Tellen in de auto

Wordt het een kladblokje, wat gekrabbel achter in de agenda of een handig programmaatje op de computer? Bezitters van leaseauto's die de bijtelling zo laag mogelijk willen houden, zijn vanaf 1 januari verplicht om bij te houden hoeveel kilometers er privé worden gereden. Blijft de teller onder de 500 kilometer staan, dan beschouwt de belastingdienst de leaseauto niet als extra inkomen en hoeft de gebruiker er dus geen belasting over te betalen. Wie het privé-gebruik beperkt tot 4.000 kilometer per jaar moet 15 procent van de cataloguswaarde van de auto bij het inkomen tellen; maximaal 7.000 kilometer op jaarbasis levert een bijtelling van 20 procent op. Leaseautorijders die meer privé-kilometers maken of geen zin hebben in de rompslomp van een administratie moeten vanaf volgend jaar hun inkomen voor de fiscus met 25 procent van de cataloguswaarde verhogen.

De nieuwe regeling moet bijdragen aan het terugdringen van het autoverkeer. Tot nu toe moeten werknemers 20 of 24 procent van de cataloguswaarde van de auto bij hun inkomen optellen, afhankelijk van de afstand tussen het woonhuis en de werkplek. Leasewagenrijders hadden geen enkele stimulans om de auto eens te laten staan – zeker omdat de benzinekosten niet opvallen als je betaalt met het pasje van de leasemaatschappij. Hoe streng de fiscus de kilometeradministraties gaat beoordelen, zal nog moeten blijken.

Volgens Auto Lease Holland (ALH) kunnen leaserijders er in het nieuwe stelsel op vooruitgaan. Onderzoek van TNO heeft aangetoond dat de gemiddelde leaserijder 6.900 kilometer per jaar privé rijdt, zo meldt ALH op de eigen website. Wie een kilometeradministratie bijhoudt, komt er vanaf met een bijtelling van 20 procent op het inkomen. Omdat tegelijkertijd de tarieven van de inkomstenbelasting dalen, nemen de kosten van leaserijden automatisch af.

Voor werknemers die de eigen auto gebruiken, verandert er niet veel. Autorijders kunnen van de werkgever (tot een bepaald maximum) een onbelaste vergoeding krijgen van 60 cent per kilometer. Forensen per fiets of trein kunnen de werkelijke kosten vergoed krijgen. Fietsende werknemers hebben daarnaast recht op een zogeheten fietsaftrek van 747 gulden, mits zij ten minste drie dagen op de fiets komen en de woon-werkafstand tien kilometer of meer is.