Hollands Dagboek: Patrick C. Cammaert

Generaal-majoor der Mariniers Patrick C. Cammaert (50) nam deel aan VN-operaties in Cambodja en Bosnië. Als commandant van SHIRBRIG geeft hij nu leiding aan de VN-macht in Ethiopië en Eritrea. Hij woont in Kopenhagen, is getrouwd met Joke de Hosson en heeft een zoon Rogier (23) en een dochter Claire (20).

Woensdag 15 november

Vandaag is het de dag van vertrek naar Asmara, de hoofdstad van Eritrea. Het is een dag van pakken, de laatste e-mails versturen en nog veel telefoontjes plegen. Het avontuur gaat beginnen.

Mijn gedachten gaan terug naar mijn verkenningstrip vorige week. De aankomst op het vliegveld in Asmara was overdonderend. Een grote schare lieden van de pers stond me op te wachten. Ze vielen bijna over de kleine tijdelijke baas van UNMEE, mr. Saksena, die mij welkom heette, heen. Een zeer hectisch programma volgde met de eerste besprekingen met de militaire leiders van beide landen. Bij een bezoek aan een Eritrese divisiecommandant in een klein dorpje in de buurt van de frontlijn werd ik getroffen door de ontvangst: honderden schoolkinderen met liederen, kleintjes die een bos bloemen aanboden met als klapper een lokale lunch. Dat laatste was niet bevorderlijk voor het goede humeur van mijn darmen. Een week lang hadden ze er behoorlijk de pest in en dat lieten ze aan mij en mijn omgeving duidelijk merken.

Bij terugkeer thuis in Nederland lang zitten praten met mijn `mission control'. Zij houdt het schip van de familie Cammaert op koers als de kapitein voor de zoveelste keer weer eens van boord gaat. Zij is mijn minister van Financiën en mijn steun en toeverlaat. Ik heb grote bewondering voor haar. Ze zegt altijd: marinier zijn is geen baan, het is een manier van leven.

Aan het eind van de dag, voordat mijn chauffeur me komt halen, keutelen we nog wat ongemakkelijk om elkaar heen. Zo gaat het altijd. Afscheid nemen daar zijn we niet goed in. De tranen komen meestal later. Het wordt onze langste uitzending: één maar waarschijnlijker twee jaar.

Donderdag

Na ruim zeven uur vliegen, met de knieën opgevouwen onder de kin en de stoel niet verstelbaar, rollen de stafofficieren uit het vliegtuig. Ik kan direct aan de slag. Het tijdelijke hoofdkwartier is een georganiseerde chaos. Zodra de UN-staf me in het snotje krijgt, wordt er een emmer problemen over me uitgestort. Een daarvan is de volstrekt onacceptabele accommodatie die aan de militaire stafofficieren is toebedacht. De hotelkamers zijn zonder ramen en ver beneden de maat. Dat zal moeten veranderen. Het aantrekkelijke van deze uitzending is dat het allemaal nieuw is. We moeten de paden door het bos zelf kappen. Met zijn allen (43 landen!) de schouders eronder en de klus klaren. Dat was in grote lijnen indertijd in Cambodja ook zo. De ervaringen daar opgedaan komen me goed van pas.

Hier ben ik voorzitter van de High Level Military Coordination Commission, in Cambodja was ik als sector commandant voorzitter van de Mixed Military Working Group. In beide fora wordt overleg gevoerd met de partijen over militaire dilemma's en over het nakomen van afspraken die in een staakt-het-vurenakkoord zijn gemaakt. Toen zat ik met de Rode Khmer en de andere partijen onder een mangoboom in niemandsland te onderhandelen. Nu moet ik de twee partijen voor de eerste keer aan de tafel krijgen. De ontmoeting zal in Nairobi plaatsvinden. Vandaag is de datum reeds vier keer veranderd. We zullen zien. Om tien uur gaat langzaam bij mij het licht uit. De kop is er af.

Vrijdag

Vanochtend vroeg uit de veren. De dag begint met de ochtendbriefing. Het is duidelijk dat deze briefing anders moet. Een geschikt moment moet worden gevonden om dat te regelen zonder dat mensen zich op hun pik getrapt voelen. Het doet me denken aan de briefings op de berg Igman bij Sarajevo in 1995. Mijn Franse brigadecommandant ontplofte elke 5 minuten en gooide met helmen en andere voorwerpen tot verbijstering van de Franse, Engelse en Nederlandse toehoorders. Ik denk dat ik het iets anders moet aanpakken!

Mijn Indiase secretaresse Patricia heeft een serie afspraken geboekt. Om het schip vaart te laten maken, moeten er in snel tempo besluiten worden genomen. Een van de topics is de opening van een route over land tussen beide landen. Daarbij moeten de beide fronten met de mijnenvelden en niemandsland worden gepasseerd. Het is van vitaal belang voor de ontplooiing van de peacekeeping-eenheden. Deze operatie staat op 28 november gepland. Ik ben niet tevreden met de aanpak van beide partijen. Ze willen een papier- en tijdrovende procedure waarmee ik niet kan leven. Maandag ga ik praten in Ethiopië en dinsdag in Asmara. Ik ben gematigd optimistisch. Het zal uiteindelijk goed komen, maar we hebben haast. Bij de resident coordinator van alle UN-hulporganisaties spreek ik langdurig over het vluchtelingenprobleem. Coördinatie is wenselijk en is in ons mandaat opgenomen. Jan Ten Hove, de liaison-officier van het mariniersbataljon tracht me, dit keer tevergeefs, nog voor een biertje te lijmen.

