Turkije wil extra steun om crisis te bestrijden

Turkije heeft bij het Internationaal Monetair Fonds (IMF) aangeklopt voor extra financiële steun. Met een versnelde verstrekking van 600 miljoen dollar uit een lopend krediet wil de regering een einde maken aan de financiële crisis die Turkije teistert. Een nieuwe lening van 2 tot 4 miljard dollar uit een noodfonds van het IMF zou de regering extra lucht moeten geven.

Sinds enige dagen worden er op de markten massaal Turkse lira's verkocht en Amerikaanse dollars aangekocht. Ook de beurs in Istanbul beleeft moeilijke tijden, met een daling van 25 procent vorige week, omdat beleggers vertrouwen verliezen en hun aandelen verkopen.

De oorzaak van de financiële crisis ligt in de banksector. Een aantal banken, zo is inmiddels gebleken, verkeert op de rand van faillissement door onder andere wanbeheer en fraude. Bij onderzoek is inmiddels een groot aantal zaken van fraude en corruptie boven water gekomen en is een aantal mensen gearresteerd. Onder de gearresteerden bevindt zich Yahya Demirel, een neef van oud-president Demirel.

De liquiditeitscrisis is de laatste dagen versterkt, nu ook buitenlandse investeerders massaal hun geld opvragen, waardoor de rentetarieven stijgen.

Deze crisis is niet de eerste die Turkije de afgelopen tijd heeft getroffen, maar wel de eerste die geen strikt politieke oorzaak heeft. In het algemeen hebben de financiële markten wel vertrouwen in de economische sanering die de huidige Turkse regering, de eerste stabiele regering die het land sinds tijden kent, doorvoert. Tot crises kwam het meestal als de regering door politieke oorzaken in de problemen kwam. Onduidelijk is nog of het IMF het Turkse verzoek zal honoreren. In een eerste reactie zegt het fonds nu nog niet te overwegen om de lopende lening eerder beschikbaar te stellen, maar de situatie kan veranderen, zo wordt erkend. Het fonds is Turkije gematigd positief gezind. Zo is de organisatie te spreken over de aanzienlijke mate waarin de inflatie in Turkije is gereduceerd (van 80 à 100 procent in het verleden tot zo'n 25 à 35 procent nu). Ook constateert het IMF dat het regeringsprogramma voor economische hervormingen, dat door het fonds wordt gesteund, op schema ligt.