Vitesse en hiv

Met stijgende verbazing heb ik gelezen (NRC Handelsblad, 16 november) dat bij Vitesse een speler met hiv is besmet. Het is de eerste keer in Nederland dat de hiv-besmetting van een voetballer openbaar wordt gemaakt. Zijn gegevens worden met naam en toenaam genoemd: De 18-jarige Job Komol afkomstig uit Kameroen. Ik vrees dat ik de media niet kan verwijten dat zij ruchtbaarheid geven aan een persconferentie, belegd door Vitesse. Vitesse treft wèl blaam. Als het waar is dat Komol de technisch-manager Streuer in vertrouwen heeft genomen, nadat de besmetting tijdens en na controle op tbc aan het licht was gekomen, zou het dan zijn bedoeling zijn geweest om iedereen via een persconferentie van zijn situatie op de hoogte te stellen?

Het stoort mij dat Vitesse technisch-manager Streuer het vertrouwen van Komol heeft beschaamd. Het stoort mij dat Vitesse-voorzitter Jos Vaessen beweert dat in overleg met Komol deze persconferentie werd belegd. Een 18-jarige voetballer (2,5 jaar in Nederland) kan niet overzien welke consequenties zoiets voor zijn functioneren heeft. Het stoort mij dat Jos Vaessen suggereert dat Komol zèlf vond dat iedereen op de hoogte moest zijn, omdat anders spookverhalen zouden komen en dat stigmatisering in de hand werkt.

Het stoort mij dat plotseling ook de overige Afrikaanse spelers van Vitesse zijn getest, volgens Vaessen zijn ze niet onder druk gezet en deden ze het op eigen initiatief. Het stoort mij dat KNVB-bondsarts Han Inklaar ook nog een duit in het zakje doet, doordat hij enerzijds beweert dat het besmettingsgevaar miniem is en anderzijds suggereert dat de UEFA moet zeggen of een speler die hiv-besmet is wel of geen speelverbod krijgt. Vitesse had misschien de beste bedoelingen, maar de persconferentie heeft geleid tot stigmatisering van één speler terwijl ook via het testen van de overige Afrikaanse spelers spookverhalen over donkergekleurde spelers worden gecreëerd.