Hoeder van het trainersgilde

Jaap van der Leck, van 1949 tot 1954 trainer van het Nederlands elftal en daarna vele jaren secretaris-generaal van de trainersvakbond VVON, was een man uit één stuk. Hij overleed op 89-jarige leeftijd in Tilburg. Van der Leck, meestal gekleed in de toen gebruikelijke plusfour, schuwde de strijd niet. Hij droeg de handicap met zich mee zelf nooit prominent te hebben gevoetbald, namelijk in lagere elftallen van het Alphense ARC. Toch waren de technische en tactische kneepjes wel aan hem besteed, wat bleek toen hij trainer was van Feyenoord en De Volewijckers (dat hij kampioen van Nederland maakte).

Een probleem met Jaap van der Leck was wel eens zijn eigengereidheid. Zo herinner ik mij interne competentieverschillen met Karel Lotsy, de toenmalige voorzitter van de KNVB en net als Van der Leck een emotioneel mens. Aan de andere kant trad hij begripvol op tegenover de soms dwarse Fries Abe Lenstra, al heeft Van der Leck niet alle conflicten met Abe in vrede kunnen beslechten. Aan werkijver ontbrak het hem niet. Vaak ging hij met drie voetballen in de trein op zoek naar zijn spelers voor een extra persoonlijke training.

Overigens heeft hij niet kunnen verhinderen dat de resultaten met het Nederlands elftal onder zijn leiding wisselvallig waren. Tegenover ruime nederlagen tegen Belgen, Zweden en Zwitsers stond slechts hier en daar een overwinning. Van der Leck had de pech dat menig Nederlandse topspeler de weg naar het buitenland insloeg en vanwege de amateurbepalingen onbereikbaar werd voor de nationale ploeg. Als vakbondsbestuurder heeft Van der Leck baanbrekend werk verricht. Hij verdedigde de trainers te vuur en te zwaard. Befaamd werd zijn controle op de van trainersactiviteiten verdachte Johan Cruijff, die niet over de vereiste papieren beschikte. Want de argwanende Van der Leck nam geen genoegen met de verklaring van het bestuur van Ajax dat Cruijff zich niet met de training van Ajax bemoeide. Later zou Cruijff dispensatie krijgen van de voetbalbond. De strijdbaarheid heeft Van der Leck nooit verlaten.