Meer journalistiek in docu's bepleit

Kees Ryninks, producent van documentaires als Lagrimas negras en De keuken van Kok, treedt op 1 januari in dienst van het Nederlands Fonds voor de Film om twee jaar lang een beleid te ontwikkelen voor de gesubsidieerde documentaire. Gisteren ontvouwde hij in de marge van IDFA enkele van zijn plannen. Ryninks wil de ondersteuning van korte documentaires vergemakkelijken en meer aandacht geven aan `journalistieke documentaires', zoals A Cry from the Grave, het dit jaar met een Oscar onderscheiden One Day in September of de NPS-documentaire Dutch Approach.

Tot nu toe concentreert het Filmfonds zich op louter `creatieve documentaires', maar Ryninks vindt dat het grotendeels met geld uit de kunstbegroting van de rijksoverheid gedoteerde Filmfonds zijn taak zou moeten verruimen. Van de zestien dit jaar door het fonds ondersteunde Nederlandse documentaires zijn er slechts tien beschikbaar op 35mm-filmformaat. De andere zes kunnen alleen op video worden vertoond. Daarom vindt Ryninks dat het Filmfonds de distributie en vertoning zou moeten stimuleren door bij voorbeeld tien filmtheaters een kwalitatief goede videoprojector te schenken, in ruil voor de verplichting minstens een avond in de week Nederlandse documentaires te vertonen.

Sommige aanwezigen, zoals de dit jaar met de speciale juryprijs in Utrecht onderscheiden documentaireproducent Pieter van Huystee, vroegen zich hardop af of deze nieuwe beleidsideeën, die de totstandkoming van televisieachtige documentaires bevorderen, niet ten koste gaan van artistiek werk à la Johan van der Keuken. Ryninks ontkent die bedoeling.

Twee van de in de IDFA-sectie Highlights of the Lowlands in première gaande nieuwe Nederlandse documentaires, toevallig beide over liefde in Rusland, maken de richtingenstrijd een beetje duidelijk. Marijke Jongbloeds Fatal Reaction: Moscow, het slot van een vierluik over de relatieproblemen van hoog opgeleide en carrièregerichte vrouwen in verschillende landen, is zichtbaar op video gedraaid. Het is een amusante, wat oppervlakkige en visueel niet bijzonder interessante verkenning van de strijd der seksen in het post-communistische Moskou. Anderhalf uur lijkt ruim bemeten voor deze kaleidoscoop van pikante verhalen over vrijheid die niet leidt tot geluk.

Het aanzienlijk kortere Na de lente van '68: een kleine liefdesgeschiedenis van Aliona van der Horst maakt dankbaar gebruik van schitterend archiefmateriaal uit de Koude Oorlog: journaalfragmenten van nieuwjaar in Moskou, maar ook beelden van de Maagdenhuisbezetting en korte rokken en lange haren in Amsterdam. Beide kanten van het IJzeren Gordijn, dat de ouders van de regisseur (een Hollandse communist die in Moskou studeerde en een vrouwelijke Russische ingenieur) destijds scheidde, lijken heel ver weg. Het tragische verhaal van deze Pyramus en Thisbe blijkt zelfs verweven met de ruzie tussen de CPN en de CPSU, en had geen gelukkig slot. Van der Horst maakte er een emotionele, betrokken en toch geserreerde film over, vervuld van gefnuikte idealen: tegelijkertijd kleine en grote geschiedenis. Zo'n film verdient een breed publiek en een groot scherm.

    • Hans Beerekamp