De jachthond en het spaarvarken

Oud-bondskanselier Helmut Kohl handelde volgens de traditie toen hij smeergeld aannam, zegt journalist Hans Leyendecker. Hij bracht de affaire-Kohl aan het rollen. `Er was een estafette gaande en Kohl heeft het stokje overgenomen.'

Het is me niet makkelijk gevallen gisteren op televisie te zijn ondervraagd. Maar ik heb het volgende gezegd: Ik heb in mijn lange politieke leven niet één besluit genomen dat door donaties is beïnvloed. Ik ben niet omkoopbaar. Al geef ik toe dat ik gelden voor de partij heb gekregen die niet correct in het financiële jaarverslag van de CDU zijn geboekt...

,,Als een explosie slaat de verklaring in van Manfred Kanther, jarenlang voorzitter van de CDU in Hessen, dat hij samen met de penningmeester in de jaren tachtig en negentig miljoenen op een zwarte rekening in Zwitserland had geparkeerd en later als erfenissen (van joodse burgers, red.) had teruggehaald. Mij is duidelijk dat de geldaffaire bij de CDU met het zware vergrijp in Hessen een heel nieuwe dimensie heeft gekregen...

,,Ik ben heel eenzaam geworden en heb nauwelijks een mogelijkheid om me tegen alles wat gebeurt te verdedigen. Oude kameraden keren zich van me af, tonen demonstratief dat ze met mij niets meer te maken willen hebben...'' (Mein Tagebuch 1998-2000)

Het gisteren gepubliceerde dagboek van oud-bondskanselier Helmut Kohl – nog altijd parlementariër – is het relaas van een diep gekwetst politicus. Natuurlijk heeft hij een fout gemaakt. Dat heeft hijzelf meteen toegegeven toen de zaak in november 1999 aan het rollen kwam. Maar de giften die niet in het jaarverslag zijn verwerkt, zijn ten goede gekomen aan de CDU. Dat de vroegere CDU-voorzitter, Wolfgang Schäuble, van hem eist de namen van de geldgevers bekend te maken, ja zelfs zijn Bondsdagmandaat neer te leggen, gaat veel te ver. Vechten zal hij tegen zijn publieke terechtstelling. Bijna een jaar lang is geprobeerd hem als een crimineel af te schilderen en zestien jaren kanselierschap in diskrediet te brengen. Nu zal ,,de mens Helmut Kohl'' vertellen hoe hij bepaalde situaties heeft beleefd.

Klaagzang

,,Kohls dagboek is een huilerige klaagzang'', vindt de publicist Hans Leyendecker. ,,Het is één grote rechtvaardiging van zichzelf. Hij slaat wild om zich heen, ziet alleen nog vrienden en vijanden, en de vijand moet vernietigd worden.''

Leyendecker is geen vriend van Kohl. Hij was de boodschapper van het slechte nieuws. Als journalist van de Süddeutsche Zeitung onthulde Leyendecker op 9 november vorig jaar, dat Kohl er als CDU-voorzitter tien zwarte rekeningen op nahield waarmee hij miljoenen doorsluisde naar lokale partijafdelingen. Toen voormalig partijsecretaris Heiner Geissler publiekelijk verklaarde dat het verhaal klopte, barstte de bom.

,,Kohl heeft van de hele affaire niets geleerd'', zegt Leyendecker (51) een jaar later in zijn werkkamer thuis in Leichlingen bij Düsseldorf. ,,Kohl heeft het dagboek geschreven omdat hij dringend geld nodig heeft om zijn zaak bij justitie te kunnen afkopen.'' Dat kost hem zeker 250.000 mark, terwijl Kohl ook al de hypotheek op zijn huis met 700.000 mark heeft verhoogd als `schadevergoeding' aan zijn partij – een gebaar van goede wil. De parlementsvoorzitter heeft de CDU immers een boete van 41,4 miljoen mark opgelegd. De hulpactie van Kohl en zijn vrouw Hannelore bij donateurs heeft de partij inmiddels 8 miljoen mark opgeleverd. Een geste die ook meeweegt in de strafmaat van justitie tegenover Kohl.

