst Potanin er op dat de juristen die nu de economische geschillen behartigen nog gestudeerd hebben in een tijd dat ondernemen in het wetboek van strafrecht werd aangemerkt als een misdaad.