Kraut

`Waarom vermist & waarom fascist?'

Die twee vragen over zijn vader probeert tekenaar Peter Pontiac te beantwoorden in zijn boek Kraut, dat volgende week bij uitgeverij Podium verschijnt. Het boek is opgezet als een geschreven en getekende brief aan Pontiacs vader Joop Pollmann, die in 1978 spoorloos verdween in de Daaibooibaai op Curaçao.

De titel van de `biografiek' Kraut, het Engelstalige scheldwoord voor een Duitser, met name voor een Duitse soldaat, verwijst naar het feit dat Pontiacs vader zich in de oorlog meldde bij de Waffen SS, afdeling oorlogsberichtendienst.

Beginnend bij de mysterieuze verdwijning van zijn vader op zonnig Curaçao, vraagt Pontiac zich al schrijvend en tekenend af hoe het zover heeft kunnen komen.

Hij neemt ons op zijn speurtocht mee naar Leiden, zijn half-Duitse grootvader een katholieke-heiligenbeeldenwinkel dreef. Als scholier voelt zijn zoon Joop zich al tot het fascisme aangetrokken, geïnspireerd door de Franse `neo-katholiek' Léon Bloy. Joop Pollmann wordt jeugdleider bij het Zwart Front en schrijft dat de `Nederlandsche jeugd' nieuw amusement nodig heeft: niet `Louis Armstrong en Hollywood' maar `God en Dietschland'.

In de oorlog gaat Pollmann als oorlogsverslaggever van de Waffen SS naar Leningrad en Normandië, waar hij D-Day meemaakt. Als hij met de Duitsers tot Luik is teruggetrokken, deserteert hij en duikt hij onder in Leiden.

Na zijn straf in een collaborateurskamp te hebben uitgezeten, wordt Joop Pollmann journalist. Hij trouwt met zijn correspondentievriendin uit het kamp en in 1951 wordt hun zoon Peter geboren.

Pollmann werkt voor Libelle en later voor het eerste Nederlandse roddelblad Story. Hij raakt aan de drank en koopt in 1978 een enkeltje Curaçao. In het laatste deel van zijn boek schetst Peter Pontiac (pseudoniem van Peter Pollmann) verschillende scenario's voor de mysterieuze verdwijning van zijn vader. Was het zelfmoord? Een ongeluk? Een liquidatie?

Pontiac creëert met Kraut een nieuw genre, dat hij zelf `biografiek' heeft gedoopt. Hij is geïnspireerd door twee Amerikaanse striptekenaars, Will Eisner, o.a. tekenaar van de jiddische striproman A Contract with God, en Art Spiegelman, die de kampgeschiedenis van zijn joodse familie vertelde in de bekende Maus-stripverhalen. Pontiac verzorgde de lettering van de vertaling van Spiegelmans Maus II - Daar begon de ellende pas. Tijdens het werken daaraan in 1995 ontstond het idee en de titel voor Kraut.

Peter Pontiac is autodidact. Vanaf 1969 publiceert hij strips en illustraties. Aanvankelijk in undergroundbladen als Aloha, Tante Leny Presenteert en Modern Papier. Nu maakt Pontiac regelmatig illustraties voor het Cultureel Supplement en de Boekenbijlage van NRC Handelsblad. In 1997 ontving hij de Stripschapprijs, een jaar later de Prof. Pi-prijs.

Peter Pontiacs `Kraut, biografiek' is vanaf woensdag in boek- en stripwinkels verkrijgbaar. 168 pag., uitg. Podium, f 49.50.

Tekeningen van Peter Pontiac zijn, samen met tekeningen van Joost Swarte, Ever Gerardts e.a., te zien op de tentoonstelling `Tante Leny exposeert weer' in TENT, Centrum Beeldende Kunst Rotterdam, Witte de Withstraat 50. T/m 7 jan, di-zo 11-18u.