Verwachtingen hoog op top EU-Balkan

Op de top van de Europese Unie en de Balkanlanden worden vandaag in Zagreb de lijnen naar de toekomst uitgezet: die van de samenwerking tussen de EU en Zuidoost-Europa, maar ook die van de onderlinge samenwerking van de Balkanlanden.

Een halve dag om een dikke streep te zetten onder tien jaar van politieke en economisch ellende. Stabilisatie en associatie zijn de sleutelwoorden in Zagreb. Als Kroatië, Joegoslavië, Bosnië, Albanië en Macedonië zich verder ontwikkelen tot stabiele democratieën en dat ook nog bezegelen door onderling samen te werken, is de EU bereid het perspectief op lidmaatschap te openen – voor de meeste Balkanlanden (Slovenië, ook in Zagreb vertegenwoordigd, is de grote uitzondering) op zeer lange termijn.

Daartoe heeft de EU speciale verdragen ontworpen (SAA, Stabilisatie en Associatieverdragen). Met Macedonië wordt vandaag het eerste verdrag getekend. Kroatië begint met onderhandelingen over zo'n verdrag. De andere landen moeten nog even wachten. Eerder deze week trok de EU 4,6 miljard euro uit voor steun aan de regio tot 2006.

Maar de weg is onafzienbaar lang. Kroatië en Joegoslavië bijvoorbeeld. Zagreb kijkt met de grootste argwaan naar wat er in Belgrado gebeurt. Kroatische politici zeggen dat ze niet in de democratische revolutie van de Serviërs kunnen geloven zolang ex-president Slobodan Miloševic niet achter slot en grendel zit. De Joegoslavische minister van Buitenlandse Zaken Svilanovic had gisteravond een opmerkelijk positief onderhoud met zijn Kroatische ambtsgenoot Picula. Na afloop verklaarde Svilanovic dat wat hem betreft ,,vrede een grotere uitdaging is dan oorlog''.

Toch zal zijn president Koštunica slechts een bliksembezoek brengen aan de Zagreb-top. Er liggen nog teveel problemen voor een uitgebreid bezoek van een Joegoslavische president aan Kroatië, zoals de kwestie van het excuus dat Kroatische oorlogsveteranen en slachtoffers van hem eisen voor de ellende die hun door zijn voorganger Slobodan Miloševic tussen 1991 en 1995 is aangedaan. De Kroatische president Stipe Mesic moest zich deze week voor zijn eigen bevolking in allerlei bochten wringen om uit te leggen dat zo'n excuus nog niet hoeft omdat Koštunica ,,hier is op uitnodiging van de EU en niet op officieel staatsbezoek''. Het voorkwam niet dat vandaag Kroatische oorlogsveteranen bij het begin van de top kwaad demonstreerden in Zagreb uit protest tegen de komst van Vojislav Koštunica.

De waslijst van obstakels die een normale relatie tussen de twee landen in de weg staan is groot. Het gaat om de vraag hoe de erfenis van de oude Joegoslavische federatie moet worden verdeeld, over schadeclaims en over mensen. Sinds het einde van de oorlogen in Kroatië worden er nog meer dan 4000 mensen vermist: bijna drieduizend Serviërs en ruim vijftienhonderd Kroaten. In Servië zelf wachten honderdduizenden Servische vluchtelingen op terugkeer naar hun huizen in Kroatië.

Minstens even delicaat is de relatie tussen Servië en Montenegro, de twee resterende republieken van de Joegoslavische federatie. Montenegro dreigt uit de federatie te stappen. President Milo Djukanovic eist in Zagreb het recht op om als `gelijkwaardig staatshoofd' het woord te mogen voeren. Het leidde bijna tot een afzegging van Belgrado, maar Koštunica wilde uiteindelijk toch niet de gelegenheid voorbij laten gaan om zich opnieuw als ware democraat en voorvechter van stabiliteit in de regio te presenteren.

De landen van de westelijke Balkan zeulen stuk voor stuk loodzware koffers vol problemen mee: Bosnië dat bij de recente verkiezingen een stap terugdeed richting nationalisme en desintegratie, Albanië dat miljarden aan buitenlandse hulp weet te verslinden zonder dat het land er economisch op vooruit gaat, Macedonië ondanks een bescheiden vooruitgang worstelt met zijn omvangrijke Albanese minderheid, Joegoslavië dat economisch een ruïne is. En dan natuurlijk Kosovo, het gebied dat na het Westers ingrijpen van vorig jaar eigenlijk nergens meer bij hoort en daarom alleen VN-bestuurder Bernard Kouchner naar Zagreb mag sturen en waar nog geen sprake is van de beëindiging van etnisch en politiek geweld.

Toch zijn de verwachtingen van de Zagreb-top hoog. Integratie in de EU is de grote lokker. Zonder de steun van het rijke West-Europa blijven de landen van de Balkan overgeleverd aan politieke instabiliteit en armoede. Maar dan moet de EU wel over de brug komen. ,,Als de bijeenkomst in Zagreb een herhaling wordt van de bijeenkomst vorig jaar in Sarajevo toen het Stabiliteitspact werd gelanceerd, wordt het opnieuw een diepe teleurstelling voor de regio'', aldus de Kroatische politieke analist Ivo Banac. Van het Stabiliteitspact voor Zuidoost-Europa is tot nog toe maar heel weinig terecht gekomen. ,,Als we bezig zijn twee soorten Europa te maken, met één groep die eeuwig in de wachtkamer zit, bereik je niks. Dan geef je alleen maar voedsel aan krachten die door middel van geloofwaardige kritiek op de Europese Unie de klok terug proberen te draaien.''