Hof Straatsburg buigt zich over hoger beroep Öcalan

Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg heeft zich gisteren gebogen over het beroep van Abdullah Öcalan, de leider van de Koerdische Arbeiderspartij (PKK), tegen de doodstraf die hij door een Turks hof kreeg opgelegd. Gisteren ging het om de ontvankelijkheidsverklaring. Naar verwachting bepaalt het Hof binnen een week of het de zaak in behandeling neemt. Een definitief oordeel zal bij ontvankelijkheid nog maanden op zich laten wachten.

Volgens de Franse politie waren naar schatting 18.000 aanhangers van de PKK naar Straatsburg gekomen om hun steun voor Öcalan te betuigen. ,,Vrijheid voor Öcalan en Vrede voor Koerdistan'', zongen ze, begeleid door traditionele Koerdische muziek. Een pro-Turkse tegendemonstratie `tegen het terrorisme' trok, aldus wederom de Franse politie, ongeveer 2.800 belangstellenden. ,,Als de anderen tegen moordenaars zijn, hoeven ze zich alleen maar bij ons aan te sluiten'', liet een Turkse demonstrant weten.

Binnen de rechtszaal probeerden de juridische vertegenwoordigers van beide kampen de rechters van hun gelijk te overtuigen. Volgens de advocaten van Öcalan heeft de Turkse regering met betrekking tot hun cliënt op ten minste twaalf punten de Europese Conventie voor de Rechten van de Mens geschonden. Zo is, aldus de advocaten, de ,,ontvoering'' van Öcalan uit Kenia vorig jaar onwettig en kreeg Öcalan tijdens zijn proces niet voldoende mogelijkheid om ongestoord met zijn juridische raadgevers van gedachten te wisselen. Kernpunt van hun betoog was evenwel dat de doodstraf tegen Öcalan onacceptabel omdat deze straf geen plaats meer heeft, aldus een van de advocaten, ,,in een democratisch Europa".

De juridische vertegenwoordigers van de Turkse regering, daarentegen, zagen geen enkel probleem in de manier waarop Öcalan van Kenia naar Turkije werd gebracht. Zij noemden deze operatie (waarin volgens de PKK de Verenigde Staten, Turkije en Israel samenspanden) een ,,samenwerking tussen soevereine staten'' en vergeleken deze met de manier waarop de terrorist `Carlos' gezamenlijk door Frankrijk en Soedan aan de Franse justitie was overgedragen. Ook de doodstraf tegen Öcalan is te legitimeren, aldus de advocaten, omdat de Europese Conventie wel degelijk in tijden van oorlog of bijna-oorlog die ultieme sanctie billijkt. In het geval van Öcalan en de PKK was er volgens hen van oorlog wel degelijk van oorlog sprake. De raadsheren onderstreepten overigens dat Turkije ,,niet bang is om de doodstraf af te schaffen'', omdat er sinds 1984 geen enkele terdoodveroordeelde daadwerkelijk is geëxecuteerd.