`Druk over Armeense kwestie werkt averechts'

Steeds weer stellen buitenlandse parlementen de kwestie van de Armeense `genocide' aan de orde. Turkije reageert elke keer woedend. Pressie werkt averechts, aldus professor Halil Berktay.

Het heeft geen zin om Turkije continu onder zware druk zetten over de kwestie van de genocide onder Armeniërs in de laatste fase van het Ottomaanse Rijk. Dat zegt Halil Berktay, als historicus verbonden aan de Sabanci-universiteit bij Istanbul en een van de meest eigenzinnige en vooraanstaande intellectuelen in het huidige Turkije. Volgens Berktay, die als een van de weinige Turken van mening is dat er in met betrekking tot de Armeniërs ,,dingen van een onuitsprekelijke gruwelijkheid hebben plaatsgehad'', kan Turkije alleen maar in het reine komen met zijn verleden als het dichter bij Europa komt. ,,Er is een lange traditie van extreme eenzaamheid in het Turkse nationalisme. Deze eenzaamheid voedt xenofobie en afkeer van de buitenwereld. Hoe meer druk er op Turkije komt, hoe kleiner de kans is op verzoening met het verleden. Continue druk over de Armeense kwestie werkt dus averechts.''

De Armeense kwestie is al decennia een heikel punt in de verhouding tussen Turkije en andere landen in de wereld, maar de afgelopen weken kreeg zij opnieuw actualiteit door een reeks resoluties in buitenlandse parlementen waarin Turkije werd opgeroepen om het bloedbad onder onder Armeniërs in 1915/1916 als genocide te erkennen. In de politieke controverse rond de genocide staan de `Armeense' en `Turkse' kampen mijlenver uit elkaar. Het genocide-kamp ziet de gedwongen volksverhuizing van Armeniërs naar het toenmalige Syrië als militair volstrekt onnodig. Het `Turkse' kamp, daarentegen, brengt daar tegenin dat de Armeniërs in opstand waren gekomen tegen de Ottomaanse autoriteiten en dat deze al het recht van de wereld hadden om de staat te beschermen. Dat er bij de gedwongen volksverhuizing tragisch veel slachtoffers vielen, betwist niemand, ook al lopen de schattingen vele honderdduizenden uiteen. Het `Turkse' kamp betwist echter woedend de claim van het `Armeense' dat de gedwongen verhuizing niets anders was dan een schaamlap voor de eerste genocide van de moderne wereld.

Volgens Berktay is de afstand tussen beide kampen zo groot, dat er geen communicatie meer mogelijk is. ,,De aanpak van degenen die druk uitoefenen de genocide te erkennen, is essentialistisch: er worden geen vragen gesteld over de historische context waarin de gebeurtenissen plaatshadden. Turken doen zulke dingen omdat het fanatieke moslims zijn en het wezen van `de Turk' zo is – dat is de uiteindelijke verklaring die degenen die de genocide willen laten erkennen, voor de gebeurtenissen hebben.''

Volgens Berktay is het echter wel degelijk van belang om de historische context in ogenschouw te nemen. Na een lange periode van continu gebiedsverlies, desintegratie en aanhoudende druk van de Europese grootmachten op de `zieke man van Europa' was het Ottomaanse Rijk als ,,een gewond dier geworden dat de hoek was ingedreven''. Daarbij kwam nog de bizarre situatie dat de verschillende groepen die een eigen nationalisme ontwikkelden, binnen het Ottomaanse Rijk ongekende vrijheden en voorrechten genoten maar daar absoluut geen enkele dankbaarheid voor leken te hebben. ,,Tijdens de Eerste Balkanoorlog werd het Ottomaanse leger in de pan gehakt door onder anderen de Grieken en de Bulgaren. Het Ottomaanse leger gaf Edirne op en trok zich terug tot tot de buitenwijken van Istanbul. De Grieken, Bulgaren en andere christelijke bevolkingsgroepen in die stad waren zo blij met wat er was gebeurd dat ze openlijk feest vierden.'' Zonder de diepe angst, frustratie en extreme onzekerheid die aan het einde van het Ottomaanse Rijk heersten, in ogenschouw te nemen te nemen, vallen de gebeurtenissen rond de Armeense genocide niet te duiden, aldus Berktay.

