In het paleis

Twee landen, twee culturen. In Engeland gaat het ene prachtmuseum na het andere open: het Tate Modern, het vernieuwde British Museum, het kan niet op. Onderwijl wordt daar serieuzer dan ooit gezaagd aan de poten onder de monarchie. Steeds meer Britten roepen dat het koningschap, een topfunctie waarvoor slechts leden van één familie in aanmerking komen, mits lid van de juiste kerk, passé is.

In Nederland lees je de laatste tijd op de opiniepagina's vaker dat het Rijksmuseum moet worden afgebroken, dan dat de monarchie – die met Alex' trouwplannen toch echt iets moeizaams begint te krijgen – beter kan worden afgeschaft. Intussen richt de koningin in het armlastige Stedelijk Museum een tentoonstelling in, die door pers en gecultiveerd publiek eenstemmig wordt geprezen. Hij is dezer dagen opengegaan onder de melige titel De Voorstelling – Nederlandse kunst in het Stedelijk Paleis.

Waar wil je liever wonen?

Als je directeur Rudi Fuchs mag geloven, is aan koningin Beatrix een begenadigd museumconservator verloren gegaan. Koppigheid, gretigheid, haast, dat waren zo'n beetje de karaktertrekken die hij aanvoerde. Nog nagenietend vertelde hij aan de verzamelde pers hoe the queen and he hadden staan schuiven met een oranje kunststof kangoeroe, een werk van Rob Birza dat iemand op het laatst uit het magazijn had gehaald. Oranje! Hoe toepasselijk! Pas na drie kwartier schuiven vond Trix dat hij eindelijk goed stond. (Tot mijn ontgoocheling bleek het ding later gewoon schuin in een hoek van een zaaltje te staan, niks bijzonders.)

Het is bekend: waar vorstelijke personages verschijnen, maakt zich van veel mensen een onderdanigheid meester die pijnlijk is om te zien. Daarbij hoort ook de neiging om alles bijzonder vinden wat het personage doet of zegt. De koningin schuift zelf met Birza's kangoeroe! De koningin pakt schilderijen op, ja, zij geeft iemand een hamer aan!

Maar al te bijzonder mag ook weer niet, want met nadruk wordt ons verzekerd dat Trix haar persóónlijke voorkeur naar de achtergrond heeft geschoven. Nu ja, zij houdt van werken waarin je de hand van de kunstenaar ziet. Verder blijft wat zij zelf mooi vindt geheim, en is haar tentoonstelling gewoon een breed overzicht van naoorlogse kunst. Als ordeningsprincipe kregen de museumzalen de namen van imaginaire paleisvertrekken: antichambre, salon. Waarom heeft niemand gezegd dat dat ook weer een melig, om niet te zeggen infantiel idee is? In de catalogus is het helemaal op een ongelofelijke manier geïllustreerd: met foto's van anonieme buitenlandse (!) paleizen, overgenomen uit willekeurige kunstboeken. Zoiets zie je niet vaak in een serieuze museumcatalogus.

Het vreemdste blijft echter de omzichtigheid rond het staatshoofd, zelfs in de sfeer van de kunst. Wat kan haar in godsnaam gebeuren? Ja, zij heeft een tentoonstelling ingericht – maar o nee, we mogen niet denken dat die iets over haar zegt. Ja, er zijn werken bijgeleend – maar denk vooral niet dat mevrouw de museumcollectie te beperkt vond. Zelfs als Fuchs zich per ongeluk laat ontvallen dat er tijdens de werkbesprekingen asbakken op tafel stonden, prevelt hij in de volgende zin dat die voor hemzelf waren, niet voor Haar.

Van tweeën een, zou je zeggen. Of je laat iemand die je interessant vindt een tentoonstelling samenstellen, en dan gaat het er vooral om dat diens eigen smaak en voorkeur tot hun recht komen. Of je biedt een gevarieerd overzicht van Nederlandse kunst van de laatste zestig jaren, voor zover dat kan met de eenzijdig modernistische collectie van het Stedelijk Museum. Maar dan heb je geen koningin nodig, en om haar toch erbij te halen heeft iets onderdanigs. Ze konden er natuurlijk niet meer onderuit, toen de vorstin het zo bleek te willen, maar het maakt de vertoning niet minder onnozel.

Het resultaat is een bovenmaatse overzichtstentoonstelling met het gezicht van Beatrix er op geplakt. En of Fuchs haar echt zou willen hebben als zij binnenkort zou besluiten dat conservator zijn toch leuker is dan koningin, is nog maar zeer de vraag.

    • Ileen Montijn