STERKER BEWIJS VOOR KOSMISCHE INSLAGEN OP DE MAAN

Onderzoekers van de universiteit van Arizona, in Tucson, hebben extra aanwijzingen gevonden voor het korte bombardement dat de maan 3,9 miljard jaar geleden heeft moeten doorstaan, aldus Science van 1 december. Het optreden van zo'n bombardement werd in het begin van de jaren zeventig afgeleid uit bepaalde kenmerken in de stukken maangesteente die de Apollo-astronauten mee naar de aarde hadden genomen. Tijdens deze lunar cataclysm werd het grootste deel van het maanoppervlak geheel omgeploegd en ontstonden de grootste inslagbekkens die nu als donkere `zeeën' op de maan zijn te zien.

Alle meegenomen maanstenen kwamen echter uit gebieden die in of dicht bij de grote inslagbekkens op het naar de aarde gekeerde deel van de maan liggen, dus waren wellicht niet representatief voor het gehele maanoppervlak. Geologen van de universiteit van Arizona hebben daarom nu een aantal maanmeteorieten bestudeerd die afkomstig zijn van uiteenlopende gebieden op de maan. Deze meteorieten werden door de inslag van een groter object de ruimte in geslingerd, om na zo'n miljoen jaar rondzwerven op aarde te vallen: in dit geval op het Antarctische ijs en in de Libische woestijn.

De nu bestudeerde maanmeteorieten vertonen dezelfde sporen van smelting en stolling als de door de Apollo-missies meegebrachte maanstenen, ook al hebben zij een andere mineralogische samenstelling. De onderzoekers hebben via radiometrische ouderdomsbepalingen afgeleid dat de oudste smeltsporen in de meteorieten uit de periode van 3,9 miljard jaar geleden dateren, wat de theorie ondersteunt dat het gehele maanoppervlak toen aan een korte maar intense periode van inslagen werd blootgesteld. De duur van dit bombardement werd aanvankelijk op hooguit 200 miljoen jaar geschat, maar de Amerikaanse onderzoeker Graham Ryder opperde eerder dit jaar dat deze periode misschien maar 10 tot 20 miljoen jaar heeft geduurd (EOS 81, S76).

De inslaande objecten waren waarschijnlijk planetoïden die door nog onbekende oorzaak in groten getale uit het gebied voorbij Mars naar de binnendelen van het zonnestelsel koersten. Daarbij werd niet alleen frequent de maan, maar ook de aarde (en Mars en Venus) geraakt. Het intrigerende is dat het hoogtepunt van dit bombardement precies samenvalt met de ouderdom van de – voor zover nu bekend – oudste sporen van leven die men op aarde heeft gevonden. Sommige onderzoekers denken dat dit geen toeval kan zijn en dat deze kosmische inslagen de ontwikkeling van het leven moeten hebben beïnvloed.