Knoflook

Het thema van de avond, gisteren in Felix Meritis aan de Amsterdamse Keizersgracht, was het intellectuele klimaat in Nederland. Wás er wel zoiets als een intellectueel debat? De sprekers klonken niet bepaald optimistisch. We hebben het te goed, vonden de meesten, de welvaart heeft ons inert gemaakt.

,,Het maatschappelijk debat kunt u krijgen, maar dan moet u een recessie voor lief nemen', stelde Maarten Schinkel, redacteur economie van NRC Handelsblad. ,,Als u geen recessie wilt, moet u genoegen nemen met gezapigheid.'

Armoede activeert. Er zit iets in, vrees ik, al ben ik verwend en egoïstisch genoeg om het bij die constatering te laten.

Terwijl de sprekers hun gehoor stevig onder handen namen, werden hun argumenten in de omgeving van mijn zitplaats onbedoeld ondersteund door penetrante golfjes knoflookgeur. Het aroma van de Westerse welvaart. Vroeger at je knoflook vooral in exotische oorden, tegenwoordig moet je niet vreemd opkijken als ook je boerenkool-met-worst ernaar smaakt. Knoflook heerst met ijzeren knoet in het rijk van de smaakpapillen.

Ik herinner me hoe mijn vader huiverde voor de eerste, voorzichtige experimenten van mijn moeder met knoflook. ,,Ik moet vandaag onder de mensen', zei hij dan. Hij beschouwde knoflook als het nekschot voor de beschaafde conversatie.

Daar trekken we ons niets meer van aan. We staan tegen elkaar aan te walmen met knoflookkegels die een stinkdier op de vlucht zouden jagen. Ik heb altijd de neiging om ervoor te bukken, maar dan natuurlijk alleen als ik het zelf niet gebruikt hebt. Zolang knoflooketers onder elkaar zijn, is er niets aan de hand. Vergelijk het met rokers die ook niet terugdeinzen voor elkaars uitwaseming.

In een propvol zaaltje is het nog moeilijker om eraan te ontkomen. Ik zat ingeklemd tussen twee knoflookliefhebbers, die nog maar kort tevoren overvloedig getafeld moesten hebben, gelet op de ongehoorde intensiteit van hun dampen. Ze hadden er kennelijk ook nog een goed wijntje bij gedronken. Dranklucht verliest het van knoflookstank, maar geeft zich niet zonder slag of stoot gewonnen. Het resultaat is een extreem giftig mengsel van geuren, niet zonder ontploffingsgevaar.

Wat mij een beetje hinderde aan mijn knoflookburen, was hun grote waardering voor de teksten die op het podium uitgesproken werden. Steeds als een spreker een verbale opdoffer had uitgedeeld aan het adres van de moderne, zielloze samenleving, veerden zij op en lachten zij hun knoflookgeuren onbekommerd de vrije ruimte in. Daar zat ik, in toenemende staat van bedwelming. Zij beseften niet hoezeer zij de aangevoerde argumenten personifieerden.

Op de terugweg at ik nog snel een worstje in mijn favoriete cafetaria. Altijd lekker. Jammer alleen dat mijn vrouw vroeg: ,,Wat heb je gegeten?'

Een selectie van de columns uit de rubriek `Dag' is onder de titel `Barre dagen' verschenen bij De Bezige Bij, 228 pagina's, ƒ29,90. ISBN 90-234-7031-1.

    • Frits Abrahams