Stemgedrag mag niet duister blijven

Het Amerikaanse Hooggerechtshof verbood zaterdag de hertelling van `blanco' stemmen in Florida. Daarmee laadt het de verdenking op zich medewerking te verlenen aan een politieke campagne die wil verdoezelen hoe in Florida is gestemd. Dat is niet goed voor het land, meent E.J. Dionne Jr.

Er gaat een verhaal over een bankrover die op heterdaad wordt betrapt door een politieagent. Terwijl de dief onder de ogen van de agent het geld in zijn zak stopt, ontkent hij brutaalweg dat hij de bank heeft overvallen en vraagt dan: ,,En, geloof je mij of geloof je je eigen ogen?''

De meerderheid van het Hooggerechtshof van Florida sprak zich vrijdag uit vóór handmatige hertelling in Florida – waar men prompt mee begon en zaterdag abrupt weer mee moest stoppen. Het hof deed de wijze en moedige uitspraak dat maar op één manier kan worden voorkomen dat een van beide partijen de verkiezingsuitslag voor de neus van de andere wegkaapt, en wel door al die nog niet onderzochte stembiljetten met onze eigen ogen te bekijken om te zien, ècht te zien, wie heeft gewonnen.

En daarom zal het land nog spijt krijgen van het besluit van de vijf rechters van het Amerikaanse Hooggerechtshof, die zaterdagmiddag de handmatige telling in Florida verboden. Het hof had het recht de uitspraak van het Hooggerechtshof van Florida te herzien. Maar in het licht van de deadline van morgen, als de uitslag bekend moet worden gemaakt, zal de beslissing van het hof om tot de hoorzitting van maandag het tellen te staken, de geschiedenis ingaan als een flagrante politieke inmenging in het voordeel van de Republikeinse presidentskandidaat George W. Bush – en tevens als botte inzet van federale macht tegen een staatsgerechtshof dat eerlijke verkiezingen wilde.

In historische bewoordingen verklaarde rechter John Paul Stevens namens de vier tegenstemmers in het Hooggerechtshof en namens miljoenen Amerikanen: ,,Door de hertelling te staken wordt de legitimiteit van de verkiezingen onherroepelijk in het geding gebracht.''

Zou de meerderheid van het Hooggerechtshof bang zijn geweest dat het hof verzeild zou raken in de situatie dat het moest ingaan tegen de stem van het volk, als na het tellen was gebleken dat de Democraat Al Gore de verkiezingen had gewonnen? Alleen al het feit dat deze vraag zich voordoet, geeft aan hoe gevaarlijk de beslissing van het hof is.

Neem nou de andere opvatting, het argument van het Hooggerechtshof van Florida. ,,De uitslag van deze verkiezingen moet worden bepaald door zorgvuldig onderzoek van de stemmen van de burgers van Florida, en niet door strategieën die niets met het stemproces te maken hebben.'' Met andere woorden: niet rechters, niet rechters van het Hooggerechtshof, niet parlementsleden, maar de kiezers moeten beslissen wie de vijfentwintig kiesmannen van Florida krijgt.

Als Bush was ingegaan op het voorstel van Al Gore om de stemmen van de hele staat te hertellen, had het Hooggerechtshof zich niet in diskrediet hoeven te brengen met politieke onenigheid. De aanhangers van Bush doen zulke verwoede pogingen hertelling te verbieden, dat zij het eigenlijk eens lijken te zijn met de aanhang van Gore: dat Gore na een eerlijke hertelling Florida zou blijken te hebben gewonnen.

Vanzelfsprekend willen zowel Gore als Bush deze verkiezingen winnen. Maar het meningsverschil gaat in de kern over hetzelfde punt dat in het Amerikaanse Hooggerechtshof een scheiding der geesten teweeg heeft gebracht: het ene kamp bedient zich steeds van het woord `constitutioneel' en het andere heeft het constant over `democratie'.

De constitutionalisten zien in iedere poging van het Hooggerechtshof van Florida tot een eerlijke hertelling van de stemmen een vorm van rechterlijk activisme, die verworpen dient te worden. Bush, zo zullen ze betogen, heeft het recht verdere tellingen te verbieden – en zelfs als was gebleken dat Gore Florida had gewonnen, zou hij het recht hebben gehad de tellingen naast zich neer te leggen.

De constitutionele oplossing is volgens hen dat het parlement van Florida kiesmannen aanwijst, en dat het Congres ze accepteert. En anders dat helemaal wordt gestopt met stemmen tellen, als daarvoor een meerderheid in het Amerikaanse Hooggerechtshof bestaat.

De kant van de `democratie' zegt daarentegen dat het hof van Florida niet namens zichzelf spreekt en geen actie voert, maar namens duizenden afzonderlijke kiezers spreekt die door gebrekkige machines van hun stem zijn beroofd. Deze partij merkt verder op dat in de Constitutie de parlementen van de staten de verantwoordelijkheid is gegeven kiesmannen aan te wijzen, maar dat zij deze verantwoordelijkheid al meer dan een eeuw lang overdragen aan de kiezers – het volk.

Toen de Grondwet werd opgesteld, dacht men dat alle kiesmannen door de parlementen zouden worden gekozen. Het stemrecht was aan veel voorwaarden gebonden. Met behoud van het kader van de Grondwet is in de loop der jaren het stemrecht uitgebreid tot mensen zonder bezit, en later tot Afrikaanse Amerikanen en vrouwen. In deze democratische ontwikkeling past ook de verkiezing door het volk van degenen die de president aanwijzen. Wie niet vindt dat de kiesmannen door de kiezers moeten worden aangewezen – en dus dat er een eerlijke hertelling van de stemmen in Florida moet komen – neemt genoegen met een minder democratische wereld.

Misschien zal een van de vijf rechters die zaterdag de hertellingen verboden, zo verstandig zijn vóór de definitieve beslissing van gedachten te veranderen. Zo niet, dan krijgen we te maken met het fenomeen dat een krappe conservatieve meerderheid in het Hooggerechtshof medewerking verleent aan een politieke campagne, die tot doel heeft te verdoezelen hoe de kiezers van Florida eigenlijk hebben gestemd. Dat kan nooit goed zijn voor het hof, en zeker niet voor het land.

E.J. Dionne Jr. is columnist.

© Washington Post Writers Group