Het is niet pluis, diep in het woud

Vijf jonge acteurs (een lesbisch en een heterostel en een ijdel haantje) rijden door een donker bos naar een eng kasteel. De baron heeft hen ontboden voor een privé-voorstelling van Roodkapje, vooral bedoeld voor zijn wat wereldvreemde zoon. Onderweg maakt de autoradio melding van bloedige moorden in de omgeving. Het is niet pluis, diep in het woud.

Het speelfilmdebuut van de 27-jarige Fransman Lionel Delplanque, Promenons-nous dans les bois, dat hier onder de Engelse titel Deep in the Woods verschijnt, kan moeilijk origineel worden genoemd. Delplanque mag dan knipogen naar de formule van Amerikaanse tienerhorror, zijn verhaal wortelt diep in de Europese traditie van wolven, wouden en mysterieuze kasteelheren. De film is een wonderlijke combinatie van zoetige onschuld, die vooral blijkt uit de onverdroten poging om van Roodkapje experimenteel theater te maken, en pittige slachtpartijen in de trant van Dario Argento.

In Frankrijk bleek de film ook aan te slaan bij het soort publiek dat Scream weet te waarderen, maar in dat opzicht zou de kloof met overwegend aan Hollywood blootgestelde jongerenculturen wel eens onoverbrugbaar kunnen blijken. Dan is de coole, over-energieke en metalen stijl van Delplanque's Franse horror-collega Jan Kounen wellicht nog eerder geschikt voor paneuropese consumptie dan deze neo-romantische grand guignol, maar Kounens Dobermann haalde de Nederlandse bioscoop niet eens.

Promenons-nous dans les bois (Deep in the Woods). Regie: Lionel Delplanque. Met: Clotilde Courau, Clément Sibony, Alexia Stresi, Vincent Lecoeur, Maud Buquet, François Berléand, Denis Lavant, Marie Trintignant, Thibault Truffert, Suzanne MacAleese. In: Pathé Arena Amsterdam; Pathé Eindhoven; Pathé Groningen; Pathé Scheveningen.

    • Hans Beerekamp