Boonstra aan de slag voor nationale kunstcollectie

Philips-topman Cor Boonstra en zijn ING-collega Ewald Kist gaan vanaf volgend jaar geld werven voor het Nationaal Fonds Kunstbezit. Ze willen op persoonlijke titel het bedrijfsleven aansporen meer verantwoordelijkheid te nemen als het gaat om nationaal kunstbezit. Dat bleek afgelopen dinsdagavond in het Amsterdamse Rijksmuseum bij de Rembrandt-lezing.

De Philips-baas vindt dat het bedrijfsleven een rol dient te vervullen bij de nationale collectievorming. Die rol sluit aan bij de groeiende tendens in de cultuursector om meer private fondsen te zoeken bij het aankopen van kunstwerken en zich niet alleen te beperken tot een beroep op publieke middelen.

Het Nederlandse erfgoed speelt volgens Boonstra een rol binnen het krachtenspel van de globalisering en de Europese integratie. Daarnaast heeft kunst natuurlijk gewoon een grote invloed op mensen, ook in hun werkomgeving, zo constateerde Boonstra. `E-business' en nieuwe economie doen volgens hem niets af aan de onschatbare waarde van wat oude en hedendaagse meesters hebben voortgebracht.

Het Nationaal Fonds Kunstbezit werd bekend door de – omstreden – aankoop van Mondriaans Victory Boogie Woogie voor het Haags gemeentemuseum en de bijdrage voor de aanschaf van Rembrandts Portret van een Oude Man door het Mauritshuis in Den Haag. Het Fonds is een particuliere stichting, die in 1997 is opgericht door het kernbestuur van de Vereniging Rembrandt. De voorzitter van het Fonds, Jan Maarten Boll, is tevens voorzitter van de vereniging, die ook bij de nieuwe initiatieven betrokken zal zijn. Het Fonds heeft nog een kleine dertig miljoen op de bank, te weinig om nog een grote aankoop te kunnen doen.