De Grote Satan 10

Hofland vindt dat het slecht gesteld is met de (Westerse) wereld en Kousbroek weet hoe dat komt: Amerika! Twee oudere heren die, zoals het oudere heren betaamt, vinden dat het vroeger allemaal beter was. Kousbroeks tirade tegen Amerika leest als een aprilgrap: Amerikanen zijn dom (`mentale dwergen'), preuts, culinair barbaars en alleen geïnteresseerd in handel.

Er valt op de adoratie van `America the Beautiful' wel wat af te dingen, maar toch: de beste universiteiten in de VS zijn beter dan de universiteiten hier: iets soortgelijks geldt voor de kranten; de (weliswaar humor- en fantasieloze) seksprogramma's van Fox en SBS6 komen uit de VS, terwijl hun `fast-food' pizza's, hamburgers, frankfurters en wieners allemaal naar Europa verwijzen; ten slotte, de Amerikaanse zakenwereld besteedt aanzienlijk veel meer geld aan universiteiten en musea dan de Europese. Wat let Europa om Amerika muzikaal, culinair en erotisch links te laten liggen en zelf iets te bedenken? Maar, Servan Schreiber (Le défi Américain) zei het al: het is niet de Amerikaanse macht die ons parten speelt, maar de Europese onmacht.

Amerikaanse schrijvers lijken ook kritischer te zijn over de toestand van hun eigen land dan de Europese: The air-conditioned nightmare van Henry Miller, The Ugly American van Lederer en Burdick, The Idol and the Octopus van Norman Mailer, The closing of the American mind van Alan Bloom en The Smithonian Institution van Gore Vidal. Welke mentale Europese reus schrijft eens een leesbaar, kritisch boek over Europa of zelfs over Nederland?