Onrust en onvrede bij Inspectie Gezondheidszorg

De cardioloog J.H. Kingma zou `vrede brengen' bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg, en het `beste uit mensen halen'. Een half jaar na zijn aantreden overheerst echter onvrede.

Hij wist `uit de krant' dat het bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg een ,,godvergeten klerezooi'' was. Toch trad Jan Herre Kingma, cardioloog in Nieuwegein, op 1 juli van dit jaar aan als inspecteur-generaal voor de gezondheidszorg op het ministerie van VWS. ,,Ik ben goed in moeilijke klussen'', zei Kingma in NRC Handelsblad en hij noemde zichzelf een warlord, een krijgsheer die vrede zou brengen bij de inspectie, de dienst die toezicht houdt op de volksgezondheid. In het vaktijdschrift Medisch Contact zei hij dat zijn eerste taak was: ,,het beste'' uit zijn mensen halen.

Maar vrede is het nog lang niet bij de Inspectie, waar nu al zo'n vijf jaar lang wordt gereorganiseerd. En naaste medewerkers, `zijn mensen', kunnen vertrekken als ze kritiek hebben op, alweer, een nieuwe reorganisatie die door Kingma `een versnelling' wordt genoemd.

Afgelopen voorjaar waren het vooral de arts-inspecteurs in het land die zich kwaad maakten over de reorganisatie. Ze vreesden dat ze hun werk niet goed meer konden doen. Het aantal regionale inspecties werd teruggebracht van zeven naar vier, de dienst zou strakker worden geleid door `Den Haag'. Bij de Inspectie werken in totaal zo'n 360 mensen, de helft daarvan werkt op het hoofdkantoor in Den Haag. Ook daar overheersen nu, na het aantreden van de nieuwe inspecteur-generaal, onrust en onvrede. Vooral het gedwongen vertrek van hoofdinspecteur Herbert Plokker, die bekend staat als een gedegen, kwalitatief sterke inspecteur, heeft tot woede geleid bij de topambtenaren. Het ontslag van Plokker had vooral te maken met de voorgestelde splitsing van zijn afdeling preventieve en curatieve zorg. Van medewerkers kwam kritiek op dat plan, Kingma hield Plokker verantwoordelijk voor die kritiek en zegde hem de wacht aan, per 1 januari 2001 kan hij vertrekken. Ook hoofdinspecteur Rob Smeets verliet de dienst.

,,Ze zijn er door Kingma uitgewerkt'', zegt één van de medewerkers, ,,omdat ze weigerden naar zijn pijpen te dansen.'' Ze durven niet met hun naam in de krant. Na eerdere berichten over problemen bij de regionale inspecties werd een onderzoek ingesteld naar `verdachten', inspecteurs die mogelijk hadden `gelekt'. Ze werden urenlang ondervraagd.

CDA-Kamerlid Siem Buijs krijgt `signalen' van onvrede, zegt hij, en hij verbaast zich over de personele wisselingen op het hoofdkantoor. Die duiden er volgens hem niet op dat ,,de rust is teruggekeerd in de organisatie''. ,,En dat zou je toch verwachten na het aantreden van de nieuwe inspecteur-generaal.'' Een van de betrokken ambtenaren zegt dat veel mensen moeite hebben met de `management-stijl' van Herre Kingma. Bij Kingma's voorganger, de vorig jaar overleden Jitze Verhoeff, stond de deur altijd open, veel zaken werden in de deuropening geregeld. ,,Bij Kingma verloopt de communicatie hoofdzakelijk per memo of per brief. Hij heeft zich volledig afgesloten.'' Eén van de eerste acties van Kingma was het vervangen van de secretaresse en de chauffeur van Verhoeff.

Eind oktober schreef hij een brief naar zijn medewerkers, een evaluatie na zijn eerste `honderd dagen' in functie. Hij maakte een sterkte- en zwakte-analyse van de dienst. Hij prijst de `betrokkenheid' en `inspiratie' waarmee het werk wordt gedaan. Maar de scherpe kritiek van de Rekenkamer, in februari 1999, had volgens Kingma niet tot verbetering geleid. Hij waarschuwde: ,,De Rekenkamer komt terug.'' De Inspectie is volgens Kingma ,,niet goed toegesneden op vragen uit politiek en samenleving'', en ook wat kennis betreft bleef de Inspectie achter: die ontwikkelt zich volgens Kingma `buiten' sneller dan binnen de Inspectie.

Tijdens de behandeling van de begroting van Volksgezondheid, vorige week, had de Tweede Kamer forse kritiek op het beleid van de minister met betrekking tot de inspectie. Dat was niet nieuw. Ook begin dit jaar uitte Kamerleden hun ongerustheid over de onvrede bij de inspecteurs. Minister Borst beloofde dat er een onafhankelijke commissie zou komen om de reorganisatie te begeleiden. Die commissie zou nog dit jaar rapporteren. Maar de commissie is er nog niet, omdat Kingma druk bezig was zich ,,primair'' te verdiepen in de ,,problematiek'' van de inspectie. Ze zei ook dat de inspecteur-generaal zelf voorzitter zou worden van de commissie. Onder druk van de Kamer gaat dat nu niet door: de commissie zou onafhankelijk zijn, en bovendien was zo'n dubbelfunctie volgens de zogenoemde Kaderwet Adviesorganen verboden. Kingma zal de commissie alleen adviseren. Er zal onder meer worden gekeken naar de relatie tussen de verschillende toezichthouders in de gezondheidszorg. Maar de `verborgen agenda' is, volgens een topambtenaar, dat de commissie moet adviseren over de taak van de Inspectie. ,,De reorganisatie duurt nu vijf jaar en nog staat niet vast waar we moeten uitkomen'', zegt hij. ,,Soms vrees ik dat we reorganiseren om te reorganiseren om tijd te winnen omdat ons einddoel onduidelijk is.'' Adviesbureau Boer & Croon heeft, overeenkomstig de Haagse mores, een vervolgopdracht gekregen om de reorganisatie te begeleiden.

Op een `achterbanvergadering' van de ondernemingsraad, gisteren in Utrecht, bleek opnieuw hoe weinig vertrouwen de inspecteurs erin hebben. Er werden cynische grappen gemaakt, en er waren opnieuw woedende reacties op reorganisatieplannen. Omdat maar onduidelijk blijft, vinden de inspecteurs, wat er uiteindelijk met de Inspectie zal gebeuren. ,,Kingma is een kapitein van een schip op volle zee'', zegt een inspecteur ,,maar hij weet niet welke koers hij vaart en in welke haven hij moet aanleggen.''