Plan van hoeklieden voor handel kleinere fondsen

De Vereniging van Hoeklieden heeft een alternatief plan ontwikkeld voor de prijsvorming van weinig verhandelde fondsen op de Amsterdamse beurs, als daar in de loop van volgend jaar het nieuwe Euronext-handelssysteem is geïmplementeerd.

Euronext is de beurs die is ontstaan uit de fusie tussen de effectenbeurzen van Parijs, Amsterdam en Brussel.

De hoeklieden hebben vanaf het bekend worden van de plannen van Euronext gewaarschuwd voor een afname van de verhandelbaarheid van de kleinere beursgenoteerde fondsen.

Euronext wil dat probleem oplossen door het invoeren van de rol van een zogenoemde animateur, een door het beursgenoteerde bedrijf zelf betaalde partij die een continue prijsvorming moet garanderen. Voor de kleine fondsen zonder animateur wil Euronext twee keer per dag een veiling organiseren, waar de orders bij elkaar worden gebracht.

Voor Euronext is in de nieuwe opzet geen plaats meer voor de hoekman, die een gepriviligieerde plaats inneemt op de Amsterdamse beurs. De hoekman heeft het monopolie op de prijsvorming in een bepaald fonds, en ontvangt daar courtage over. Aan die bevoorrechte positie wil de beurs een einde maken.

In het alternatieve plan van de hoeklieden wordt de liquiditeit van een aandeel verzorgd door de sponsor broker, eventueel aangevuld met market makers. Elk bedrijf dat niet tot de meest verhandelde fondsen van de Amsterdamse beurs behoort, is verplicht een sponsor-broker aan te wijzen, die zorgt voor research over het fonds en verplicht is voor de verhandelbaarheid te zorgen. In de visie van de hoeklieden zullen dat meestal de zakenbanken zijn die de bedrijven ook naar de beurs brengen.

Ook andere partijen, de market makers, kunnen zich bij de beurs melden om ook als liquiditeitsverschaffer op te treden. Voor de fondsen uit het middensegment wil de vereniging die concurrentie zelfs verplicht stellen. In ruil daarvoor willen de hoeklieden dat de sponsor brokers en market makers inzicht krijgen in de identiteit van de partijen die orders plaatsen. Sinds een aantal jaren hebben de hoekmannen dat niet meer.

Volgens F. Böttcher, de bestuursvoorzitter van hoekmansbedrijf Van der Moolen, wordt op deze manier de verhandelbaarheid van ook de kleine, lokale fondsen op de Amsterdamse beurs gegarandeerd. ,,Wij profiteren natuurlijk van een hoge liquiditeit, maar wij zijn niet de enigen. Als je als beurs de liquiditeit van aandelen niet kunt garanderen, zullen steeds minder bedrijven een notering aan jouw beurs willen, en die kleine bedrijven zijn vaak de grote beursgenoteerde ondernemingen van de toekomst.''

De hoekmansbedrijven profiteren ook van het feit dat veel kleinere zakenbanken die bedrijven bij een beursgang begeleiden niet altijd zelf de capaciteit en de expertise in huis hebben om de rol van sponsor-broker te spelen. Die verantwoordelijkheid kunnen zij dan overhevelen naar de hoeklieden, en dat levert extra omzet op.

In het plan moeten de kosten van de liquiditeitsverschaffers worden gedragen door de zakenbanken die de beursgang van een bedrijf begeleiden, door de beursgenoteerde bedrijven zelf en door de beurs. ,,Ze moeten een gedeelte van het geld dat ze verdienen met de handel in de grote aandelen gebruiken om ook de kleine bedrijven een goede liquiditeit te kunnen bieden.''

Een woordvoerder van Euronext laat weten dat de beurs kennis heeft genomen van het plan van de hoekmannen, maar dat er op dit moment niet inhoudelijk op in wordt gegaan. ,,Wij wachten het einde van de consultatieronde af voor wij op het plan in willen gaan.''

Die reactie is in tegenspraak met eerdere uitlatingen in de ochtendkranten, waarin de beurs aangaf dat het alternatieve plan van de hoeklieden weinig kans van slagen heeft.