`Ik ben heel erg verknocht aan de trein'

De NS streeft ernaar dat ten minste 88 procent van de treinen op tijd aankomt; in oktober lag dat percentage op 73. `Reizen is het incasseren van vertragingen.' Impressies van reizigers.

Een man met lange regenjas trekt een sprint op Amsterdams Centraal naar perron 10b. ,,Laat maar Hans, hij heeft vertraging'', roept iemand hem toe. De man, Fred Kes uit Almere, gaat wandelend verder. Hij werkt in Amsterdam en reist vier keer per week heen en weer. ,,Ze rijden bijna nooit op tijd, maar ik maak me niet druk'', zegt hij ,,want tussen Amsterdam en Almere rijden zes treinen per uur, dus dan maakt het niet zoveel uit''.

Laatst moest Kes, technisch tekenaar bij een ingenieursbureau, naar een congres in Brussel. ,,Volgens de reisplanner moest ik drie keer overstappen en zou de reis ongeveer drie uur en twintig minuten in beslag nemen. Maar door de vertragingen miste ik de aansluitingen en deed ik een uur langer over de reis'', vertelt hij. ,,Dan moet ik alles op alles zetten om niet over de rooie te gaan.''

Catherina en Piet Roskam wachten op Rotterdam Centraal op de intercity die in Apeldoorn stopt. Ze reizen met hun seniorenkaart een keer in de maand naar de camping van zijn broer in Haarlem of zoals vandaag een dag naar Delft. ,,Eén keer was het balen''. Dat was toen ze naar Schiphol moesten en in Amsterdam uitkwamen. Maar meestal trekken zich niets aan van de drukte: ,,Bij een volle trein betalen we wat bij voor de eerste klas, dan kunnen we zitten. Als de trein vertraging heeft dan nemen we een andere trein, reizen we met een omweg. We hebben geen haast.''

Vooral ervaren spitsforenzen klagen. Erik van de Heuvel trapt zijn sigaret uit op het perron als hij de koplampen van de intercity naar Venlo aan ziet komen. ,,Acht rijtuigen'', mompelt hij. Zijn collega knikt en schudt zijn hoofd. ,,Wij tellen'', zegt Van de Heuvel. Overdag heeft zijn trein elf rijtuigen, dan wacht hij achteraan op het perron, en in de spits maar acht, ,,dat begrijpen we niet.''

Bedrijfsjuriste Nicole Everts zit geconcentreerd over haar boek gebogen. Iedere dag reist ze op en neer van Utrecht naar Rotterdam Alexander. ,,Ik maak me niet al te druk'', zegt ze. De vertragingen vallen mee, ,,hiervoor moest ik naar Den Haag, op die route is er elke dag wel iets.'' Uit voorzorg neemt ze al een trein eerder.

Gisteren vertrokken in de avondspits in Amsterdam redelijke veel treinen op tijd, tenminste als men rekening houdt met de NS-definitie: drie minuten te laat is nog op tijd. De intercity naar Utrecht komt te laat en vertrekt te laat. Ook in Rotterdam, en de trein naar Amsterdam laat op zich wachten.

Twee vrouwen lezen samen de opening van de avondkrant met als kop `Kamer wil zelf NS gaan onderzoeken'. ,,Dat werd tijd'', luidt het commentaar van één van hen. Op de vraag waarom, stort ze haar hart uit. ,,Vertragingen, te weinig zitplaatsen, treinen die helemaal niet rijden, vieze wc's, geen catering'', het vloeit staccato uit haar mond. Haar duolezer poogt te nuanceren. ,,Je hebt gelijk, maar met je auto in de file is ook niet alles.'' De nuance wordt geaccepteerd: ,,Je hebt gelijk, van het machoautogedrag zou ik helemaal gek worden.''

Mark van den Berge denkt daar hetzelfde over. Hij reist iedere dag van Barendrecht naar Rotterdam naar Vlaardingen voor Unilever. Vijftig minuten, net als met de auto. Nu de `Unilevertrein' is uitgevallen neemt hij de stoptrein van 17.12 uur richting Dordrecht. ,,Altijd beter dan de irritaties van de file''. De trein van Amsterdam naar Castricum rijdt op tijd; de sneltrein heeft als eindbestemming Alkmaar en drie keer per week maakt Joop Algra er gebruik van. ,,Ik ben erg verknocht aan de trein'', zegt hij. De jurist heeft geen auto en noemt zichzelf een ,,tijdfreak''. ,,Ik ben te punctueel om te laat te komen.'' Dat betekent dat hij altijd een marge van half uur tot drie kwartier neemt wanneer een afspraak heeft en met de trein gaat. ,,Dat is voldoende; en dat ongemak neem ik voor lief. Het hoort bij het treinreizen.''

Mokkende medepassagiers, die de NS vervloeken omdat de trein niet volgens de dienstregeling rijdt, probeert hij soms ,,op te monteren'' met zijn ,,Londentrip''. ,,Een half jaar geleden moest ik voor mijn werk naar Londen. Ik ging één dag op en neer met het vliegtuig. In totaal anderhalf uur vertraging. Reizen is het incasseren van vertragingen.''