Een waarschuwing van Mister Oil

Sjeik Ahmed Zaki Yamani was als olieminister van Saudi-Arabië 25 jaar lang de machtigste man in de wereldoliepolitiek. Hij heeft altijd gewaarschuwd voor te hoge olieprijzen. Hoge prijzen verminderen de olieconsumptie. Ook nu nog, als consultant in Londen, heft hij zijn vinger: de OPEC is bezig haar eigen graf te graven. En een wereld zonder OPEC leidt tot chaos, betoogt hij minzaam.

Een moordaanslag overleefd en een gijzeling waarbij hij te horen kreeg dat hij nog een half uur te leven had. Een kwart eeuw Mr.Oil, vanaf zijn 32ste, totdat hij door zijn koning als olieminister van Saudi-Arabië ontslagen werd. Sindsdien criticus van de OPEC, het oliekartel dat bijna veertig procent van de mondiale olieproductie voor zijn rekening neemt. Een minzame man, 70 inmiddels, die naar een kinderprogramma op een breedbeeld-tv kijkt als de bezoeker binnenkomt. Een kamer van ministeriële afmetingen. Achter hem een familiefoto, zwart-wit, met kleinkinderen. Aan een grote vergadertafel zit een lijfwacht onopmerkzaam te wezen. Voor het gebouw staat een blauwe Rolls-Royce geparkeerd.

Londen, een regenachtige donderdagnamiddag, tegenover Hyde Park Corner. Sjeik Yamani schenkt sodawater met vruchtensap. Hij resideert op de eerste verdieping van het Centre for Global Energy Studies, zijn adviesbureau, minder bekend door Yamani dan door diens rechterhand Leonidas P. Drollas, de oliedeskundige die in de financiële wereldpers voortdurend opduikt om de OPEC te kritiseren.

Heeft die kritiek misschien met het ontslag van Yamani te maken? Is Zijne Excellentie, na 24 jaar het gezicht van de OPEC geweest te zijn, veertien jaar later misschien nog gefrustreerd? Is zijn instituut door hem opgericht om misschien zijn gram op de OPEC te halen? Zijn gram op Saudi-Arabië, op de koning die hem opzij zette wegens zijn kritiek op diens mildheid jegens Iran?

De minzaamheid wijkt geen moment van zijn gezicht: hij oefent geen kritiek uit, hij dient de OPEC van advies en waarschuwt. Hij waarschuwt de OPEC dat zij bezig is haar eigen graf te graven. Dat is geen kritiek. Hij wijst de OPEC objectief op haar vergissingen. Grote onschuldige ogen.

Waarom heft de OPEC zichzelf niet op? Is het kartel geen relict uit het verleden? Waarom verbeeldt het zich vraag en aanbod wereldwijd te kunnen managen? Blunder op blunder heeft het gestapeld. Twee jaar geleden nog, toen het vlak voor het uitbreken van de Aziëcrisis de olieproductie verhoogde en de olieprijs instortte tot minder dan 10 dollar per vat. Waar haalt de OPEC de wijsheid, de kennis en het inzicht vandaan dat ze het beter weet dan de markt? Is het oliekartel niet volstrekt uit de tijd?

Hij is niet anti-OPEC, verweert Yamani zich. Zonder de OPEC zou de wereld er aanzienlijk slechter voor staan. Maar het is waar: de OPEC maakt vergissingen, is soms kortzichtig. De te late productieverhoging waardoor de olieprijzen naar meer dan 30 dollar per vat konden stijgen, zal niet de laatste vergissing zijn. OPEC-ministers hebben van olie niet altijd verstand. Sommigen hebben van olie helemaal geen verstand. Soms krijgen ze van hun regering instructies die niets met olie, laat staan met verstandige oliepolitiek te maken hebben.

Maar helemaal geen OPEC? De OPEC maar opheffen? Hij schetst wat er dan zou gebeuren. Een ieder-voor-zich situatie. Olieproducerende landen zouden hun productie mateloos opvoeren. De prijzen zouden imploderen, olievelden zouden moeten sluiten en reusachtige tekorten zouden ontstaan. Hemelhoog zouden de prijzen stijgen. Heftige schommelingen, chaos kortom.

