Nederland: naar snelle ontheffing

De nieuwe Europese maatregelen tegen de verspreiding van BSE kosten de Nederlandse sector opgeteld 1 à 2 miljard gulden. Dat schat Jan-Cees Vogelaar, voorzitter van de vakgroep veehouderij van LTO-Nederland. Daarbij gaat het om de kosten voor het extra testen op BSE, de stijgende prijs voor het diervoer zonder diermeel en de gedaalde prijs voor rundvlees. Vogelaar heeft ,,begrip'' voor de maatregelen, bedoeld om het consumentenvertrouwen te herstellen, maar vindt ze te fors voor Nederland. ,,Het is vooral een flinke tik voor de varkenshouderij, die niets met BSE van doen heeft, maar nu toch extra kosten krijgen door het verbod op diermeel.''

In Nederland wordt voer voor varkens en kippen – mét diermeel– sinds een aantal jaar strikt gescheiden geproduceerd van voer voor herkauwers. Daarom is het verbod door Nederland niet nodig, meent de sector. Minister Brinkhorst (Landbouw) streeft naar snelle ontheffing door de Europese Commissie. Hij heeft de verwerking van diermeel in het veevoer al per 15 december verboden, vooruitlopend op het Europese verbod per 1 januari. Daarmee wil hij vernietiging achteraf voorkomen, maar ook een goede indruk maken op de Commissie.

Nederland produceert jaarlijks 380.000 ton diermeel. Jos Ramekers, voorzitter van de Centrale Organisatie van de vleessector, schat de kosten van het niet mer verwerken van slachtafval tot diermeel op 150 miljoen gulden.

Nederland hoopt te ontsnappen aan de vernietiging van oude runderen. Begin februari willen de controlerende instanties klaar zijn om alle 600.000 jaarlijks geslachte runderen te testen. De sector heeft de melkveehouders opgeroepen tot die tijd geen koeien te laten slachten.