Muziek Lann blijft boeien

Overal wordt herdacht dat Bach 250 jaar geleden is overleden. Maar zelden gebeurt dit op zo'n originele wijze als in de serie `Bach als bron' in de Rotterdamse De Doelen, waarin het contrast voorop staat. Zo prijkten op het eerste concert werken van de Russische hedendaagse componiste Sofia Goebaidoelina op de lessenaars van het Radio Kamerorkest en zondag werd Bachs Tweede orkestsuite gecombineerd met werken van Vanessa Lann en Strawinsky. Ook combinaties met klassiek romantische componisten pakken verrassend uit. Wat te denken van de Nederlandse première van de Vijfde symfonie in d opus 112 van Ferdinand Ries (1784-1838), de éénogige wildromantische pianist, razend populair maar nu geheel vergeten, over wie Beethoven beweerde: ,,Hij imiteert mij te veel''? Op 17 februari zullen wij weten wat die uitspraak te betekenen heeft.

Want wie imiteert niet? Slechts een enkeling, zoals een Cage en een Goeyvaerts, is het gegeven om vanuit een nulpunt geheel opnieuw te beginnen. Het gaat er maar om wat men zelf aan al die invloeden weet toe te voegen. De Amerikaanse Vanessa Lann (1968), die in 1990 naar Nederland kwam om bij Theo Loevendie te studeren, imiteert Bartók, Strawinsky en minimal music, maar weet dit idioom op een eigenzinnige wijze te behandelen. Springt zij in sommige van haar werken nog wel eens van de hak op de tak, in het nieuwe Resurrecting Persephone voor fluit en kamerorkest (1999) is de concentratie voorbeeldig waarbij het steeds gaat om verfijnde kleine nuances. Persefone, dochter van Demeter en Zeus door Hades geschaakt om naast hem over de onderwereld te heersen, werd door Demeter teruggehaald en mocht tijdelijk de bovenwereld bezoeken.

Het is dit contrast in een muziek van schimmen en schaduwen tegenover een opzwepende dans in tastbare contouren dat Vanessa Lann zoveel mogelijk heeft uitgediept, daarnaast verbeelden fluit en trom de zoektocht van Demeter. Biedt het eerste deel (Temple of the Mind) aanvankelijk volledige stilstand, het tweede (Fruit of the Body) verkent in extended techniques de binnenkant van de fluit terwijl in de stijgende beweging van het derde deel (Play of the Spirit) Persefone terugkeert voor een orgeastische dans om in het laatste deel (Memory) weer af te dalen naar de onderwereld.

Ook zonder deze verhaallijn als hulpmiddel blijft Lanns muziek van begin tot eind boeien. Daarbij kunnen de eerste delen worden opgevat als een lange inleiding op de trance-achtige, quasi archaïsche dansbeweging als hoofddeel afgerond door een coda met reminisenties aan het eerste deel. De strakke, niet zozeer concertante maar in het orkest opgenomen lange lijnen van de fluit, houden het betoog moeiteloos overeind. Fraai is de inbedding, bijna te mooi en een enkele keer afleidend, zoals de plens water vanuit een appelgroene gieter gegoten die de (on)nodige hilariteit veroorzaakt. Ook vind ik de grote cadens in een `gewone' Jolivet-stijl enigszins detoneren in het verder veel bijzonderder geheel. Aan de souvereine fluitiste Eleonore Pameijer bleek deze echter zeer besteed. Het succes was groot want ook het Radio Kamerorkest zorgde voor hoogwaardig tegenspel.

Maar niet minder een hoogstandje vormde Bachs als septet uitgevoerde Tweede Suite, in razend tempo vertolkt met traversist Jed Wentz in de hoofdrol. Je hield je hart vast maar de musici bleven overeind en Wentz zag zelfs kans om in de virtuoze Double uit de Polonaise nog extra decoratie in te voegen. Ontspanning, ten slotte, bood Strawinsky's elegante Orpheus-ballet, daarin mochten wij even uitblazen.

Concert: Radio Kamerorkest o.l.v. Kenneth Montgommery met Jed Wentz (traverso) en Eleonore Pameijer (fluit). Werken van Bach, Lann en Strawinsky. Gehoord 26/11 De Doelen Rotterdam. Radio 4: 30/11 20.00 uur.