Minzaam kijkt hij de bezoeker aan: zonder de OPEC kan de wereld niet leven, een wereld zonder de OPEC is een ramp. Waartegen hij zijn hele arbeidzame leven gestreden heeft is dure olie, zegt hij. Hoge olieprijzen verminderen de olieconsumptie. Dat is een wet van God, een wet die mensen niet kunnen veranderen. De huidige hoge olieprijzen van meer dan 30 dollar per vat tonen dat aan. De olieconsumptie vermindert, en minder olieconsumptie is niet in het belang van de OPEC.

In de Verenigde Staten waar de economie met bijna vijf procent groeit, neemt de olieconsumptie nog maar met één procent toe – hoofdzakelijk vliegtuigbrandstof en diesel voor het wegtransport. In Europa stagneert de olieconsumptie. De extreem hoge belastingen op olieproducten zijn daar in Europa schuldig aan. En in Azië, met name in China, frustreert de dure olie de olieconsumptie, hoewel China, eigenlijk het hele Verre Oosten, de belangrijkste klant van de OPEC geworden is wegens zijn groeiende oliebehoefte. China overweegt over te stappen op kolen. Dat bedoelt hij als hij zegt dat de OPEC bezig is haar eigen graf te delven. Dat wil zeggen: op den duur.

Toch zegt de OPEC dat haar voor de hoge olieprijzen geen blaam treft. Het zouden de speculanten, de raffinaderijen, de milieumaatregelen en, inderdaad, de hoge belastingen zijn. Maar lagere belastingen waar de OPEC, waar Yamani voor pleit, zullen de olieconsumptie toch opstuwen en de prijzen van ruwe olie verder verhogen? Is dat hele belastingargument niet domweg een drogreden?

Opeens fel. ,,U vraagt aan de OPEC haar capaciteit te vergroten terwijl de olieconsumptie door de hoge belastingen almaar minder wordt. Waarom zou de OPEC dat doen? Omdat de toestand nu riskant is geworden? Omdat de reservecapaciteit van de OPEC nog maar heel klein is? Als het aanbod van olie door Irak of wat dan ook wordt verstoord, ontstaat inderdaad een zeer ernstige toestand. Want in dat geval kan Saudi-Arabië [het enige olieland met een substantiële reservecapaciteit] dat niet aanvullen.''

Onder uw ministerschap was de OPEC, was de wereld niet in deze situatie verzeild geraakt?

Yamani: ,,Saudi-Arabië redde de hele wereld menigmaal van een ramp. In 1979 tijdens de Iraanse revolutie voerde Saudi-Arabië zijn productie op.''

U deed dat toen.

,,Ja, ik zat er toen. Maar ik verkeerde nooit in de omstandigheid om mijn mening erdoor te drukken. Ook mijn land [de grootste olieproducent ter wereld] is onderhevig aan politieke druk van andere OPEC-leden, leden die geen grote reserves hebben, en die we om politieke reden toch hun zin gaven. Zo voerden we vaak de productie op, al was het tegen mijn wil, tegen wat ik in het openbaar had gezegd, tegen elke marktlogica. Het was een politieke, geen economische beslissing. In 1990 gebeurde het weer tijdens de Iraakse inval in Koeweit. Als Saudi-Arabië zijn productie toen niet had verhoogd was de olieprijs naar 100 dollar gegaan. Saudi-Arabië kon dat ook doen. De reservecapaciteit van de OPEC is altijd Saudische reservecapaciteit geweest. Dat is heel kostbaar. Het erop nahouden van zo'n surplus kost miljarden dollars, kost Saudi-Arabië miljarden dollars, en het krijgt er niets voor terug."

Verantwoordelijkheidsgevoel?

,,Het is in het belang van de hele wereld.''

Is Saudi-Arabië het enige OPEC-land met dat gevoel?

,,Niet het enige, wel het meest verantwoordelijke land.''

Binnen de OPEC bestaan plannen om de capaciteit weer te vergroten, zegt Yamani. Libië wil dat, Nigeria, zelfs Venezuela dat zijn capaciteit verslonsde, en Iran. Iran is volgens hem het meest ambitieus. Om er in één adem door aan toe te voegen: ,,Maar laten wij niet vergeten hoe Amerikaanse politieke beslissingen hielpen de productiecapaciteit te verminderen. Het embargo tegen Libië, de sancties tegen Iran, de maatregelen tegen Irak. Dat land kan 7 miljoen vaten per dag produceren [nu produceert het drie miljoen vaten per dag]. Zeven miljoen vaten! Dat is ongelooflijk veel.''

De VS zijn dus schuldig aan de hoge olieprijzen?