Leyendecker verwacht dat justitie volgende maand of begin januari het schikkingsbedrag zal bekendmaken, omdat alle sporen wat Kohl betreft zijn doodgelopen. Dan is de affaire-Kohl juridisch ten einde, politiek en maatschappelijk niet. Was nu ook Duitsland niet verworden tot een bananenrepubliek, waar begrippen als `maffia' en `omertà' (zwijgplicht) de voorpagina van de Frankfurter Allgemeine Zeitung haalden?

Leyendecker schreef met twee collega's een boek over het schandaal, dat deze herfst bij uitgeverij Steidl verscheen onder de titel Helmut Kohl, die Macht und das Geld. Daarin wordt Kohl afgeschilderd als een peetvader voor wie het doel – machtsbehoud – de (illegale) middelen heiligt.

Leyendecker: ,,Kohl was een politicus die met geld politieke macht kocht en voor wie de macht belangrijker was dan de wet.''

Leyendecker maakte naam als ervaren onderzoeksjournalist. Eerder werkte hij vele jaren bij het weekblad Der Spiegel waar hij verscheidene corruptie-affaires boven water kreeg. Illegale Westerse wapenhandel aan Irak; de belastingzaak rondom tennisster Steffi Graf; en de Flick-affaire, het grootste naoorlogse financiële schandaal in Duitsland. Jarenlang bleek het staalconcern Flick politici met illegale donaties te hebben gepaaid. De affaire bracht een ingenieus netwerk van witwascentrales bij CDU, CSU en FDP aan het licht, die via de zogenoemde Staatsbürgerliche Vereinigung en rekeningen in Liechtenstein plus Zwitserland honderd miljoen van het bedrijfsleven ontvingen.

Leyendecker: ,,Ik stuitte eigenlijk per toeval op de Kohl-zaak.'' De affaire begon met een verhoor van Walther Leisler Kiep. De oud-penningmeester van de CDU, die graag in Porsches rondreed, werd verdacht van belastingontduiking. Justitie had een arrestatiebevel voor Kiep uitgevaardigd omdat hij van de Beierse wapenhandelaar Karlheinz Schreiber een miljoen mark smeergeld zou hebben gekregen. Het geld zou afkomstig zijn van het staalbedrijf Thyssen dat begin jaren negentig dankzij bemoeienis van het vroegere kabinet-Kohl 36 tanks aan Saudi-Arabië kon leveren.

Een dag later meldde Kiep zich bij justitie. Hij gaf toe in het Zwitserse St. Margarethen van Schreiber een koffer met een miljoen mark cash te hebben ontvangen, die hij meteen aan CDU-belastingadviseur Horst Weyrauch had gegeven. Een illegale gift voor de partij.

,,In het verhoor doken allerlei namen op die ik uit de Flick-affaire kende: Kiep, Weyrauch, die door Kiep als CDU-belastingadviseur was aangetrokken en al adviseur van de partij in Hessen was. Ook stuitte ik op de naam van dr. Uwe Lüthje, de financieel expert, die Kiep bij de CDU tot algemeen gevolmachtigde had benoemd. Een déja vu. Plotseling werd me de structuur bij Kohls netwerk duidelijk en vermoedde ik hoe het gegaan was.''

Godfather

In zijn boek schildert Leyendecker Kohl af als een `godfather' die met geld politieke macht kocht. Kohl heeft toegegeven begin jaren negentig 2,1 miljoen mark aan geheime donaties te hebben ontvangen, maar Leyendecker heeft berekend dat hij zeker 20 miljoen voorbij de fiscus wist te loodsen, die hij naar eigen believe onder partijvrienden en lokale partijafdelingen verdeelde.

Tijdens zijn verhoren door de parlementaire commissie heeft Kohl gezegd, dat een deel van de marken is ingezet voor de verkiezingscampagne van de CDU in Oost-Duitsland. De CDU, die na de Duitse hereniging in het Oosten een partijapparaat moest opbouwen, was – zo vond Kohl – in oneerlijke concurrentie gewikkeld met de PDS, die met de miljarden van de vroegere communistische partij op rozen zat.

