Langer verlof beter geregeld

Even er tussen uit. Steeds meer werknemers willen het. Het aantal regelingen voor loopbaanonder- breking neemt toe.

,,Noem het geen sabbatical, want dan bemoeit de overheid er zich mee, compleet met regelingen. Ik heb gewoon ontslag genomen om langer met vakantie te kunnen gaan en ik heb zelfs vooraf geen einddatum gesteld.''

Dat zegt Geert-Pieter Wagenmakers, die het gevoel om voor langere tijd weg te gaan `overkwam' en op een goed moment met een rugzak met 12 kilo bagage vanuit Amsterdam per bus vertrok richting Zuid-Spanje en verder naar Oost- en West-Afrika. Wagenmakers had zijn werkgever wèl maanden vooraf verteld dat hij wilde vertrekken, zodat deze de tijd had om een vervanger te werven en in te werken. In die periode regelde hij voor zichzelf de nodige vaccinaties. Verder kon hij zijn eigen huis in Amsterdam voor een bepaalde periode in de verhuur doen, waardoor hij verzekerd zou zijn van inkomsten als aanvulling op het reservekapitaal dat hij al had opgebouwd. Zijn vader werd beheerder.

Wagenmakers: ,,Toen ik vertrok wist ik alleen `ik ga na een half jaar of eerder terug als het me niet bevalt'. Uiteindelijk ben ik anderhalf jaar weggebleven. In die tijd had ik geen inkomsten, maar ook geen vaste lasten. Als je 0,0 verdient in de periode dat je weg bent en je je inkomsten middelt, betaalt de fiscus je achteraf nog een stukje terug.

Zo'n lange vakantie hoeft trouwens niet zo duur te zijn. Het hangt er natuurlijk vanaf hoe je reist en waar je naartoe gaat. Snel – per vliegtuig – reizen is duur en ook als je bijvoorbeeld naar Zuid-Amerika of Oost-Europa gaat. Ik gaf, inclusief alles, niet meer dan 35 gulden per dag uit. In Ethiopië had ik zelfs moeite 6 dollar per dag uit te kunnen geven. ''

Volgens Wagenmakers kan iemand onbetaald verlof nemen als hij maar `een redelijk salaris' heeft. De fiscus belast mensen met een hoger inkomen weliswaar fors, maar is ook guller in teruggave als de betrokkenen gedurende een bepaalde periode geen inkomsten hebben. Wie een behoorlijk inkomen heeft kan ook makkelijker sparen voor een lange verlof. Wagenmakers zegt dat `je al een eind kan komen als je een eigen huis hebt en 10.000 gulden op de bank'. Zelf heeft hij in 16 maanden tijd ongeveer 5.500 gulden uitgegeven.

Wagenmakers weet ook wel dat er vele manieren zijn om voor langere tijd verlof te nemen en dat te financieren. Hij heeft op het eerste gezicht gekozen voor de meest simpele, maar er wel voor gezorgd dat er voldoende financiële `rugdekking' was. Anderen zullen liever gebruik maken van de bestaande regelingen die meer financiële zekerheden geven.

Arbeidsvoorwaardedeskundige Sam Groen van FNV Bondgenoten zegt dat er sinds een jaar of vier behoorlijk wat cao's zijn afgesloten, waarin sparen van tijd mogelijk is geworden. Groen: ,,De ambtenaren waren het eerst met tijd spaarregelingen, en later kwam wat we vroeger de kleinmetaal noemden en de techniek. Je vindt dat soort regelingen nu in diverse sectoren. De eerste vorm is het sparen van overuren, ATV en vakantiedagen die over een aantal jaren kunnen worden opgenomen. De tweede vorm heeft geld sparen als inzet, zoals de winstuitkering en de eindejaarsuitkering. Dan is er ook nog een tijd voor geld regeling, waarmee je met geld het recht op vrije tijd inkoopt. Het probleem bij die vorm is dat het fiscaal niet is toegestaan.''

Er komt verandering in het belastingregime voor verlofsparen, maar deze wordt pas in de loop van volgend jaar verwacht. Wat sociale partners zeker moeten doen is de huidige regelingen in ieder geval in een stichtingsvorm `gieten' buiten de risicosfeer van de onderneming, zodat werknemers er te allen tijde gebruik van kunnen maken; ook als hun werkgever failliet is.

Werkgevers bezien de toenemende populariteit van het sparen voor een langere verlofperiode met gemengde gevoelens, gezien de fiscale en financiële haken en ogen. Ze weten dat de Wet financiering loopbaanonderbreking het werknemers mogelijk maakt dat werknemers hun werk tijdelijk onderbreken. De werknemer krijgt zelfs nog een overheidsbijdrage die kan oplopen tot 960 gulden per verlofmaand, mits de werkgever een uitkeringsgerechtigde als vervanger aanstelt. De overheidsbijdrage wordt echter alleen gegeven bij zorgverlof, palliatief verlof (o.m. stervensbegeleiding) en studieverlof.

Werknemers hebben het recht `zomaar' verlof te nemen, maar de werkgevers hebben de zeggenschap over de opname van de vrije dagen. Ze kunnen alleen niet verhinderen dat de opgespaarde dagen worden opgenomen. Dat is een moeilijkheid. Een andere is hoe te handelen in het zicht van een nieuwe regeling voor verlofsparen. Deze maakt het fiscaal aantrekkelijk om te sparen voor verlof in tijd en voor verlof in geld uit brutoloon. De gespaarde vakantiedagen worden in die zogenoemde fiscale omkeerregeling omgerekend in geld. Voor verlof in geld, mag per jaar 10 procent van het brutoloon worden gespaard. De belastingheffing over de gespaarde vakantiedagen of het brutoloon worden dan uitgesteld tot het moment waarop het verlof wordt opgenomen. Dat gebeurt al bij de opbouw van pensioenrechten. De `verlofspaarder' mag maximaal een jaar voltijdverlof sparen en heeft verder alleen de verzekering dat de spaarperiode geen invloed mag hebben op de vaststelling van het loon dat als basis dient voor de berekening van de uitkering of de berekening van de premies.

Die regeling is inmiddels door de Tweede Kamer behandeld en aangenomen, al ligt er nog een motie om na te gaan hoe haalbaar de regeling is. Daarover wordt dit voorjaar gerapporteerd. Daarna moet de Eerste Kamer nog een oordeel geven.