De laatste plakkers

Welke urban professional plakt nog zijn eigen banden? Geen enkele. Het plakken van banden zie je thans nog slechts op het platteland op boerenerven en als je geluk hebt af en toe op de stoep van een studentenhuis. Voor wie geen auto heeft, is de fiets naast internet zo'n beetje het belangrijkste communicatiemiddel met de samenleving en een platte band is dus een serieus probleem. Als tijd en kunde ontbreken de klus zelf te klaren, is men aangewezen op derden. Welke derden? Mijn fietsenmaker in de stad (`geen personeel') plakt al maanden geen banden meer. Ik kan nu alleen nog terecht bij het station Rotterdam CS, waar drie jonge mannen zich meters onder de grond dagelijks in het zweet werken om de banden te plakken van legers advocaten, ambtenaren, journalisten en andere burgers. Weinig mensen hebben oog voor de economische sleutelfunctie die zij hiermee vervullen, of het moet dominee Visser zijn van de nabijgelegen Pauluskerk die schreef dat ,,deze heren in de adelstand dienen te worden verheven.''

Wie zijn deze heren? De benjamin is Danny Kuiper (25). Hij is nu bijna vijf jaar reparateur op het station; zijn vader doet hetzelfde in de kleine stalling aan de noordzijde. Danny's collega's zijn Martin de Koeyer (40), ex-visverwerker en zes jaar reparateur en `nieuwkomer' (bijna drie jaar) Stef Scholte (43), ex-bibliothecaris. ,,Het grootste deel van het reparatiewerk betreft het plakken en vervangen van banden'', zegt Stef. ,,Als reparateurs hebben we inmiddels zowat een monopolie. We weigeren geen fiets.'' Hoe beland je van een bibliotheek in een ondergrondse fietsenstalling? Stef: ,,In die bibliotheek was alles veel te weinig concreet. Er werd over van alles gepraat en vergaderd en daar kon ik niet goed tegen. Ik aardde er gewoon niet. Daarom besloot ik de opleiding tot fietshersteller te gaan doen, ook omdat het al jaren een hobby van me was.'' Onderlinge hiërarchie tussen de drie bestaat niet. Danny: ,,We zijn allemaal gelijk. Wel is het zo dat Martin hier het langst werkt en dus het meeste weet.''

Naast het plakken van banden houden de heren zich bezig met het runnen van de stalling, de verkoop van fietsen (nieuw en oud) en fietsartikelen en met fietsenverhuur. Merken zij iets van waardering voor hun cruciale werk? Stef: ,,Best wel. We krijgen regelmatig iets in de handen gedrukt, een bloemetje, een zak drop of, zoals laatst, een schaal met verse haring.'' Alle drie vinden ze dat ze een prima baan hebben. Martin: ,,Veel contact met mensen en een beetje knoeien met zo'n fiets, heerlijk. En we verdienen prima, want de stallings-CAO is afgeleid van de kleinmetaal en die is niet slecht. Veel beter dan die voor winkelpersoneel, waar ik onder zou vallen als ik in een fietsenzaak werkte.''

Deze arbeidsvreugde zorgt voor een bijzondere sfeer in de fietsenstalling; iedereen is vrolijk en doet zijn best je te helpen. ,,Je vriendin is een kwartier geleden weggefietst'', hoor ik regelmatig als ik 's avonds mijn fiets kom ophalen.

Het contact met mensen leidt af en toe tot kolderieke situaties. Dat begint al om vijf uur 's ochtends als de zaak open gaat en er steevast een paar slapende zwervers moeten worden weggesleept. Danny: ,,Dat gaat in goede harmonie. Nu ligt er altijd een neger in een groene jas. Ook met de junks hebben we geen problemen.'' Dat de drie enorme hoeveelheden mensen kennen, zonder het zelf te beseffen, bleek toen Stef recent in het Dijkzicht op ziekenbezoek ging. ,,Ik liep op die gang en de ene witte jas na de andere groette me heel enthousiast. Allemaal stallers. Dat was een gekke ervaring!''

De toeristen die een fiets komen huren leveren ook goede verhalen op. Danny: ,,Dan zeggen ze: `op die fiets zit geen rem!' Dan zijn ze totaal onbekend met het verschijnsel terugtraprem. Je moet dan voor doen hoe die werkt.'' In de avonduren zijn het vooral de bezopen feestneuzen, die naar beneden komen stuiteren die om speciale aandacht vragen. Stef: ,,Laatst hadden we iemand wiens fiets was gestolen. Hij wilde hier gratis een nieuwe meenemen. Dat werd bijna vechten.'' Hij wijst op een rode knop boven de tafel. ,,Als we daarop drukken staat de spoorwegpolitie binnen een paar minuten in de zaak. Dat is een rustgevende gedachte.''

    • Micha Kat