Niemand durft de held te spelen

De technologiefondsen slingerden deze week heftig tussen winst en verlies. Beleggers zochten hun heil in defensieve aandelen.

De markt wordt beheerst door hebzucht en angst, luidt een oude beursgezegde. Deze week werd de geldigheid van deze open deur maar weer eens aangetoond. Hebzucht en angst bleken vooral tot besluiteloosheid te leiden.

De markt schijnt niet goed te weten welke kant hij op wil. Het duidelijkst toonden bedrijven uit de technologie en de telecom dat deze week aan. Aandelen als ASML, Philips, KPN en Getronics zwiepten als rietstengels in een orkaan heen en weer, met kabelexploitant UPC als extreemste voorbeeld. Maandag steeg UPC nog met bijna 20 procent, maar de dagen daarop moest het fonds die stijging weer prijsgeven. Dinsdag 9 procent eraf, woensdag 8, en donderdag nog 1. Pas gisteren had UPC de weg omhoog weer gevonden. Het aandeel sloot gistermiddag op 13,50 euro. En het nettoresultaat van al die bewegingen: een winstje van 3 procent.

Aan de ene kant willen beleggers uit hebzucht graag profiteren van de lage koersen van de technologiefondsen. Het merendeel is immers sinds de top van de aandelenhausse in maart gedecimeerd. Men vreest nieuwe winstwaarschuwingen uit de Verenigde Staten, en de gevolgen die dat voor de Nederlandse aandelen zal hebben. ,,Iedereen vindt dat de technologiefondsen laag zijn geprijsd, maar niemand durft de held te spelen en nu in te stappen'', aldus een beurshandelaar.

Je zou verwachten dat de onzekerheid van beleggers ertoe leidt dat er weinig wordt gehandeld. Als je geknipt wordt moet je stilzitten. Dat is ook het verhaal dat beurshandelaren vertellen, die over weinig orders klagen. De handelsvolumes blijken redelijk hoog te liggen, en dat is volgens beursveteranen te danken aan de opkomst van day traders, handelaren die proberen te profiteren van kleine koersverschillen. De langetermijnbelegger knijpt zijn billen dicht als de koersen zo beweeglijk zijn als nu, maar voor day traders is het luilekkerland. In een bewegende markt valt veel geld te verdienen, als je het handig aanpakt.

Waar de telecom- en de techfondsen deze week tussen winst en verlies slingerden, klommen aandelen als Unilever, Ahold, en TNT Post Group doodgemoederd omhoog. Wat er ook te gebeuren staat, mensen moeten toch eten, en ook een brief versturen zullen de meesten wel blijven doen, is dan het idee van beleggers, en ze stoppen hun geld in deze defensieve fondsen.

De macro-economische ontwikkelingen in Europa en de Verenigde Staten gooien nog wat extra olie op het vuur. Dat de Amerikaanse economie over zijn hoogtepunt heen is, is wel duidelijk, maar de vraag is nu hoe hard de komende landing zal zijn. Steeds meer economen voorzien een harde landing: een vriendelijk eufemisme voor een recessie. De zakenbank Merrill Lynch beveelt zijn klanten in ieder geval al aan om hun aandelen in Amerika te verkopen en dat geld naar Europa te brengen.

Een belangrijke windvaan voor de economische situatie in de twee economische blokken is de onderlinge wisselkoers van hun munten. De euro heeft deze week een opvallende stijging ingezet. Over het algemeen wordt dat beschouwd als een teken dat de Europese economie zich relatief beter ontwikkelt dan de Amerikaanse. Voor de aandelenmarkten heeft dat een aantal gevolgen.

Ten eerste zorgt een stijgende euro ervoor dat meer Amerikanen hun geld meer in Europa zullen gaan beleggen. Hogere koersen derhalve. Maar aan de andere kant: een hoop Nederlandse bedrijven halen een groot deel van hun omzet in de Verenigde Staten. Voor alle AEX-fondsen samen is dat een percentage van ongeveer 40 procent. Een daling van de dollar hakt dus rechtstreeks in de winstgevendheid, en dus de koersen, van die bedrijven.

Goede voorbeelden van bedrijven met een stevige aanwezigheid in de Verenigde Staten zijn de financiële fondsen ING en ABN Amro. Voor hen speelt nog een andere factor een rol: in een stagnerende economie willen centrale banken de rente weleens verlagen om de economische groei een duwtje in de rug te geven, en dat is over het algemeen goed nieuws voor banken.

Daar staat weer tegenover dat er op dit moment veel ongerustheid is over een mogelijke credit crunch. Die zou zich voordoen als de telecombedrijven, die vele tientallen miljarden euro's van de banken hebben geleend, niet aan hun verplichtingen blijken te kunnen voldoen. Welk effect de boventoon voert in de verwachtingen voor de banken is de hamvraag.

Geen belegger die het weet, maar de markt, die de beste voorspeller is, besliste deze week in het voordeel van de financials. ABN Amro steeg 2,7 procent, ING kreeg er 5,9 procent bij.

De eeuwige strijd tussen hebzucht en angst leverde deze week geen winnaar op. De AEX-index sloot gisteren precies eenduizendste procent hoger dan waarop hij vorige week sloot: op 660,33 punten.

    • Douwe Douwes