De Grote Satan 8

Oud wordt vertegenwoordigd door Kousbroek, eminence grise, altijd in de weer onze blik helder te houden. Nieuw door Grunberg, winnaar van de AKO-prijs en misschien wel van de debutantenprijs: wie het vrijemarktprincipe toegedaan is, schuwt het niet zichzelf te verrijken ten koste van nog niet gearriveerde schrijvers. Een straatvechter tegenover een beer die aan de ketting van z'n principes ligt. Wie zal het winnen? Natuurlijk degene die het populistisch speelt: op de man. Degene die zegt dat er van hem duizenden biggen mogen sterven als er één menselijk been kan worden gered.

Ik lees hoe Kousbroek wordt afgeslacht omdat hij Amerika het rijk van de satan noemde. Waar hoorde ik die term toch eerder? Oja, in kringen waar men het vrijemarktprincipe toegedaan was en men in Rusland een vervelend obstakel zag om de hele wereld hiermee te verrijken. Het is niet alleen de ayatollah die deze term gebruikte, onze oudere dienstplichtigen zullen de term maar al te goed kennen uit hun diensttijd, toen het de bedoeling was hen aan te vuren om dit rijk van de satan in Oost-Europa met kruisraketten te vernietigen, zodat er daar meer ruimte zou komen voor de vrije markt. De een gebruikt de term om te veroveren, de andere om zich te verdedigen.

Voortdurend lees ik hoe Kousbroek een oude man wordt genoemd die niet met strippenkaarten kan omgaan. Van Grunberg denk ik dat hij wellicht zelfs in staat is met het openbaar vervoer te reizen zonder strippenkaart. Maar wat heeft handigheid of onhandigheid in het triviale dagelijkse leven te maken met inzicht in wat er mis dreigt te gaan in onze maatschappij? Dat Grunberg dergelijke `argumenten' die in wezen scheldpartijen zijn, gebruikt, geeft aan hoezeer Kousbroek het gelijk aan zijn kant heeft: intellect omvergelopen door een straatvechter van de nieuwe orde.

    • Drs. R.S.D. Siregar