Vrijwel stilstand groei economie Japan: 0,2 pct

De Japanse economie is in het derde kwartaal met een groei van 0,2 procent ten opzichte van het voorgaande kwartaal vrijwel blijven stilstaan. Bedrijfsinvesteringen, die met 8,7 procent toenamen, vormen het enige lichtpuntje. Maar er blijft stevige kritiek op de Japanse regering, omdat zij niet opschiet met structurele hervormingen.

Hoge overheidsuitgaven om de economie te stimuleren blijven nodig, zei minister Taichi Sakaiya, hoofd van het Economisch Planbureau, vandaag bij bekendmaking van de cijfers. Daling van het overschot op de handelsbalans gaf de groei een tik. Een vertraging van de Amerikaanse groei en in overig Azië is volgens Sakaiya dan ook reden voor zorg. Hij meent echter dat de zwakke cijfers geen vertraging van het economisch herstel van Japan betekenen. Analisten denken dat daling van de exporten een forse klap kan geven aan de groei in het lopende kwartaal.

De particuliere consumptie was neutraal tegenover het voorgaande kwartaal, maar daalde met 1,1 procent ten aanzien van hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Enkele grote faillissementen van levensverzekeringsmaatschappijen en de warenhuisketen Sogo hebben het consumentenvertrouwen verder geschaad. Verkoopcijfers van de middenstand dalen al drieëneenhalf jaar, zo maakte het ministerie van Handel en Industrie vorige week bekend. Volgens Sakaiya is dit ,,de pijn die wordt veroorzaakt door de huidige hervormingen''. Op termijn ,,zal de economie weer het pad van duurzame groei inslaan.''

Hoge overheidsuitgaven moeten de kopersstaking van het publiek opvangen, maar de hoge staatsschuld waarin dit resulteert, creëert bij het publiek tegelijkertijd angst over de toekomst. Daardoor dalen de bestedingen. Bovendien zijn lokale overheden, zoals de stadsprovincie Tokyo, juist begonnen met het heffen van nieuwe belastingen, omdat de bodem van de kas in zicht is. Ook zijn in enkele plattelandsprovincies onlangs nieuwe gouverneurs gekozen die juist zijn begonnen met het schrappen van publieke werken zoals stuwdammen, omdat de provincies zelf mee moeten betalen en geen geld meer hebben.

De fors toegenomen investeringen deden zich vooral in de IT-sector voor, maar de grote vraag is in hoeverre deze sector de economie kan trekken nu de rek is verdwenen uit de groei van de export.