Kohls patriarchale systeem was opgebouwd naar het voorbeeld van zijn voorganger Konrad Adenauer, de eerste naoorlogse kanselier: wie loyaal was werd niet alleen politiek beloond, maar kon ook rekenen op steun uit Kohls stille reserves. Zoals Kohls moeder destijds een geheim potje Dubbes voor noodgevallen op de plank had staan, zo kon de CDU-leider bogen op rekeningen en stichtingen in Liechtenstein en Zwitserland.

Leyendecker gaat het er niet alleen om dat iemand die als kanselier vijf keer een eed heeft afgelegd en wetten heeft gemaakt zich niet aan de regels heeft gehouden. Zeker zo belangrijk vindt hij het feit dat Kohl de jonge Duitse democratie in diskrediet heeft gebracht. Na de Tweede Wereldoorlog was immers een afspraak gemaakt. ,,Nooit meer mocht anoniem geld invloed op de politiek hebben'', zegt de onderzoeksjournalist. Dat was de les van het fascisme. Tenslotte waren de nazi's met behulp van de industrie aan de macht gekomen. Partijdonaties boven de 20.000 mark moesten voortaan in het jaarverslag van partijen worden gemeld.

Kohl was volgens Leyendecker deel van een financieel systeem dat al jaren bij de CDU bestond. ,,Er was een estafette gaande en Kohl heeft het stokje overgenomen van zijn voorgangers als Adenauer, die met behulp van oud-nazi's een nieuw financieel netwerk had opgezet.'' Zo ontdekte Leyendecker dat Adenauer de partijfinanciën na de oorlog opbouwde met bankiers als Hermann Josef Abs, Robert Pferdmenges en de oud-topambtenaar Hans Maria Globke. ,,Ik vond het ongelofelijk dat Globke erbij was. Voor ons als jongeren symboliseerde Globke de verbinding met de nazi's. Wat de nationaal-socialisten allemaal aan misdaden pleegden, Globke speelde altijd een rol als organisator.''

In zijn boek beschrijft Leyendecker dat Globke als topambtenaar bij Binnenlandse Zaken begon toen Hitler aan de macht kwam en tot de ondergang van het nazi-regime meedeed. Hij was betrokken bij het opstellen van de Neurenberger rassenwetten en gold als nummer 101 op de geallieerde lijst van belangrijkste oorlogsmisdadigers. Sinds 1949 werkte Globke als topambtenaar in de staf van Adenauer en verzorgde de financiën op de bondskanselarij.

Dat veel mensen uit de nazi-tijd na de oorlog hun werk konden voortzetten, was voor Leyendecker geen nieuws. ,,Maar dat de nieuwe democratie is opgebouwd met mannen als Globke, die bij de CDU illegale witwaspraktijken via dubieuze stichtingen als de Staatsbürgerliche Vereinigung konden voortzetten, vond ik bitter te moeten ontdekken.'' Zo bleek volgens Leyendecker ook de werkgeversorganisatie BDI (Bundesverband der Deutschen Industrie) in die dagen geleid te worden door de voormalige NSDAP'ers Gustav Stein en Hans Buwert, waarmee de CDU zich inliet.

Volgens Leyendecker kan Kohl nauwelijks worden verweten dat hij deze estafette heeft voortgezet. ,,De CDU was nu eenmaal zo opgezet dat met illegale gelden werd gewerkt. Kohls probleem is dat hij destijds bij de verhoren in de Flick-affaire de Bondsdag heeft beloofd ermee te zullen ophouden.''

Tanks

Een jaar later zijn de belangrijkste vragen in het schandaal nog niet opgehelderd. ,,Wie hebben Kohl de gelden gegeven? Wat heeft hij ermee gedaan? Was Kohl omkoopbaar? Wordt politiek beleid door geld bepaald? We weten het niet'', zegt Leyendecker.

Er bestaat hooguit het vermoeden dat leden van Kohls regering bij de tankleverantie aan Saudi-Arabië omkoopbaar waren. Tegen Holger Pfahls, voormalig staatssecretaris van Defensie die spoorloos is, heeft justitie een arrestatiebevel uitgevaardigd. ,,De aanwijzingen dat hij van het staalconcern Thyssen 3,8 miljoen mark smeergeld heeft ontvangen bij de levering van 36 tanks aan de Saudiërs zijn sterk. Het is een simpele zaak. De nieuwwaarde van de tanks was 96 miljoen mark. De Saudiërs hebben voor gebruikte tanks 440 miljoen betaald. Waarom? Waar is de rest van de miljoenen? Het meeste geld moet in het Midden-Oosten aan de strijkstok zijn blijven hangen.''

