Zweeftrein

Het artikel `Zweven naar Groningen' (NRC Handelsblad, 18 november) is me uit het hart gegrepen.

Het ergert me al lange tijd hoe mensen als Bomhoff, maar ook bestuurders als Alders en Netelenbos, de Transrapid aan de man proberen te brengen. Nooit hoor je deze lieden over het feit dat het project in Duitsland is uitgelopen op een miljardenflop, dat al veel Duits overheidsgeld is vergooid bij de ontwikkeling van de zweeftrein. En dat de bouw van de lijn Hamburg-Berlijn is afgeblazen vanwege de verwachte miljardentekorten – ondanks een sterke lobby van Siemens, Thyssen en andere Duitse concerns. Nu proberen deze industriëlen hun winkeldochter te verkopen in Nederland.

Nooit hoor je deze propagandisten over de nadelen: de baan wordt aangelegd op een meters hoog viaduct met als gevolg landschapsvervuiling en de noodzaak om te slopen en te breken in binnensteden – tenzij je de zweeftrein ergens aan de rand van Amsterdam laat eindigen.

Nooit lees je bij Bomhoff over het alternatief: een hogesnelheidstrein die zonder grote technische problemen kan aansluiten op het bestaande spoorwegnet en dus veel meer directe verbindingen zal creëren dan Bomhoffs zweeftrein. De passagiers van de Transrapid kunnen alleen van G. naar (de rand van) A. en raken de beloofde tijdwinst kwijt bij het overstappen en sjouwen met koffers.

Alleen vrees ik dat dit nuchtere geluid weinig gehoor zal vinden. Immers, de traditionele spoorwegen hebben `afgedaan' in de publieke opinie.

Over het succes van de TGV in Frankrijk weten de Bomhoffs niets, of ze negeren het. De zweeftrein daarentegen doet het goed bij mensen die nergens van afweten en toch modern willen doen.