VERMEER 2

Graag maak ik een enkele opmerking bij het artikel `Betwiste lijnen' over de werkwijze van de schilder Vermeer (W&O, 4 november). Een schilder is géén fotograaf. De wetten van het éénogig perspectief hebben voor de schilder maar beperkte waarde. Ruimtelijk waarnemen, het om de dingen heen kijken, kan je met twee ogen. Van een exacte reconstructie van het afgebeelde voorwerp kan voor de schilder dan ook geen sprake zijn bij een éénogig perspectief.

Het `om de dingen heen kijken' kun je het best demonstreren door een smal voorwerp, smaller dan de afstand tussen je ogen, direct bij je ogen te houden. Je kunt dan tegelijkertijd zowel de linker- als de rechterzijde zien. Dat is met een camera uitgesloten. Wanneer Vermeer geheel volgens de regel en wetten van de fotograaf had geschilderd had er, zoals u afbeeldt, een onaangenaam stoofje op de grond bij het melkmeisje gestaan. Voor een van de mooist geschilderde stillevens uit de kunstgeschiedenis was op de sterk wijkende tafel dan geen plaats geweest. Vermeer was ongetwijfeld een schilder die zijn `beide' ogen de kost gaf en de beperkingen van het éénogig perspectief kende.

    • L. van Dijk