Voor een piek

Laatst ging ik 's avonds zwemmen. Je moet toch iets doen. En daar stond 'ie weer, die vreemde man. Net iets voor het Rijksmuseum. Een zwerver, maar dan nét niet. Met dat kleine bordje om z'n nek.

Wat zou die willen, behalve geld?

Ik was nu lopend, meestal zag ik hem veilig vanaf de fiets, maar nu zou ik dus echt langs hem komen.

,,Do you have a guilder for me?''

,,No'', zei ik. ,,I am in a hurry'', of zoiets lulligs.

Geen zin in, wegwezen. Hij had het wel netjes gevraagd, maar het was me toch iets te snel gegaan allemaal. Als hij het niet had gevraagd, dan had ik misschien dat bordje beter kunnen lezen en dan was ik misschien zelf wel met die piek gekomen. Toch zonde, zo'n gemiste kans, want ik wilde wél!

Na het zwemmen – zwemmen ruimt op – moest ik weer langs 'm. Bijna vrolijk zocht ik alvast in mijn zakken naar die losse gulden. Ik zou hem eens verrassen, die aardige stakker. Hij had het best netjes gevraagd immers. En had er niet iets van Socialist op dat bordje gestaan?

Nou, en socialisten, dat zijn goede mensen! Zeker deze, niet die uit Den Haag natuurlijk, maar deze wel. Dit was nog een echte. Misschien was het wel de laatste? De laatste met een ideaal?

,,There you are'', zei ik met glimlach, die nog steeds van dat zwemmen kwam.

,,O, thank you very much, sir'', zei hij.

,,Now we can continue our work.''

Wat was dat nou weer? ,,Continue our work?'' Zouden er dan meer van zijn? Van dit soort nette socialisten? Een nieuwe groep van echte ouderwetse, die zich los hadden gemaakt? En dat ze als nieuwe Don Quichottes de strijd aangebonden hadden tegen alle betonnen gebouwen? Alle gebouwen waar de namaak-socialisten nu zelf in zaten? Een Internationale Nieuwe Socialistische Organisatie, met als zwervers verklede soldaten? En dat zij het nu wél bij het rechte eind hadden? Maar ik had geen zin in conversatie op straat. Ik moest er niet aan denken – nu hier, eventjes – met een vreemde alles doorpraten. Opeens zag ik mezelf al tot het ochtendgloren ja-knikken. En dat hij me dan nooit meer los zou laten. Nee, dat doe je maar bij iemand anders, vader, dacht ik, en ik begon me dus al van hem af te draaien.

,,We are also on the internet'', zei hij, en hij overhandigde mij z'n kaartje. ,,You can read it there'', zei hij.

Ja hoor, toe maar, ,,de zwaervers staen op intaernet'', tegenwoordig. Geloof je het zelf?

Doorlopen nu, en om er vanaf te komen deed ik net of er niets aan de hand was en zei zo normaaal mogelijk: ,,I will, okay, I will!''

Natuurlijk heb ik die homepage van hem opgezocht. De volgende ochtend al. Moet ik nu dit stukje afsluiten, en u ook dat nummer gaan geven? Of ga ik u vertellen wat er allemaal op die pagina's aan de hand is? Maar dan gaat er nooit meer iemand, die man die Klaus heet en die zichzelf `Diplom Ökonom' noemt, een piek geven. Wie gaat er nou broodroof op een zwerver plegen?

Wat ik wel kan doen, is een tipje van de sluier oplichten. Maar dan moet u mij beloven dat, als u hem ziet, daar iets voor het Rijksmuseum, ook 's avonds, dat u hem een piek geeft. Dan snijdt het mes aan twee kanten. U blij, hij blij, zoiets. Dan licht ik nu alvast een prikkelend tipje van de sluier op.

Het meest interessante deel van de homepage van `Eurodes', zijnde zijn, of hun, organisatie (ook wel, het `Socialistic Documentation Centre for Europe' genoemd) is het curriculum van Klaus zelf natuurlijk, dat wil ik wel verklappen.

Hoe vaak je daar de woorden: `secret agent', `I was ridiculed', `attacked', `rejected', `arrested', `terrorised', `without receiving help', `psychological terror', en `mental', tegenkomt – dat is geweldig. Eigenlijk is dat alléén al een piek waard.