Vechten op de Veluwe

Toekomstige waarnemers volgen een opleiding met afsluitende praktijkweek in Harskamp. ,,Het lijkt soldaatje spelen, maar voor de cursist is het realiteit.''

KOLONEL BUURMAN HEEFT het wel gehad met de VN-waarnemers. In een vergaderzaaltje in het Veluwse Harskamp beent hij heen en weer. Een van zijn zwaarbewapende mannen knijpt zijn handen om zijn wapentuig tot zijn knokkels wit zijn. Geld willen ze, en voedsel, want hun volk heeft honger. Anders konden er wel eens doden vallen op de Veluwe.

Buiten op de parkeerplaats fietst een

jochie rondjes rond de legertrucks op zijn felgekleurde fiets. Even verderop sjouwt een inwoner van Harskamp met een boodschappentas. Ze hebben geen idee dat hun dorp het decor is van een simulatiespel dat toekomstige waarnemers opleidt voor hun taak in den vreemde.

Voor het simulatiespel is de Veluwe een week lang verdeeld in Hollandia (geleid door kolonel Buurman) en het reformistische Frysia (onder controle van volksheld Ritsma). ,,Om het voor de cursisten nog realistischer te maken, spreekt Buurman Hebreeuws en Ritsma Arabisch'', licht ritmeester H. van den Tempel toe. Hij is commandant van het instructieteam van de waarnemersopleiding en een van de scenarioschrijvers van het simulatiespel. De zes cursisten die deze week op de legerplaats verblijven, nemen vanaf begin 2001 deel aan de permanente missie UNTSO (United Nations Truce Supervision Organisation) in het Midden-Oosten. Hun missiegerichte opleiding duurt zo'n twee maanden, afhankelijk van rang en missie-ervaring. Op Instituut Clingendael krijgen ze onder meer onderwijs in plaatselijke politiek van het missiegebied en internationaal recht. Op de School voor Vredesmissies (SVV) in Amersfoort volgen ze lessen als algemene crisisbeheersing en woon- en werkklimaat van het missiegebied.

De Nederlandse opleiding neemt in de wereld een bijzondere plaats in. Nergens wordt zoveel aandacht besteed aan onderhandelingstechnieken, ethiek en stressbestrijding. Nu de nadruk in missies steeds vaker komt te liggen op humanitaire hulp, is de opleiding minder `militair groen' geworden. ,,Je moet aanvoelen welke politieke en onderhuidse spanningen spelen, zegt kapitein J. Kuppens, hoofd van het Bureau Opleiding, Ontwikkeling, Didactiek en Integrale Kwaliteitszorg.

Luitenant-kolonel A. Wispelweij, commandant van de SVV, geeft een praktijkvoorbeeld: ,,In Kosovo maakte een geniegroep een huisje van een vrouw met kinderen winterklaar. Haar waterput lag nogal ver weg en de groep besloot een nieuwe pomp te slaan. Prima actie, zou je denken. Maar de volgende dag werd de kolonel bestookt met boze reacties: `Waarom geeft KFOR aan die Albanese vrouw een put en niet aan anderen? Jullie zijn partijdig!' De groep had helemaal niet stilgestaan bij de afkomst van die vrouw, maar dat valt dan toch verkeerd.''

Dergelijke waargebeurde situaties komen terug in de gedramatiseerde filmpjes die cursisten van de SVV te zien krijgen. Wispelweij: ,,Elke missie levert nieuwe inzichten op. De opleiding wordt dus voortdurend geactualiseerd. Vanaf januari 2001 krijgen cursisten te maken met een cd-rom waarbij de cursist met een druk op de muisknop kan ingrijpen in situaties. De computer beoordeelt de handelingen van de toekomstig waarnemer.''

Rest nog de eigen mentale gesteldheid. De onderwerpen in de lesmodule Stress & Trauma variëren van ontspanningstechnieken en stressbestrijding door visualisatie, tot de kracht van muziek en het belang van een `buddy' (een collega met wie de missiemilitair een speciale band opbouwt en die let op eerste symptomen van stress). ,,Nederlanders staan open voor dergelijke lessen,'' weet de commandant van het instructieteam, ritmeester H. van den Tempel. ,,De Duitse defensie maakte onlangs voor haar missiemilitairen cd's met new-agemuziek met een rustgevende voice over. Die wilden daar niets van weten, zijn daar nog niet aan toe. De hele oplage ligt nog in de kast.''

De Nederlandse aanpak doet niet alleen in Duitsland de wenkbrauwen fronsen. Van den Tempel stuitte bij Franse collega's op hoongelach toen hij vertelde dat zijn militairen zes condooms meekrijgen naar het missiegebied. Zo werk je in de hand dat ze daar vreemdgaan, vonden de Fransen. ,,Officieel is het militairen verboden relaties aan te gaan met de autochtone bevolking'', vertelt Van den Tempel, ,,en dat vertellen we de cursisten ook. Maar niets menselijks is hun vreemd en tijdens de opleiding besteden we aandacht aan seksualiteit in het missiegebied. We zeggen: na zes maanden laat je zo'n meisje daar achter. Is dat het waard?''

De cursisten in het vergaderzaaltje verderop in Harskamp hebben intussen wel iets anders aan hun hoofd. Kolonel Buurman, gespeeld door één van de 35 acteurs die gedurende de week op het toneel verschijnen, is witheet als de `VN-waarnemers' te laat op hun onderhandelingsafspraak verschijnen. ,,We were being held up by your people'', kaatst cursist en eerste luitenant der mariniers D. Derks de bal terug.

De tolk die een half uur geleden nog moeiteloos in het Nederlands keuvelde met `kolonel Buurman', vertaalt de woorden in het Hebreeuws. De spanning is van de gezichten af te lezen, terwijl buiten een SRV-man bellend zijn ronde doet. ,,Het lijkt misschien op soldaatje spelen, maar voor de cursisten is het spel realiteit,'' zegt kapitein Kuppens. ,,Op het afscheidsdineetje weigerde een cursist een keer plaats te nemen naast een acteur die een van de warlords had gespeeld. We moesten hem eerst debriefen en pas toen kon hij er zelf ook om lachen.

Na de bijeenkomst met Buurman leunt cursist D. Derks op de bank in de hal zuchtend achterover. ,,Je deed het prima hoor, je bleef heel rustig'', evalueert zijn begeleider. ,,We hebben toch enig contact tot stand gebracht'', concludeert Derks ernstig, ,,maar Buurman moet niet denken dat de VN met zich laten sollen. Pas als hij met zijn krijgsgevangenen over de brug komt, ben ik gerust.''

    • Aranka Klomp