Zeer goedkoop inenten kan veel levens redden

In Noordwijk werd deze week het eerste congres gehouden van GAVI, the Global Alliance for Vaccines and Immunization. Ent ieder kind in, bescherm de toekomst, luidde de slogan.

,,Per jaar gaan in ontwikkelingslanden drie miljoen kinderen dood, terwijl dat absoluut niet nodig is. Met een simpel spuitje kun je het tegengaan.'' Minister Borst (Volksgezondheid) zei het maandag in de pauze van het congres van GAVI, the Global Alliance for Vaccines and Immunization in Noordwijk.

Even eerder had ze, namens haar collega Herfkens (Ontwikkelingssamenwerking), 250 miljoen gulden over een periode van vijf jaar beschikbaar gesteld voor vaccinaties van kinderen aan de organisatie waarvan ze bestuurslid is. ,,Met dat bedrag loopt Nederland royaal voorop – de Verenigde Staten geven jaarlijks vijftig miljoen dollar, Engeland maar zo'n vijf miljoen – maar daar schaam ik me niet voor. Integendeel.''

GAVI is een wereldwijde alliantie waarin behalve organisaties als de wereldgezondheidsorganisatie WHO en Unicef ook de Bill Gates Foundation (genoemd naar de voorman van Microsoft) is vertegenwoordigd. De laatste is begonnen 750 miljoen dollar op tafel te leggen voor het inenten van kinderen uit ontwikkelingslanden. ,,Er is nu dus eindelijk geld'', zegt dr. Rudy Tiesjema van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu.

Was dat geld er vroeger niet?

Tiesjema: ,,Het CVI had te weinig fondsen en er was onderling gekissebis over de vraag wie de leiding had bij de hulpverlening. Het vaccineren had niet al te veel succes.''

Lukt dat recent nu wel?

,,De WHO en UNICEF zorgen er voor dat ontwikkelingslanden hun pasgeboren burgers laten inenten tegen difterie, kinkhoest, tetanus, polio, mazelen en tbc. UNICEF krijgt de vaccins zeer goedkoop – tegen bodemprijzen – van de fabrikanten. Die zien hun medewerking als een stukje moreel besef, maar ze doen het ook voor hun naamsbekendheid. De WHO kan zo voor één dollar de vaccins leveren voor alle zes ziekten.''

Hoeveel kinderen helpen ze?

,,De dekking ligt in veel ontwikkelingslanden op tachtig à negentig procent, soms is ze zelfs hoger dan in de Verenigde Staten. Maar er zijn ook landen waar het dekkingspercentage nog maar dertig is. Het blijft moeilijk de kinderen in de bush bush te bereiken. Zo moet een poliovaccin bij min 20 graden worden vervoerd, wil het goed blijven; veel andere vaccins overleven slechts bij maximaal plus vier graden.''

In tegenstelling tot de rijke landen kunnen de ontwikkelingslanden niet over het vaccin beschikken tegen Haemophilus influenzae (ter voorkoming van hersenvliesontsteking). Dat tegen hepatitis B (geelzucht, leverziekten) is schaars. Volgen die nog?

,,Het is van groot belang dat het vaccin tegen Haemophilus influenzae ook in ontwikkelingslanden wordt gebruikt. Datzelfde geldt voor het vaccin tegen hepatitis B, want die ziekte komt in ontwikkelingslanden meer voor dan in het Westen. Hoe dichter bij de evenaar, hoe vaker hepatitis B. Maar de prijzen van beide vaccins zijn hoog. Samen tien dollar, tien keer zo veel als die van difterie, kinkhoest, tetanus, polio, mazelen en tbc bij elkaar.''

Minister Borst wees er in Noordwijk op dat ontwikkelingslanden alleen geld uit de GAVI-pot krijgen als ze zélf actief zijn. Ze moeten zorgen dat de zuigelingen bereikbaar zijn voor vaccinaties, ze moeten clinics stichten en verpleegkundigen opleiden. Gaat dat nog lukken?

,,Het zal niet eenvoudig zijn in de ontwikkelingslanden voldoende deskundigen op de been te krijgen. De landen waar dat nog niet het geval is, moeten ervoor zorgen dat hun coverage van in te enten kinderen omhoog gaat naar ten minste vijftig procent. Anders zou GAVI kunnen afzien van het verstrekken van het dure vaccin tegen Haemophilis influenzae en hepatitis B.''

China met 20 miljoen geboorten per jaar, India met 25 miljoen en Indonesië met 5 miljoen en andere grote ontwikkelingslanden wensen geen vaccins uit het Westen. Deze landen willen zélf hun vaccins produceren. Hebt u daar begrip voor?

,,Ja. Ze willen de fabricage van eigen DKT-vaccins (difterie, kinkhoest en tetanus) voortzetten. Ze maken en gebruiken óók al het hepatitis B vaccin en betalen dat vooral uit eigen middelen. Maar financiële steun van GAVI is ook daar welkom. Ze vragen nu hulp van het Westen om medicijnen tegen Haemophilus influenzae te kunnen vervaardigen. Er kunnen daarbij problemen ontstaan over patenten, want sommige vaccins zijn gepatenteerd. Wij als RIVM zeggen: laat die Chinezen, Indiërs en Vietnamezen hun eigen vaccins maken. Help ze, duw ze geen Westerse producten door de strot. Geef ze geen vis maar een hengel, en leer ze vissen.''

    • Guido de Vries