Bladeren

Forbes

De beleggers keren de internetfirma's de rug toe en herontdekken de kleine ondernemingen die ze sinds 1995 hebben verwaarloosd. Die zijn volgens het Amerikaanse zakenblad Forbes veel te goedkoop. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor OPG, de Nederlandse groothandel in farmaceutica. Charles de Vaulx, van het Amerikaanse investeringshuis Arnhold & Bleichroeder, noemt OPG een aantrekkelijke overnamekandidaat voor het Amerikaanse bedrijfsleven. De aandelenkoers van het bedrijf staat op 25 dollar maar is volgens De Vaulx tenminste 41 dollar waard.

Het panel van deskundigen dat in het blad aan het woord is verbaast zich erover dat er niet veel meer Amerikaanse bedrijven aankopen doen in Europa, omdat ze een bedrijf kunnen kopen voor 70 procent van het bedrag dat ze een jaar geleden hadden moeten betalen. In ieder geval heeft panellid David Marcus, van Marcstone Capital Management, het oog laten vallen op de Europese chemiebedrijven. Hij noemt met name Imperial Chemical Industries, Rhodia, en het Nederlandse DSM. Volgens hem zijn deze bedrijven in geen 25 jaar zo laag gewaardeerd.

Manager Magazin

Wie bevriend is met internetondernemingen heeft geen vijanden meer nodig. Hubert von Lobenstein, directeur Duitsland voor het reclamebureau Saatchi & Saatchi, heeft in ieder geval zijn buik vol van dotcom-ondernemingen die pochen over hun banksaldo en pronken met hun Ferrari's.

In het Duitse maandblad Manager Magazin kwalificeert de 35-jarige reclamemaker de gemiddelde internetonderneming als een risicofactor: ,,Wij kunnen het ons niet permitteren om onze medewerkers uit te lenen aan een klant die plotseling bedenkt dat zijn strategie niet deugt, die zijn gang naar de beurs toch maar uitstelt, en in plaats daarvan een leuke folder wil hebben, die dan wel de volgende morgen voor negen uur klaar moet zijn.''

Weliswaar zweert de gemiddelde internetonderneming bij marketing maar volgens de Saatchi-directeur is het niet genoeg om marketing erg belangrijk te vinden, maar moet je ook weten hoe het functioneert.

Die Zeit

Moet de Deutsche Bahn wel naar de beurs? De nieuwe Duitse minister van verkeer, Kurt Bodewig, meent in Die Zeit dat dit minder belangrijk is. Eerst moet het bedrijf uit de rode cijfers. Dat kan nog wel even duren, want de geprivatiseerde Deutsche Bahn heeft tot 2005 een tekort van 20 miljard mark. Dat komt volgens de nieuwe minister omdat ,,de planning van het bedrijf veel te optimistisch, veel te politiek was.''

Winst maken is volgens hem mogelijk door het goederenvervoer over de weg voor een deel te vervangen door railtransport. Dat zal ook wel moeten, want de prognose is dat het goederenvervoer in Duitsland tot 2015 met 64 procent zal groeien. Om die groei op te vangen wil de minister het vervoer per rail verdubbelen. Hij denkt dat te realiseren door meer concurrentie.

Dat betekent overigens niet dat de minister zal ingrijpen in het beleid van de Duitse spoorwegen, ook al is de Duitse overheid de eigenaar van de Deutsche Bahn AG.

BusinessWeek

Concurrentie is ook het toverwoord bij de Europese elektriciteitsbedrijven. Het Amerikaanse weekblad BusinessWeek beschrijft de ontwikkeling van de markt. Die verloopt zo voorspoedig dat Amerikaanse ondernemingen als Enron Corporation zich in het Europese gedrang hebben gestort. Dat betekent niet dat de prijzen onmiddellijk zullen dalen, schrijft het blad trouwhartig, maar wel dat de markt efficiënter en stabieler wordt. Dat is natuurlijk ook wat waard, zij het niet direct voor de afnemers.

Zo'n markt vormt een vruchtbare voedingsbodem voor het ontstaan van handel in derivaten, meent het blad, zoals Nord Pool dat doet in Scandinavië. De elektriciteitsbedrijven gebruiken deze organisatie om hun risico's te beperken.Maar die handel kan pas echt goed op gang komen als ook de Franse elektriciteitsbedrijven zijn geprivatiseerd.

Börse on Line

Economie is een gedragswetenschap, maar dat sluit een natuurwetenschappelijke benadering niet uit. Econofysica maakt het beleggers mogelijk hun portefeuille zo samen te stellen dat verlies meer beperkt blijft dan nu het geval is, schrijft het Duitse weekblad Börse on Line. De methode van Bernd Rosenow van het Instituut voor Theoretische Fyscia in Keulen is gebaseerd op de toevalsmatrix die Nobelprprijswinnaar Eugene Wigner in de jaren vijftig heeft ontwikkeld voor de kernfysica. Je hoeft alleen maar de energieniveaus te vervangen door bedrijfsbranches. Echte voorspellingen durft Rosenow nog niet te doen. Maar zijn methode laat wel zien hoe stabiel een onderneming of een branche is.

Rosenow wil het Duitse bedrijfsleven op dezelfde manier in kaart brengen als zijn collega Eugene Stanley van Harvard al met het Amerikaanse heeft gedaan. Deze heeft al één opdrachtgever, de oliemaatschappij BP.

    • Herman Frijlink