,,Je moet onderscheid maken tussen de prijs van ruwe olie en de prijs van eindproducten. Dat de prijzen van eindproducten hoog zijn ligt aan de raffinaderijen. Er is een tekort aan raffinagecapaciteit. Dat heeft twee redenen. De eerste is de geringe marge. Raffineerders verdienden nauwelijks nog geld. Daarom bouwden ze geen nieuwe raffinaderijen. De tweede reden is het milieu. Een bouwvergunning krijgen is wegens de hoge milieu-eisen niet makkelijk. Zo is het tekort aan raffinagecapaciteit ontstaan. Het is een probleem dat opgelost moet worden, al weet ik niet hoe.

,,Dat ruwe olie duur is komt doordat, toen er vorig jaar en begin dit jaar behoefte was aan extra olie van de OPEC, de OPEC deze olie niet produceerde. Ze verhoogde de productie te laat. Daardoor ontstond aan tekort aan ruwe olie en een daling van de voorraden. Daardoor zijn de voorraden ruwe olie nu heel klein. Bovendien investeren de oliemaatschappijen beneden verwachting omdat ze geloven dat de olieprijzen weer zullen dalen. Intussen produceert de OPEC weer genoeg olie. Maar het duurt lang voordat ruwe olie tot olieproducten is verwerkt en aan de hoge vraag als gevolg van de winter kan worden voldaan.

,,Pas als de winter voorbij is zal de olieprijs dalen, tenzij OPEC haar productie aanzienlijk inkrimpt. Als OPEC de productie redelijk verlaagt, zal de prijs dalen tot 20 à 25 dollar per vat. Als ze de productie helemaal niet verlaagt, daalt de prijs tot onder de 20 dollar per vat. Ten slotte is er een psychologische reden: angst voor de toestand in het Midden-Oosten, die kan leiden tot een breuk in het olieaanbod. En de angst dat Irak zijn export van ruwe olie stopt.''

En de winter?

,,De winter is geen risico. Als de winter in het Noordoosten van de Verenigde Staten streng wordt, en daar ziet het naar uit, betekent dat een half tot één miljoen vaten olie per dag extra consumptie. Dat is niet onoverkomelijk. De wereldeconomie zal er niet door tot stilstand komen. Als de winter mild wordt en de OPEC verlaagt haar productie vervolgens niet, wordt het voor OPEC een harde landing. De winter is als kritieke factor niet vergelijkbaar met Irak en het Midden-Oosten.''

Bidden dat het daar geen oorlog wordt?

,,Je kunt een kat niet de hoek in drijven. Dat doen de Israëliërs nu met de Palestijnen. Als je dat probeert zal de kat wegvluchten naar een andere hoek. Maar heb je de kat eenmaal in de hoek en weet hij dat je hem wilt vangen, zal de kat jou ongenadig aanvallen.''

Is dit conflict een tikkende tijdbom onder de oliemarkt?

,,Ik ben bezorgd, maar tot nu toe gaat het [met de oliemarkt] goed.''

Het aanspreken deze herfst van de strategische oliereserves door de Verenigde Staten. Oliedom?

,,Het is niet effectief. Er is geen capaciteit om die olie te raffineren. De maatregel komt te laat, ze stelt te weinig voor. Vorig jaar benutten de raffinaderijen zo'n 83 procent van hun capaciteit, nu bijna honderd. Waarom deden de VS het toen niet? Omdat ze geen oliebeleid hebben.''

Was de wereld bijna vergeten hoe belangrijk olie is?

,,Nee. De meeste landen doen erg hun best zich minder van olie afhankelijk te maken. Vergelijk de situatie van 30 jaar geleden met die van nu, dan is het verschil enorm. Toch is olie nog steeds heel belangrijk. Te belangrijk om te vergeten. Het is absoluut de belangrijkste grondstof. En olie is de belangrijkste energiebron. Je kunt elektriciteit in bepaalde mate vervangen door andere vormen van energie, maar het vervoer over zee, het vervoer door de lucht gaat niet zonder olie. De hele wereldeconomie is van olie afhankelijk. Letterlijk: om te overleven.''

En die afhankelijkheid van olie betekent steeds weer nieuwe crises?

,,Ja.''

En nieuwe kritiek van u op de OPEC?

,,Ik heb altijd hetzelfde gezegd: dure olie ondermijnt de OPEC. Ik zei dat al voordat koning Fahd [die hem in 1986 ontsloeg] koning werd.