'Capaciteit van Europees Hof moet worden vergroot'

Het kabinet concentreert zich in de onderhandelingen over hervormingen van de EU op de verkeerde dingen, meent Michiel Patijn.

Het kabinet hamert ten onrechte op een groter stemgewicht van Nederland in de Raad van Ministers. ,,De stemmenweging is in feite een non-probleem'', stelt het Tweede Kamerlid Patijn (VVD). Patijn, staatssecretaris van Europese Zaken in het vorige kabinet-Kok, wijst er in een gesprek met deze krant op dat landen nu al recht hebben op een aantal parlementsleden dat correspondeert met de omvang van hun bevolking. Volgens hem is er daarom geen reden om het stemgewicht in de Raad van Ministers ook nog eens aan te passen.

Premier Kok en staatssecretaris Benschop (Europese Zaken) hebben de afgelopen dagen juist onderstreept dat ze zich bij de komende Europese top in Nice sterk zullen maken voor een groter stemgewicht van Nederland in de Raad van Ministers. Dit is het orgaan dat in de EU de belangrijkste besluiten neemt. De stem van Nederland hoort zwaarder te wegen dan die van België, zeggen zij, want dat telt zes miljoen inwoners minder dan Nederland. Daarnaast wil Nederland één commissaris per lidstaat behouden en meer besluitvorming met een gekwalificeerde meerderheid. ,,Het vervelende is met die stemmenweging bovendien dat het een kaartenhuis is'', aldus Patijn. ,,Als je er iets uit trekt, stort het in en moet je een nieuw huis bouwen. En dat is lastig.'' Hij vergelijkt de situatie met die bij de Verenigde Naties, waar al jaren vruchteloos wordt gediscussieerd over een uitbreiding van het aantal permanente leden van de Veiligheidsraad. Ook noemt hij de wijze waarop het Amerikaanse Congres opereert. Elke staat heeft in de Senaat twee senatoren ongeacht de bevolkingsomvang, maar in het Huis van Afgevaardigden bepaalt juist de bevolkingsomvang hoeveel leden een staat heeft. Patijn: ,,Ik heb nog nooit gehoord over een opstand van een dichtbevolkte staat tegen dit systeem.''

Volgens Patijn is het meer in het belang van Nederland om zich in Nice te concentreren op vooruitgang op punten die essentieel zijn voor het functioneren van de EU. Voorop staat voor hem in dit verband de kwestie over welke zaken de ministers met een meerderheid van stemmen kunnen besluiten en op welke zaken ze een veto-recht behouden. Dit is nog een teer punt, want veel landen zijn bevreesd dit veto-recht op te geven.

Een tweede kwestie van vitaal belang is volgens hem de samenstelling van de Europese Commissie. Het gaat om de gevoelige vraag uit hoeveel commissarissen die moet bestaan. De grote landen zullen door de uitbreiding van de EU waarschijnlijk een van hun twee commissarissen moeten inleveren. Nog onduidelijk is of kleinere landen als Nederland een vaste eigen commissaris kunnen behouden.

Ook vindt Patijn dat de regeringsleiders in Nice dringend aandacht moeten schenken aan een hervorming van het Europese Hof in Luxemburg. ,,Dat werkt nu veel te langzaam'', zegt Patijn. ,,Dat is pijnlijk voor diegenen die recht zoeken. Er moet snel wat gebeuren aan de capaciteit van het Hof.'' Patijn: ,,Mijn advies aan het kabinet is: als je concessies doet, doe die dan op andere punten dan deze.''

Hoewel Patijn zelf niet aanwezig zal zijn in Nice, zal hij vooral één zaak met met meer dan gemiddelde belangstelling volgen: het lot van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Namens de Tweede Kamer was Patijn nauw betrokken bij de opstelling.

Hij ziet echter met gemengde gevoelens terug op deze exercitie. Het was nuttig om er in Europees verband over na te denken voor welke waarden de Unie nu eigenlijk staat. ,,Alleen het stuk is helaas onvoldragen''. Patijn wijst erop dat de Tweede Kamer ook in meerderheid vindt dat het stuk nog niet rijp is om deel uit te maken van de Europese rechtsorde. ,,Wat ik nu vrees is dat het stuk zal worden aangenomen als politieke verklaring en dat er verder niets mee gebeurt. Maar wat heb ik aan een politieke verklaring over mensenrechten? Maakt die nu wel of niet deel uit van de Europese rechtsorde? Dat blijft ter beoordeling van individuele rechters die daar misschien naar verwijzen en dat vind ik een onbevredigende situatie.''

Patijn wijst erop dat overigens ook de Britse en Zweedse regeringen ernstige bedenkingen tegen het Handvest koesteren. De VVD overweegt om morgen samen met het CDA, de kleine christelijke fracties en de SP tijdens overleg met premier Kok een motie in te dienen om te voorkomen dat het kabinet instemt met het Handvest louter als politieke verklaring.