Omslachtig gepoedel

Istanbul telt nog een aantal historische badhuizen. Je kunt er terecht voor een uitgebreid bad, voor hardhandige massage èn voor de herenliefde.

Zouden ze Florence Nightingale ook zo mishandeld hebben? De vraag flitst door mijn hoofd als de masseur in de Cagaloglu-hamam in Istanbul zich klaarmaakt om voor de tweede keer over mijn rug te lopen. Florence Nightingale, Keizer Wilhelm, Fransz Liszt – volgens de eigenaar van de Cagaloglu-hamam brachten ze allemaal een bezoek aan het etablissement.

Istanbul en hamams – al eeuwen horen ze onlosmakelijk bij elkaar. Ten tijde van het Ottomaanse Rijk waren er, zo schatten historici, zo'n driehonderd badgelegenheden in de stad. Een dagje naar de hamam was destijds wat nu een dagje strand is – je nam lekker eten mee, verheugde je al bij de gedachte aan het heerlijke water en als je terugging naar huis was je lekker moe en kon je het leven weer even aan. Tegenwoordig ligt het aantal hamams in Istanbul drastisch lager, al was het maar omdat de gemiddelde Turk – die vaak 60 tot 70 uur werkt per week – geen tijd meer hoeft voor omslachtig gepoedel en het liefst 's ochtends thuis snel een douche neemt. Maar een aantal historische hamams is er nog, zoals de Cagaloglu- en Cemberlitas-hamams in Sultanahmet of de Galatasaray en Aga-hamam in de wijk Beyoglu. Als de grote deur naar de badruimte dicht zit, is de moderne tijd even buitengesloten en kan de bezoeker zich even voorstellen hoe het vroeger was.

De Cagaloglu-hamam in Sultanahmet – op een steenworp afstand van bezienswaardigheden als de Aya Sophia en de Blauwe Moskee – is misschien wel de mooiste `antieke' hamam van Istanbul. Het bad, dat in het midden van de 18de eeuw is gebouwd, viel zo in de smaak dat het zelfs bezongen werd in gedichten en liederen. Volgens de dichter Ali uit Bitlis was de hamam ,,zo mooi als een rozentuin. De masseurs bruisen van de energie en hebben mooie gezichten'', schreef hij. ,,Iedereen in Istanbul houdt van hen.''

Tegenwoordig heeft een groot aantal masseurs in de Cagaloglu een niet onaanzienlijk buikje ontwikkeld, maar feit is dat ze hun werk nog steeds grondig aanpakken. Een echte badervaring begint met een kwartier liggen op de zogeheten göbektasai, een grote warme marmeren steen in het midden van de hamam. Dat kwartier is bedoeld om vuil en dode huidcellen los te weken, zodat ze daarna eenvoudig verwijderd kunnen worden. In de Cagaloglu-hamam kun je kiezen tussen een aantal soorten massages, variërend van een simpele kese (waarbij de masseur een handschoen aandoet en flink over je huid poetst) tot een zogeheten Ottomaanse ervaring, waarbij de masseur, als het beetje verkeerd wil, je een pak rammel geeft. ,,Ik kijk eerst altijd wat voor vlees ik in de kuip heb'', vertelt Dogan, die al tien jaar in de Cagaloglu werkt. ,,Als ik de klant aardig vind, doe ik zachtjes, anders leef ik me uit''.

Een `Ottomaanse ervaring' in de Cagaloglu kost – omgerekend – zo'n tachtig gulden. Het kan echter nog veel duurder. Voor 800 dollar (exclusief BTW) is het namelijk mogelijk de hamam twee uur af te huren zodat je de ,,rozentuin'' helemaal voor jezelf hebt. Onlangs deed popster Tarkan dat nog, nadat hij zijn militaire dienst had afgerond en – na alle negatieve publiciteit die zijn aanvankelijke weigering om onder de wapens te gaan, had veroorzaakt – kennelijk even wat behoefte had aan afzondering.

