Egypte roept ambassadeur uit Israël terug

Egypte heeft vandaag zijn ambassadeur uit Israël teruggeroepen onder verwijzing naar ,,de escalatie van Israëlische agressie'' tegen de Palestijnen.

De maatregel, die een verharding van de Egyptische regeringspositie betekent, volgt op Israëlische raketaanvallen op gebouwen van de veiligheidsstructuur van het Palestijnse zelfbestuur van Yasser Arafat en van Al-Fatah in de Gazastrook. De aanvallen waren bedoeld als vergelding voor een Palestijnse aanslag op een schoolbus uit de joodse nederzetting Kfar Drom in de Gazastrook, waarbij gisteren twee doden en negen (zwaar)gewonden vielen.

Volgens Palestijnse bronnen werd bij de enkele uren durende Israëlische aanval, waaraan ook de Israëlische marine deelnam, een Palestijn gedood. Onder de 62 gewonden zijn zeker acht kinderen. Ditmaal kregen de Palestijnen geen waarschuwing over de op handen zijnde actie. De Israëlische helikopters gingen de lucht in nadat het veiligheidskabinet na een felle discussie had besloten de strijd tegen de Palestijnen op te voeren in reactie op de aanslag.

De ministers Shimon Peres en Amnon Lipkin Shahak onthielden zich van stemming over het operationele plan van premier Ehud Barak tegen Arafats veiligheidsstructuur in Gaza terwijl minister Jossi Beilin tegen stemde. De ministers die zich afzetten tegen Baraks politiek argumenteerden dat Israël uiteindelijk geen andere keus heeft dan met de Palestijnen te onderhandelen en het daarom kortzichtig is de veiligheidsbasis van partner Arafat te vernietigen.

De militaire druk op Arafat wordt vandaag opgevolgd met economisch drukmaatregelen en het opdelen van de Gazastrook in segmenten, zodat de kolonisten zich er betrekkelijk veilig kunnen bewegen. De Palestijnen krijgen geen olie en benzine meer uit Israël. In de Gazastrook wonen 6.000 kolonisten temidden van meer dan een miljoen Palestijnen op ten minste een kwart van het land. Een moeder van drie kinderen uit Kfar Drom die gisteren zwaar werden gewond, zei later dat ze daar blijft voor komende generaties. Bij een eerdere aanslag ontsnapten twee van haar kinderen aan de dood.

Jeruzalem stelde Arafat gisteren verantwoordelijk voor de aanslag op de bus. Volgens de Israëlische inlichtingendienst heeft Arafat het licht op groen gezet voor terroristische aanslagen, ook tegen kinderen. De uitgave van een witboek waarin Arafat wordt afgeschilderd als een hoogst onbetrouwbaar individu dat zich niet aan overeenkomsten houdt en nooit terrorisme heeft opgegeven om zijn politieke doeleinden te bereiken begeleidt het Israëlische militaire offensief.

De Palestijnen leggen de Israëlische actie van gisteren als een oorlogsdaad uit. ,,Israël heeft de oorlog verklaard aan het Palestijnse gezag'', zei gisteren de Palestijnse minister Hanan Asfour. ,,De Israëlische regering is een regering van moordenaars. Israël zal nu zijn doden gaan tellen.''

Ariel Sharon, de leider van de rechtse, oppositionele Likudparij, heeft vanmorgen gezegd dat Israël de Palestijnse leiders die hun handen verheffen tegen kinderen en achter de terreur tegen de wijk Gilo in Jeruzalem staan, moet liquideren. Volgens hem had Barak gisteren al opdracht moeten geven om Mohammed Dahlan, het hoofd van de Palestijnse preventieve veiligheidsdienst, te vermoorden.

Volgens Sharon moet Israël haast maken met het uitroeien van de Palestijnse terreur om te voorkomen dat Arafat internationale bescherming krijgt. Sharon weigerde gisteren in te gaan op een verzoek van Barak zitting te nemen in een noodregering van nationale eenheid.