Jamaicaan wil boodschap overbrengen

Zo'n tienduizend afgevaardigden wonen de klimaatconferentie van de VN bij. Een dag in Den Haag van de Jamaicaan Clifford Mahlung.

Om kwart over twee 's middags is het grote moment aangebroken voor de Jamaicaanse afgevaardigde Clifford Mahlung. In de eerste Mesdagzaal moet de 44-jarige meteoroloog uit Kingston op een speciale bijeenkomst over het Caraïbisch gebied een presentatie verzorgen over het klimaat in zijn land, naar aanleiding van een rapport waaraan hij en anderen jaren hebben gewerkt. ,,Doe het wel snel graag, want we hebben weinig tijd'', luidt het weinig opwekkende motto van de voorzitter. Mahlungs voorgangers uit Grenada en Brits Guyana hebben ruimschoots de tijd genomen.

Enthousiast steekt Mahlung, tevens coördinator van het Verbond van Kleine Eilandstaten (AOSIS), niettemin van wal. Hij schuift de ene zwart-witte sheet na de andere onder de overheadprojector. ,,Ik kan er niets van lezen'', bromt een aanwezige achter in de zaal. Mahlung laat zich niet van de wijs brengen en schuift een grafiekje met alarmerend dalende neerslagcijfers op Jamaica op de projector. Bijna buiten adem sluit hij zijn betoog af. ,,Thank you very much'', zegt de voorzitter en er klinkt een bescheiden applausje.

Haastig deelt Mahlung voor het verlaten van de zaal nog exemplaren uit van `Jamaica's First National Communication', de studie van de klimaatproblemen in zijn land waaraan hij zolang heeft gewerkt. Juist wegens dit rapport heeft de 2,5 miljoen inwoners tellende eilandstaat zes mensen afgevaardigd naar de klimaatconferentie van de Verenigde Naties in Den Haag.

Maar tijd om op zijn lauweren te rusten is Mahlung niet gegund. Ook de lunch schiet erbij in. ,,Ik moet snel naar Plenary II'', zegt hij en holt door de lange gangen van het Congrescentrum naar de Van Gogh-zaal, waar een plenaire ontmoeting van de afgevaardigden onder leiding van voorzitter Pronk in volle gang is. Na vluchtig overleg met een collega stormt hij weer naar buiten en rept zich naar de Rembrandtzaal voor een vergadering van de G77, een groep van ruim 130 ontwikkelingslanden. Onderweg schudt hij enkele oude bekenden de hand. Mahlung is een veteraan op klimaatconferenties. Dit is zijn vijfde.

Mahlung heeft dan al een drukke ochtend achter zich. Om 7.00 uur is hij van zijn hotel in Kijkduin met de bus naar het Congrescentrum gekomen. Om 7.45 uur keek hij of er e-mails waren van het vaste overleg van de Caraïbische staten. Dan naar de toespraak tot de plenaire vergadering van de Jamaicaanse vice-premier en delegatieleider Seymour Mullings.

De vergadering van de G77 sleept zich voort tot tegen de avond, waarna die na een korte pauze weer wordt voortgezet.

Voordat hij met de bus naar zijn hotel gaat, checkt hij weer even zijn e-mails. In het hotel kan hij eindelijk eten en hij gaat tegen middernacht slapen. Dat is wat eerder dan de voorgaande dagen. Maar hij kan wat rust uitstekend gebruiken, want vooral de laatste etmalen gaan de onderhandelingen dag en nacht door. ,,Het is wel slopend'', zegt Mahlung, ,,Maar ik vind het niet erg want het gaat om een zeer belangrijke zaak.''

Zaterdagavond vertrekt hij weer, zonder iets van Nederland te hebben gezien. Maar hollend door de gangen van het Congrescentrum heeft hij zich wel vertrouwd kunnen maken met de namen van Nederlands grootste schilders.

    • Floris van Straaten