Leider stapt uit beraad over Cyprus

De Turkse Republiek van Noord-Cyprus trekt zich terug uit de besprekingen over de toekomst van het verdeelde eiland. Dat heeft de Turks-Cyprische president, Denktas, gisteren gezegd.

Volgens Denktas hebben de besprekingen die plaatshebben onder auspiciën van de Verenigde Naties, geen zin meer zolang Turks-Cyprus niet – juist als het Griekse deel van het eiland – als soevereine staat wordt erkend. Vooralsnog wordt de `republiek' van Denktas alleen door Turkije erkend. Mocht de Turks-Cyprische staat in bredere kring erkenning vinden, dan is Denktas bereid zijn beslissing te heroverwegen. Een nieuwe ronde van de besprekingen – waarin de partijen niet direct, maar via VN-vertegenwoordigers met elkaar praten – stond voor januari op de agenda.

De Turkse premier, Ecevit, verklaarde gisteren geheel achter Denktas te staan. Volgens Ecevit zijn er in een jaar tijd vijf lange bijeenkomsten geweest en hebben die niets opgeleverd. Ecevit leverde gisteren felle kritiek op de Europese Unie omdat deze de mogelijkheid heeft geschapen dat Grieks-Cyprus, zonder dat hereniging met Turks-Cyprus plaatsheeft, toch lid kan worden van de EU. Volgens Ecevit was er ,,vroeger of later wel een consensus gevonden'', als de EU zich niet met de zaak was gaan bemoeien.

De beslissing van Denktas – die dus gesteund wordt door Ecevit – werpt een nieuwe schaduw op de betrekkingen tussen Turkije en de EU. Deze zijn al zwaar belast, omdat Ankara woedend is om pogingen van Griekenland de kwestie-Cyprus en de territoriale conflicten in de Aegeische Zee een prominente plaats te geven in het zogeheten toetredingsdocument, een routebeschrijving van de weg die Turkije naar 'Brussel' moet afleggen. Ook is Ankara erg boos over resoluties van onder andere het Europese Parlement waarin Turkije wordt opgeroepen te erkennen dat in de laatste fase van het Ottomaanse Rijk een genocide onder Armeniërs heeft plaatsgehad.

In Turkije groeit de zorg over het EU-plan om een eigen defensiemacht te creëren. Ankara bood eerder aan om een brigade voor de macht beschikbaar te stellen, maar wil in ruil daarvoor een stem in het kapittel. Eerder deze week kwam de secretaris-generaal van de NAVO, Robertson, naar Turkije om de zaak met Ecevit te bespreken. Na het onderhoud liet Ecevit weten dat hij ,,niet tevreden'' is ,,omdat de rechten van Turkije in deze zaak verwaarloosd zijn''.