Moord op medewerker van Rugova schrikt Kosovo op

In Priština, de hoofdstad van Kosovo, is gisteren een belangrijke adviseur van de gematigde leider Ibrahim Rugova vermoord. Xhemail Mustafa werd in de kooilift van de flat waar hij woont beschoten door een onbekende; hij werd door twee kogels in het hoofd geraakt en stierf op weg naar het ziekenhuis.

De moord op Mustafa is in Kosovo hard aangekomen: Mustafa is het prominentste slachtoffer van politiek geweld sinds de intocht van de vredesmacht KFOR in de zomer van vorig jaar. Hij was in 1989 mede-oprichter van de Democratische Liga van Kosovo LDK, de belangrijkste politieke partij van de Kosovo-Albanezen die door Rugova wordt geleid. Hij was een van Rugova's belangrijkste adviseurs en na Rugova de bekendste politicus van de LDK en stond daarnaast bekend als schrijver en journalist.

De plaatsvervangende leider van het VN-bestuur in Kosovo, Jack Covey, sprak van ,,een laffe en verachtelijke daad'' en ,,een somber teken voor Kosovo''.

De moord wordt gezien als passend in een patroon van politiek geweld in Kosovo waarvan vooral aanhangers en activisten van de gematigde LDK het slachtoffer zijn. Het geweld is een gevolg van de intense rivaliteit tussen de LDK enerzijds en de opvolgingspartijen van het vroegere Kosovo Bevrijdingsleger UÇK.

In het zuiden van Servië, in het grensgebied met Kosovo, groeit de spanning na de incidenten van eerder deze week, waarbij drie Servische politiemannen werden gedood. In het gebied opereert het `Bevrijdingsleger' UÇPMB, dat is gemodelleerd op het vroeger UÇK, wordt gesteund door separatisten uit Kosovo en aanstuurt op aansluiting van de regio bij Kosovo. De internationale vredesmacht in Kosovo, KFOR, sloot gisteren de weg van Kosovo naar de Zuid-Servische stad Dobrošin af, na eerder vrachtwagens met geüniformeerde strijders en met wapens te hebben onderschept, die vanuit Kosovo op weg waren naar Dobrošin. Joegoslavië heeft ontsteld gereageerd op het oplevend geweld in en rond Dobrošin en een zitting van de Veiligheidsraad van de VN gevraagd. Gisteren werd in Belgrado gemeld dat vierhonderd ,,terroristen'' uit Kosovo in het gebied zijn geïnfiltreerd en dat zij het dorp Konculj en de weg van Konculj naar Bujanovac bezet houden.

KFOR-woordvoerders hebben de Kosovaren gewaarschuwd zich niet te bemoeien met de problemen in en rond Dobrošin. Naar aanleiding van de onderschepping van de manschappen en wapens, eerder deze week, sprak gisteren een KFOR-commandant van ,,een niet geprovoceerd offensief tegen de Serviërs''. ,,We eisen dat het UÇPMB de wapens neerlegt'', aldus de commandant. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Madeleine Albright waarschuwde de Kosovo-Albanezen dat ze met het steunen van de strijd in Zuid-Servië de sympathie van de internationale gemeenschap voor Kosovo ondermijnen.