Rijksmuseum mist beelden en pendule

Twee beeldjes en een pendule worden sinds gisterochtend vermist uit het Rijksmuseum in Amsterdam. Volgens een woordvoerder van het museum hebben de voorwerpen samen een waarde van ongeveer 1,5 miljoen gulden. Ze zijn waarschijnlijk gestolen.

Een van de vermiste beelden is een verguld bronzen beeldje van de Franse schrijver François Marie Arouet, beter bekend als Voltaire. Het 32 centimeter hoge beeldje uit 1779 is een proef voor een levensgroot beeld dat de Franse beeldhouwer Jean-Antoine Houdon voor de Russische keizerin Catharina maakte.

Het nu vermiste portretje van de 84-jarige, gerimpelde glimlachende schrijver zonder pruik op een stoel, schonk Houdon alvast aan de keizerin, nadat het eerst in de Parijse salon getoond was. Houdon had voor Catharina al eerder een buste van Diderot gemaakt.

Het andere vermiste beeld is een terracottabeeldje van Hercules uit de zeventiende eeuw. Het gaat waarschijnlijk om de kleischets van 32 centimeter hoog voor een fonteinbekroning die de Antwerpse beeldhouwer Artus Quellinus in 1651 boetseerde. Hij werkte, aldus de catalogus van het Rijksmuseum, in Amsterdam aan de beeldhouwdecoraties van het nieuwe stadhuis (nu het paleis) op de Dam. Het was de bedoeling dat het beeld uiteindelijk zou worden uitgevoerd in brons of koper, maar dat is niet gebeurd.

Het derde voorwerp waarvan de vermissing gisterochtend werd vastgesteld, is een achttiende-eeuwse pendule.

Het beeld van Voltaire stond in een vitrine, het beeld van Hercules en de pendule waren verankerd met een staaldraad. Een woordvoerer van het Rijksmuseum verklaarde tegenover het Franse persbureau AFP dat men geen idee heeft hoe de kunstvoorwerpen hebben kunnen verdwijnen. Van de dieven ontbreekt elk spoor. De politie heeft de zaak in onderzoek.