Het kamp dat de genocide ontkent, staat aan de andere kant van het spectrum. ,,Bij hen gaat het alleen om de context en wordt de gruwelijkheid van de daad zelf weggerelativeerd en weggecontextualiseerd.'' Volgens Berktay is er een aantal elementen in het Turkse nationale vertoog over het verleden die het extra moeilijk maken om daarmee op een koele manier in het reine te komen. Zo wordt binnen dat vertoog het Ottomaanse Rijk geïdealiseerd. De langzame desintegratie en ondergang van dat Rijk worden gezien als een product van ingrijpen van vijanden van buitenaf, zoals de Europese grootmachten. Ook het liberalisme van de Ottomaanse autoriteiten ten opzichte van `andere' bevolkingsgroepen (zoals bijvoorbeeld Grieken en Armeniërs) wordt onderstreept. Er is dan ook een enorm onbegrip voor het nationalisme dat zoveel aanhang vond onder die groeperingen. ,,We waren zo goed voor ze en toch kwamen ze in opstand – wordt steeds gezegd. Ondankbaarheid tegenover `ons' is een van de favoriete onderwerpen van het Turkse nationalisme'', aldus Berktay. Dit alles resulteert, aldus de historicus, in een diep gevoel van extreme eenzaamheid. ,,Niemand houdt van ons'', is de gedachte. Europeanen vergeten vaak, aldus de historicus, dat de kwestie van het toekomstige Turkse lidmaatschap van de Europese Unie ook binnen Turkije tot grote discussies aanleiding geeft. ,,Er is een groep nationalisten die vindt dat lidmaatschap onze onafhankelijkheid, waar we zo hard voor moesten vechten, in gevaar brengt'', aldus Berktay. ,,Zulke adepten van de natie-staat grijpen elke kans aan om xenofobie te verspreiden. Zie je nu wel, is de gedachte, `zij' (de Europeanen red.) willen wraak op ons nemen en ons koloniseren. De Armeense kwestie is koren op hun molen.''

En eigenlijk vindt ook Berktay dat er ,,iets raar moraliserends'' zit aan de houding van de parlementen die met al die moties kwamen. ,,Natuurlijk ben ik van mening dat de toenmalige autoriteiten in 1915 een daad van onbeschrijflijke gruwelijkheid jegens de Armeniërs uitvoerden en zeker ook organiseerden. Maar de kwestie van de historische verantwoordelijkheid speelt op veel meer terreinen. Heeft Frankrijk bijvoorbeeld ooit zijn excuses aangeboden voor alle gruwelijkheden die het Vreemdelingenlegioen op zijn naam heeft staan?'' Volgens Berktay zijn excuses en officiële verklaringen ook niet de beste manier ,,om vooruitgang te boeken''. ,,De zaak ligt nu nog zo gevoelig dat je alleen kunt hopen langzamerhand een normalisering van het vertoog te bewerkstelligen. Dat kan alleen gebeuren als individuele wetenschapsmensen koel naar de kwestie kijken en zich verder niets aantrekken van welk kamp dan ook.'' Er zijn op dat punt ontwikkelingen die Berktay, ondanks de bestaande polarisatie, toch hoop geven. ,,Eerder dit jaar was er een gezamenlijke Armeens-Turkse conferentie in Chicago. De deelnemers vertegenwoordigden alleen zichzelf en hoefden ook aan geen enkel kamp rekenschap af te leggen. De sfeer was goed en er was een geweldige eensgezindheid.''

    • Bernard Bouwman