Zaterdag

Vanochtend heb ik een lang gesprek met de speciale gezant van de secretaris-generaal van de VN ambassadeur Lechwaila uit Botswana. Hij is de leider van de missie. Een van de gesprekspunten die ik aansnijd, is onze relatie en onze beider verantwoordelijkheden. Dit heeft in Nederland nogal wat aandacht gekregen. Ik kan eenieder geruststellen; wij hebben geen verschil van mening over wie waarvoor verantwoordelijk is. De rest van de dag gaat op aan besprekingen en voorbereidingen voor de eerste Military Coordination Meeting in Nairobi op 2 december. Tevens leg ik de laatste hand aan mijn voorstellen voor de opening van de grensovergang. Mijn gedachten dwalen af naar mijn ritten over de Igman logistic route naar Sarajevo in 1995. Een zeer gevaarlijke bergweg, die naar het vliegveld van Sarajevo voerde, met een diep ravijn aan een kant. Velen hebben daar het leven verloren bij beschietingen en ongelukken. Gelukkig heeft deze route die gevaren niet. Mijn dochter Claire hoeft zich geen zorgen te maken. Zij zegt altijd dat ik dat ook niet hoef te doen over haar. Ze woont in Amsterdam in het dispuutshuis van Jonquille samen met dertien fantastische meiden. De een nog bijdehanter dan de ander! Onze vroegere kat Karel woont bij haar en houdt de wacht over die veertien kippen. Lucky boy!

Zondag

Eigenlijk een rustdag. Helaas. In het gebouw is het rustig. Er wacht nog een berg papierwerk. Een aantal koersen moet worden uitgezet voor de staf voor volgende week: het concept of operations, het UN-evacuatieplan, de verhuizing naar het nieuwe hoofdkwartier, aanpak de-mining-problematiek, de Nairobi meeting enz. In de middag vlieg ik naar Addis Abeba samen met mijn Military Assistent luitenant-kolonel Wil Brons. We torsen een schaalmodel mee van de frontlijnen en het niemandsland gemaakt van klei, geverfde nietjes, steentjes enz. Dat maakt de uitleg van mijn plan voor 28 november wat aanschouwelijker.

Ik werk 's avonds nog wat aan mijn papieren voor de ontmoeting morgenochtend vroeg. Voor het slapen Joke en Claire nog even gebeld. Alles in de tas. Bij Rogier krijg ik zijn voicemail. Claire blijkt met haar huis in Domburg te verkeren. Waar doen die meiden het toch van?

Maandag

De ontmoeting met de Ethiopische militaire autoriteiten begint vroeg en verloopt naar wens. Uiteindelijk kunnen we elkaar vinden in een regeling hoe de grens te passeren. De maquette die we op tafel hebben gezet, bewijst zijn nut. Ik haal tijdens de besprekingen nog wat anekdotes aan uit Cambodja. Die gaan er altijd wel in. Voor de de-mining van het niemandsland moet ik nog een list verzinnen. Maar daar komen we wel uit.

Terug in het hotel sta ik met een kleine bellboy in de lift. Hij kijkt me met grote ogen aan en vraagt: ,,Will there be peace sir?' We doen ons best. Hij straalt. Het zijn altijd de kinderen die de sigaar zijn bij dit soort conflicten. Als je naar ze kijkt, of het nou in Eritrea of Ethiopië is, dan besef je weer hoe goed onze kinderen het hebben. Na terugkeer in Asmara merk ik dat de voorbereidingen voor Nairobi, door de burgermedewerkers van de UN, chaotisch lopen. `Too many chiefs and no indians.' Iedereen regelt wat, meestal langs elkaar heen. Mijn Military Assistant is vanaf heden de coördinator. De dag duurt voort tot de kleine uurtjes.

Dinsdag

Vanochtend heb ik een ontmoeting met president Isayas Afewerki van Eritrea. We praten een half uur over onze verwachtingen over de operatie en de toekomst van zijn land. Hij zegt zijn volledige medewerking toe bij de activiteiten van UNMEE. Hij hoopt dat Ethiopië hetzelfde doet. Ik vertel hem dat de Ethiopische autoriteiten mij hetzelfde hebben verzekerd. Als Rogier me zo zou zien zitten, zou hij me direct meedelen dat die ouwe wel bij een president mag zitten keuvelen, maar dat hij geen spatjes moet krijgen! Ik weet dat hij ook wel trots is op de Force Commander.

's Middags spreek ik lang met Mr. Lechwaila en de leider van de Mine Action Coordination Center. Op dat terrein is nog heel veel werk te doen. Ik lig er nog niet van wakker, maar ik zal toch nog een aantal spoedtelegrammen naar New York moeten sturen om de zaak extra aandacht te geven. Ook moeten beide partijen meer informatie over de mijnenvelden geven. Ik weet niet wat ik misdaan heb, maar ik zie weinig verbetering in het humeur van mijn darmen. Vanavond maar even een hapje witte rijst eten met mijn jaargenoot Fred Hoogeland. Wie weet helpt het.

Woensdag 22 november

Patricia heeft vandaag de meeste afspraken afgehouden. Tijd om na te denken over de nabije toekomst en alles wat er gedaan moet worden. Het wordt een lange lijst. Alles heeft prioriteit. Het de-mining probleem voor de opening van de landroute is opgelost. Ik zet een programma in elkaar voor een bezoek aan het front aan Ethiopische kant. Tevens wil ik een oplossing forceren over het verwijderen van een twintigtal gesneuvelden, die reeds lange tijd tussen de beide fronten liggen in de oostelijke sector. Het is in die hitte niet fris en niet prettig om naar te kijken.

Ik beleg een vergadering ter voorbereiding van de agenda voor de Nairobi-bijeenkomst. Enige tact is vereist om een aantal gevoeligheden tussen de militaire en burger-UN-component uit de weg te ruimen. Een nuttige dag. Wat een baan. I love it.

    • Patrick C. Cammaert