Geëmotioneerde Simons terug als havenwethouder

Na negen maanden afwezigheid wegens ziekte maakte havenwethouder Hans Simons (PvdA) gisteren een geëmotioneerde comeback in de Rotterdamse raad. Hij gaf een uitvoerige verklaring over het declareren van zijn bestuursuitgaven in de periode 1986-'98 die zijn onderzocht door een raadscommissie (COR) en KPMG-accountants. Op twee oppositiepartijen (Stadspartij en SP) na ging de raad volledig met zijn uitleg akkoord.

`Voluit' erkende Simons dat in 1994 onder zijn leiding door B en W was besloten dat bij het declareren van horeca- en andere uitgaven bonnen moesten worden overlegd en dat hij dat zelf gedurende de daaropvolgende vier jaar voor een totaal van 17.000 gulden – niet had gedaan. `Maar ik ben daar nooit op gewezen', aldus Simons die eraan toevoegde dat hij altijd `fair' omging met gemeenschapsgeld en de meeste bestuurskosten in de horeca en voor zakelijke reizen zelf had betaald van zijn vaste onkostenvergoeding.

Simons stortte in februari in (`burnt out') als gevolg van jarenlang hard werken. Hij gaf de COR vanaf zijn ziekbed een schriftelijke toelichting over zijn horeca-uitgaven die hij met een gemeentelijke creditcard betaalde. De meerderheid van de raad ging daar in maart al mee akkoord. Simons wees er gisteren nog eens op dat tot 1998 binnen het college van B en W de regel gold dat men elkaars bestuursuitgaven vertrouwde en dat de gemeentelijke administratie het ,,zelfs bij nalatigheden niet nodig vond bij ons te informeren''. Hij erkende dat de administratie hem twee keer schriftelijk had gerappelleerd over bepaalde uitgaven. Dat had betrekking op verrekening van voorschotten voor reizen.

Simons acht zich ,,voldoende fit'' om zijn werk als havenwethouder weer op te nemen. De Stadspartij en de SP willen op Simons' verklaring terugkomen bij het debat, begin december, over terugbetaling van zeer beperkte door de gemeente betaalde privé-uitgaven van drie ex-wethouders (Linthorst, Den Dunnen ( beiden PvdA) en Smit (CDA). Het drietal wil niets terugbetalen, omdat hun integriteit zou zijn aangetast. Dat is volgens B en W niet het geval. Het college wil afzien van juridische maatregelen, maar de gemeenteraad lijkt daarover nog verdeeld.