Prachtfilm

Had ik die documentaire over Ajax, Daar hoorden zij engelen zingen van Roel van Dalen, maar niet gezien. Ik was gisteren zo onverstandig hem op het International Documentary Filmfestival Amsterdam (IDFA) te gaan bekijken.

Het was twaalf uur in de middag, een tijdstip waarop iedereen die op een eerlijke manier zijn brood verdient, wel iets anders te doen heeft. Toch was de zaal van City 2 volledig uitverkocht. Met wie? Filmfestivalkoortslijders. Dat zijn mensen die minstens zoveel van filmfestivals als van film houden. Het woord `festival' ontketent een geheimzinnige razernij in hen. Om maar niets te hoeven missen, nemen zij er een weekje vrij voor, kopen passepartouts of overleggen juist als jij achter hen in de rij staat een kwartiertje met de caissière welke voorstellingen zij nog meer kunnen bezoeken.

Ajax-supporters waren er nauwelijks. Eén man in een geel T-shirt en met een zwarte baseballpet leek er verdacht veel op, maar hij was zo onder de indruk van de artistieke entourage dat hij zijn mond hield. Misschien was hij, zoals iedereen zelfs het Ajax-bestuur en ex-trainer Jan Wouters erg tevreden over die film.

Het is ook een prachtfilm, daar niet van.

Dat juist Ajax, altijd zo'n gesloten bolwerk voor de journalistiek, toestemming heeft gegeven voor het maken van een dergelijke documentaire, mag een wonder heten. Het is misschien alleen te verklaren uit de groeiende kritiek op Ajax dat het nooit aan zelfkritiek durft te doen.

Er viel op het eerste gezicht veel te genieten, juist voor iemand die, zoals ik, de verfilmde periode het vorige voetbalseizoen als toeschouwer heeft meegemaakt. Ik had de buitenkant van al die misère gezien. De verbale steniging van Wouters door de supporters bij de jubileumwedstrijd tegen FC Twente herinner ik me nog heel goed. Roel van Dalen laat je het ontbrekende deel zien: hoe Wouters eenzaam terugloopt naar zijn kamer en een sigaret opsteekt, terwijl je in de verte nog het rumoer hoort van de supporters die zijn scalp opeisen.

Vanwaar dan toch mijn onbehagen na het zien van die film?

Het komt doordat Van Dalen zo goed laat zien dat de lol eraf is. Van het topvoetbal, bedoel ik.

Wie doet het nog voor zijn plezier? Jeugdtrainers staan verzenuwde jongetjes af te blaffen. Een trainer zegt tegen zo'n jongen: ,,Het positieve van jou is je coachbaarheid.'' Straatarme, Afrikaanse jongens worden als vee geïnspecteerd door Ajax-scouts. Bestuursleden praten cynisch over contracten. Vorstelijk betaalde voetballers ondergaan hun sport als een soort werkstraf.

Iedereen is gespannen, boos en verbitterd. Spelvreugde is een verouderd begrip geworden, iets uit de tijd van Abe Lenstra.

We hebben die voetballerij te belangrijk gemaakt. We zijn vergeten waar het ons ooit om begonnen was: een aardig tijdverdrijf, leuk om te doen, leuk om te zien.

Morgen Ajax-RKC. Daar staat weer heel wat op het spel.

    • Frits Abrahams