In de Leuna-kwestie verloopt het onderzoek nog moeizamer. Bij de investering van het Franse staatsbedrijf Elf Aquitaine in een raffinaderij in het Oost-Duitse Leuna zouden vele miljoenen smeergeld gevloeid zijn. Europees commissaris Karel van Miert zou de vroegere SPD-leider Lafontaine al eens gezegd hebben: ,,Oskar, de zaak stinkt.''

Maar het justitiële onderzoek dat justitie in Genève en Parijs al jaren geleden zijn begonnen, heeft nauwelijks bewijzen opgeleverd. Twee voormalige Elf-managers beweren dat er zo'n 13 miljoen naar de CDU zou zijn gevloeid. Volgens Leyendecker zijn de twee ,,dubieuze figuren'', die uit de geheime dienst voortkomen en maar beperkt met de Leuna-zaak te maken hadden.

Het is noodzakelijk de akten over Leuna uit die periode te lezen, maar die zijn uit de bondskanselarij verdwenen. Kohl heeft steeds beweerd dat er geen reden was aan te nemen dat een bedrijf in de zaak Leuna smeergeld betaalde. Zijn regering zocht immers zelf naarstig naar investeerders.

Leyendecker tekent aan dat ,,dit niet klopt''. Er lag immers ook een concurrent van Elf op de loer: BP.'' Maar moet Leyendecker toegeven: ,,In de Leuna-zaak vermoeden we veel, maar we weten nog niets.''

,,De hele waarheid in de Kohl-affaire zullen we wel nooit ontdekken'', zegt Leyendecker, ook de parlementaire onderzoekscommissie niet. ,,De weinigen die ervan weten, hebben belang bij zwijgen.'' Intussen heeft Weyrauch zijn belastingfirma verkocht en is uit de CDU getreden. Lüthje heeft kanker en diens situatie is door de spanningen verslechterd. Kiep, die zijn belastingschuld heeft afgekocht, is een outcast geworden. Schäuble, die als CDU-voorzitter opstapte, voelt zich bedrogen. Hij is het grootste slachtoffer van de affaire, meent Leyendecker. ,,En nog laat Kohl hem niet los, blijkt uit zijn dagboek, alsof hij een jachthond is die zijn prooi helemaal dood wil schudden.''

Wat overblijft? ,,Wat niet mag blijven hangen, is cynisme'', zegt Leyendecker. ,,Natuurlijk, de kwestie heeft voor grote opwinding gezorgd. Er zijn vraagtekens geplaatst bij de macht van de politieke partijen, er is gediscussieerd over verscherping van de wet en het aanzien van de democratie. Iedereen is de affaire beu. Toch zijn we iets verder gekomen, al is het niet veel. Met de wetgeving in Duitsland is in ieder geval niets mis, maar politici moeten zich er wel aan houden.

,,Voor de CDU was de affaire een tijdmachine. De partij heeft veel sneller afscheid kunnen nemen van het tijdperk-Kohl. Angela Merkel, de huidige voorzitster, heeft dat vroeg erkend.'' In Kohls dagboek klinkt volgens Leyendecker verrassend genoeg een zekere bewondering door voor Merkel, ze is tenslotte zijn ontdekking in Oost-Duitsland. Vroeger al noemde hij haar tough, omdat ze bij haar benoeming tot minister van Milieu als eerste vroeg wat haar dienstauto zou worden.

Nu schrijft Kohl over Merkel dat ze zich als minister snel bewees als een ,,leergierige, besluitvaardige en op het internationale parket heel succesvolle persoonlijkheid''. Het volgt direct na de passage in zijn dagboek over Merkels ,,keiharde oproep'' aan Kohl zo snel mogelijk alle functies neer te leggen. Leyendecker: ,,Het lijkt wel alsof Kohl waardering heeft voor haar harde aanval is ze toch een beetje zoals hijzelf.''