Scheidsrechters

Het leven van een voetbalscheidsrechter is nooit over rozen gegaan. Moeilijke toelatingsexamens, boze spelers, een beledigd bestuur en een uitzinnig publiek kunnen een kwelling zijn voor de arbiter. De Belgische scheidsrechter John Langenus, die in 1930 de eerste WK-finale floot, zou bijvoorbeeld nooit de vraag van zijn examencommissie vergeten: ,,Tijdens een wedstrijd wordt de bal hoog in de lucht getrapt. Juist komt een vliegtuig voorbij. De vlieger vangt den bal en neemt hem mede. Wat doet ge?'' Langenus wist het niet en was gezakt, maar slaagde later alsnog. Voor zover bekend heeft hij daarna nooit een wedstrijd stilgelegd wegens een door een piloot onderschepte bal.

In 1874 werd de scheidsrechter geïntroduceerd bij het voetbal, elf jaar nadat de Football Association veertien reglementen had opgesteld. Toen het voetbal populairder werd, groeide ook de rol van de scheidsrechter. En moest hij meer nadenken over zijn functioneren. De historicus Cees Zevenbergen schreef hierover in 1986: `Merkwaardig genoeg is hij die door de spelers als een goede scheids wordt bestempeld niet diegene die de regels honderd procent nakomt, maar iemand die de taal van de voetballers spreekt en een natuurlijke overheersing uitstraalt.' Misschien is het wel daarom dat we ons onorthodoxe beslissingen lang herinneren. Frans Derks was daar goed in, met zijn opmerkelijke tenue en acties. Hij was niet te beroerd om een speler uit te schelden of zelfs neer te leggen om te laten zien wie de baas was. Oud-scheidsrechter Doe Hans zei zelfs dat hij wedstrijden beter in de hand had voordat hij de regels leerde kennen. Meteen nadat hij de regels had bestudeerd, ging het slechter. ,,Toen kwamen de conflicten'', aldus Hans.

Hans Meerum Terwogt was naast medewerker van de Nieuwe Rotterdamsche Courant ook internationaal scheidsrechter. Hij wist goed welke emoties zijn beslissingen konden losmaken. Maar zich zorgen maken, deed hij niet. ,,Een joelende menigte bij een foutieve beslissing, een vinnige kritiek in de krant, een nijdige anonieme brief, een scheldpartij door de telefoon, heus, het is heerlijk!''

Het kan zelfs zo ver gaan dat een scheidsrechter niet alleen een wedstrijd wil leiden, maar ook iemand wil opvoeden. Het beroemdste voorbeeld is Dirk Nijs, die de nog jonge Faas Wilkes bestraffend toesprak omdat hij zo veel pingelde. Diezelfde Nijs was ook de enige arbiter die Feyenoorder Jan Linssen, die bekend stond als bijzonder sportief, terugfloot. Had Linssen een overtreding gemaakt? Nee, Nijs wilde de enige scheidsrechter zijn die kon zeggen dat hij Linssen ooit had afgefloten.