Mugabe viert kerst in arm Zimbabwe

Zimbabwe bevindt zich in een diepe economische crisis. De minister van Financiën bezuinigt.

Volgende maand is het Kerstmis. De hoogste tijd voor president Robert Mugabe (76) om zijn kerstboodschappen in het buitenland te doen. Hij reist veel – vrouw Grace en de drie kindertjes kunnen een overladen pakjesdag tegemoet zien. 's Lands schatkist mag bijna leeg zijn, voor de president valt er altijd nog wat te graaien. ,,Als zijn eigen potje leeg is, haalt hij het bij andere departementen vandaan'', zegt een economisch analist in Harare.

Minister van Financiën Simba Makoni schilderde dezer dagen bij het bekendmaken van de begroting voor 2001 een somber beeld van de economie, die door de bezettingen van ruim 1.600 grote boerderijen en deelname aan de oorlog in Congo volkomen is ontregeld.

De jonge econoom Makoni, die bekend staat als een bekwaam technocraat, trad vier maanden geleden aan. Hij maakt deel uit van een nieuw span ministers afkomstig uit de zakenwereld, door Mugabe aangesteld in een poging het tij te keren. Het sombere beeld dat Makoni vorige week schetste van de Zimbabweaanse economie is volgens analisten nog aan de optimistische kant. Het bedrijfsleven gaat ervan uit dat de economie dit jaar met 5 tot 6 procent krimpt, Makoni hield het op 4,2 procent. Voor 2001 becijfert hij een daling van de landbouwopbrengsten met 9,5 procent, industriegoederen staat op min 5 en de mijnbouw loopt met 3 procent terug. De overheid zal in reële termen 20 procent minder uitgeven dan dit jaar. Volgens Makoni komt dit voor volgend jaar neer op een krimp met 2,8 procent. Onafhankelijke economen komen uit op 8 tot 9 procent daling.

Zo erg is de situatie dat Makoni forse bezuinigingen doorvoert in cruciale sectoren. De uitgaven aan onderwijs gaan met een kwart terug, gezondheidszorg krijgt 17 procent minder en defensie zo'n 40 procent. De sterk opgelopen schuld van het land komt tot uitdrukking in het aandeel van de rentelasten op de begroting: 33,7 procent in 2000, 47,5 procent in 2001. De stijging van de overheidsuitgaven van 175 miljard Zim-dollar (ruim 8 miljard gulden) naar 250 miljard wordt geheel tenietgedaan door de devaluatie van de munt met 25 procent en de inflatie van 60 procent.

Als doekje voor het bloeden had minister Makoni voor de gewone Zimbabweaan een dubbele verrassing in petto: vanaf 1 januari 2001 gaat de accijns op bier 20 procent naar beneden, net als de importheffing op fietsen. Of het de burgers kan bekoren is twijfelachtig, want het algemene economische beeld is desastreus voor een land dat sinds de onafhankelijkheid juist een gestage groei doormaakte en in zuidelijk Afrika geen slecht figuur sloeg.

De economische basisvoorwaarden in Zimbabwe zijn goed: vruchtbare grond, een niet al te grote bevolking (12 miljoen), een hoog onderwijsniveau en een redelijk ontwikkelde infrastructuur. Etnische conflicten zijn beperkt, de twee hoofdstammen – Shona's en Ndebele's – hebben in het verleden veel conflicten uitgevochten, maar leven nu in redelijke vrede naast elkaar. Robert Mugabe, sinds 1980 onafgebroken aan de macht, mocht zich bovendien lange tijd verheugen op grote steun uit Westerse ontwikkelingspotjes en van internationale financiële instellingen als IMF en Wereldbank.

Maar het ongegeneerde misbruik van macht en middelen begon de economie uit te hollen. Mugabe permitteert zich al jaren de levensstijl van een Arabische vorst, en dat was nog net betaalbaar zolang er geen ontregelende factoren waren. Dit jaar zette de president zelf de bijl aan de wortel door de zogenoemde oorlogsveteranen menig `veteraan' was nog maar net geboren tijdens de onafhankelijkheidsoorlog van de jaren zeventig op de blanke boerderijen af te sturen. De zet werd ingegeven door pure machtspolitiek: de spectaculaire opkomst van de oppositionele Beweging voor Democratische Verandering vereiste een antwoord van Mugabe's ZANU-PF partij om zijn bewind te bestendigen. Daarin is hij voorlopig geslaagd, zij het ten koste van geweldige economische verliezen.