Toch was afzondering het laatste waar inwoners van Istanbul in de Ottomaanse tijd bij het woord `hamam' aan dachten. De hamam speelde een belangrijke rol in het leven van vrouwen. ,,Huwelijken, toen nog het belangrijkste doel in het leven van een vrouw, begonnen in de hamam'', schrijft de Britse historicus Philip Mansell. De hamam was de plek waar moeders bij hun vriendinnen konden polsen hoe het meisje dat zij voor hun zonen op het oog hadden, bekend stond. En als de dame in kwestie zelf naar het bad kwam, kon zij deze in Eva-kostuum bewonderen – vrouwen waren in de hamams beduidend minder preuts dan de meeste mannen voor wie het van levensbelang was om hun lichamelijkheid te bedekken met een traditionele pestemal.

Maar begonnen huwelijken vaak in de hamam – soms eindigden ze er ook. In de Ottomaanse tijd stonden hamams bekend als de plek waar vooral mannen homoseksuele ervaringen met elkaar hadden. Het is die traditie waarop gezinspeeld werd in de film Hamam. De film, die zoveel woede opwekte bij Turkse badhuiseigenaren dat ze er in een verklaring afstand van namen, vertelt het verhaal van een Italiaanse yuppie met een ongelukkig huwelijk die naar Istanbul komt en daar in een hamam de herenliefde ontdekt (en tegelijkertijd, overigens, de Turkse maffia die hem aan het einde van de film naar de andere wereld helpt).

Europese bezoekers in de Ottomaanse tijd verbaasden zich vaak over de openlijke manier waarop Turkse mannen hun liefde voor jongens beleefden. De stad Venetië maakte zich zelfs zo'n zorgen over wat er in Istanbul gebeurde, dat zij een wet aannam die jongens onder de zestien verbood om naar Turkije te reizen – uit angst dat de jongelingen daar `Turks' zouden worden. De hamam speelde een hoofdrol in deze homo-erotiek: de jongetjes die de klanten verzorgden in het bad, werden mede op grond van hun schoonheid uitgekozen. Dichters probeerden hun verdriet in strofen te vergeten als de jongens behalve mooi ook een beetje onbetrouwbaar bleken te zijn. ,,Elke nacht laat je anderen raken aan je hart. O tiran, ik heb toch ook een hart! Hoe kun je zo wreed zijn!'', schreef een van hen.

Ook tegenwoordig is er in een aantal historische hamams in Istanbul nog genoeg homo-erotiek te vinden. In de Cukurcuma en Aga-hamams bij Taksim, bijvoorbeeld, zijn vrijwel alle klanten homoseksueel. ,,Je weet niet half wat ik hier meemaak'', vertelt een masseur in de Aga-hamam. ,,In de kleedhokjes doen ze hun pestemal om, maar ze weten niet hoe snel ze hem weer af moeten doen als ze in het bad komen.''

En zo blijkt er in al die jaren veel minder veranderd dan je zou denken. Net als in de Ottomaanse tijd is bij een bezoek aan de hamam ook de bakshiesh nog een heikel punt. ,,Geef degene die de koffie schenkt een lekkere fooi, dan wordt hij gelukkig'', schreef de dichter Ali uit Bitlis al. Een wijze raad, die nog steeds opgaat in bijna elke historische hamam. ,,Is dat alles?'', zegt de masseur van de Galatasaray-hamam, als ik twee miljoen Turkse lira – omgerekend ongeveer 8 gulden – fooi neerleg. ,,Weet je wat jij doet? Stop dat geld maar in je...''. Ali uit Bitlis, in zijn gedichten toch ook vaak een voorstander van direct taalgebruik, had het niet mooier kunnen zeggen.

Cukurcuma, Aga en Galatasaray zijn in de buurt van het Taksimplein gevestigd. De Cagaloglum zit in in Sultanahmet bij de Blauwe Moskee. Openingstijden dag 8-20u

    • Bernard Bouwman