TON DE LEEUW

,,Waar penseel en inkt elkaar ontmoeten ontstaan spontaan gewolkte vormen'', zo beschrijft de Chinese dichter Shi-t'ao (1641-1717) het wordingsproces in de kunst. ,,Sta ferm in de zee van inkt, zoek leven in de beweging van het topje van de kwast''. En dat deed Ton de Leeuw (1926-1996), altijd al geïnteresseerd in wordings- en groeiprocessen.

Wolken van klanken waaruit zich individuele stemmen laten horen, in zijn vierstemmig mannenkoor Cloudy forms uit 1970, zijn schitterend vastgelegd door een bezield zingend Nederlands Kamerkoor op een nieuwe cd

gewijd aan vijf koren van De Leeuw. Schreef hij in het begin slechts een handjevol liederen en koren waaronder het bijzonder welluidende Prière waarmee de cd opent, in de jaren '80 verdrong de vocale muziek de instrumentale. En hoe! Car nos vignes sont en fleur als onderdeel van een overweldigend fraaie triptiek opent die nieuwe creatieve golf in een alles overspoelende klank-

schoonheid. Daarbij hangt de ruimtelijke opstelling van het twaalfstemmig Car nos vignes op een tekst van het Hooglied nauw samen met de muzikale ontwikkeling.

Het wordingsproces bij De Leeuw wordt wel vaker bepaald door de architectonische ruimte. Eind jaren '60 excelleert hij in een reeks Spatial Musics. Met Transparance in de versie voor koor, drie trompetten en drie trombones, sluit de cd af. Het is weer een hoogst elegante compositie uit 1986, gemaakt in opdracht van het Openbaar Kunstbezit. Ook daarna bleef De Leeuw de koorstijl trouw en ik ben geneigd zijn opera Antigone eveneens te beschouwen als een verzameling koren. Al deze werken zijn verstild en ingehouden extatisch. Uitgesproken dramatisch is het laatste koor Elégie pour les villes détruites uit 1994, twee jaar voor zijn dood gecomponeerd. Het

onderwerp (oorlogsrampen) is er dan ook naar. Zo ontstond een lange maar onafwendbare weg van wording tot vernietiging.

Ton de Leeuw: Koorwerken,

Nederlands Kamerkoor o.l.v.

Ed Spanjaard NMClassics 92102