Jeu de boules

,,Ik ben een kijkje gaan nemen in het verzorgingshuis'', zei de oude man die ik af en toe opzoek. ,,Het viel niet in alle opzichten mee. Ik moet toegeven dat ik niet helemaal in de stemming was toen we er heengingen. De avond tevoren had ik die VPRO-documentaire gezien over een verzorgingshuis waar bejaarde nieuwkomers door de bewoners ontgroend worden. Grapje van de VPRO, maar dat wist ik toen nog niet. Ik had daarom iets agressiefs over me, elke rolstoel met zo'n vriendelijk knikkende bejaarde had ik het liefst een douw gegeven.

,,Wat moet ik er verder van zeggen? Ik wil liever niet van mijn flatje af. We wonen hier al zo lang en naar volle tevredenheid. Alles is zo vertrouwd. Maar er moet zo langzamerhand iets gebeuren, want mijn vrouw gaat geestelijk achteruit. 's Avonds wil ze vaak niet naar bed en 's morgens staat ze vroeg op om de kinderen naar school te helpen, begrijp je? Haar wereld is heel klein geworden, en ik ben daarin haar enige houvast. Daarom mag ik haar niet alleen naar zo'n tehuis laten gaan, tenzij het niet anders kan. We kunnen nu nog samen gaan.

,,Goed, we kregen dus van een aardige maatschappelijk werker een rondleiding door het huis. U ziet het, de natuur is erg mooi, zei hij, toen we kennismaakten. Dat was waar. Het ligt een beetje buiten de stad, half in de bossen. Alleen werkte het jaargetijde nogal tegen. Koud, nat, kale bomen. Een leeg uitzicht. Het had wel wat minder symbolisch gemogen.

,,We kregen eerst een kopje koffie in de ontvangstruimte, terwijl een aantal bewoners achter ons jeu de boules zat te spelen onder leiding van een juffrouw. De stemming was best goed en jeu de boules is een leuk spel, maar toch dacht ik: jeu de boules, om twee uur in de middag? Is dat wel iets voor mij? Je hoeft niet mee te doen, pa, zei mijn dochter, je kunt ook rustig op je kamer een boek blijven lezen. Toch een hele geruststelling.

,,Daarna mochten we het hele tehuis inspecteren. Het zag er allemaal goed uit. Kraakhelder, geen vieze luchtjes. We konden een kijkje nemen op een van de kamers. De bewoners, een echtpaar, beviel het er uitstekend, zeiden ze en ze keken erbij alsof ze nooit iets anders hadden gewild. Maar ik kreeg toch even een tik van de hamer toen ik de ruimte zag. Veertig vierkante meter! Daar moet je dan met z'n tweetjes in ronddarren met je kwaaltjes.

,,Er hing alleen een gordijn tussen bed en woonruimte. Dat maakt een wat armoedige indruk, meer iets uit een boek van Dickens, of vind je mij nu ook een zeurpiet? Misschien let ik te veel op kleinigheden en te weinig op de voordelen.

,,We hebben na afloop beneden nog even nagepraat met onze rondleider. Er kwam een bewoner langs van dik in de tachtig, een uiterst kwieke man die van alles doet. Organiseren, motiveren en jeu de boulen natuurlijk. Een soort modelbewoner. Het leek me een verschrikkelijke man, een onuitstaanbare uitslover.

,,Ik heb gezegd dat ik er nog even over moet denken.''